Opener en titelnummer 'Brother Jones', een nummer over een man die denkt hij de slavernij achter zich gelaten heeft heeft - zie ook de verwijzing naar de katoenplantages op de hoesfoto - maar bedrogen uitkomt, begint als een a capella negro spiritual, maar veranderd dan in een bluesy rootsnummer (het handelsmerk van The High Reeds). Voor 'So Many Roses' gaan The High Reeds dan weer de lovers toer op, 'Be Ruff' is gewoon goede roots en afsluiter 'Adja', een ballade waarin Yaokan, de uit Ivoorkust afkomstige bassist van de band, in het Baule de kwalijke westerse invloed op het Afrikaanse continent bezingt, lijkt wel uit een heel ander album te komen.