
Het is al even geleden dat ik nog zo uitgekeken hebben naar een optreden, maar Fat Freddy's Drop is natuurlijk niet de eerste de beste groep. Het moet ergens in 2009 geweest zijn dat ik vernam dat er in Nieuw-Zeeland ook reggae gemaakt werd. Uitgerekend op deze website verscheen er een verslag van het optreden in Amsterdam dat mijn interesse zodanig wekte dat 'Based on a True Story', het in 2005 verschenen debuutalbum, hier al snel grijsgedraaid werd. Pas vier jaar en nog eens twee albums later was er eindelijk de gelegenheid om deze fascinerende groep ook live aan het werk te zien.
Aanvankelijk leek het erop dat de AB niet volledig zou vollopen, maar al na het eerste nummer waren zowel de zaal als de balkons helemaal gevuld. Het concert was, zoals de gewoonte is in de AB, dan ook stipt om 20u30 begonnen waardoor nogal wat mensen het eerste nummer aan zich moesten laten voorbijgaan. Die opener was, onvermijdelijk, 'Blackbird', het eerste nummer van het gelijkaardige album dat midden dit jaar verschenen is. De intro van het nummer doet mij steeds opnieuw denken aan 'Lamb's Bread Collie' van Light of Saba, de mysterieuze groep rond saxofonist Cedric "Im" Brooks. Net als bij dat nummer uit 1978 begint 'Blackbird' met een eenvoudig nyabinghi ritme met daarover subtiele blazers. In de AB wordt het op die moment muisstil. Plots valt het nyabinghi ritme weg en weerklinkt enkel nog piano. Een eerste rilling gaat door het publiek en als niet veel later de beat en zang invallen staat niemand nog stil. De zachte, melodieuze stem van zanger/gitarist Dallas Tamaira, alias "Joe Dukie" klinkt meteen heel vertrouwd in de oren en gaat geen seconde vervelen. Al bij dit eerste nummer valt ons op dat de drie blazers (trompet, saxofoon en trombone) live nog veel meer op de voorgrond treden dan op de studioalbums. De solo's zullen ons de komende twee (!) uren om de oren blijven vliegen en op het einde van 'Roady', misschien wel de grootste hit van de Nieuw-Zeelandse groep, kan er zelfs een loeiharde gitaarsolo af die door menig hardrockliefhebber ongetwijfeld op applaus onthaald zou worden.
Want ook dat is Fat Freddy's Drop: een combinatie van verschillende muziekstijlen, vaak zelfs binnen één en hetzelfde nummer. Zo ging, het op een slome beat voortdrijvende, 'Russia' op het einde haast ongemerkt over in een opzwepende ska en in 'Silver and Gold' volgden de tempowisselingen zichzelf nog sneller op. 'When I Open My Eyes' was, met zijn soulachtige groove, misschien wel één van de rustigste nummers van de set. Enkel gitaar, keys, zang en uiteraard Chris Faiumu, het kloppende hart van de groep, achter de MPC. Al bleef het ook deze keer geen volledig nummer rustig. Na een vijftal minuten verschenen plots de drie blazers weer op het podium en zo kreeg ook dit nummer toch nog een mooi hoogtepunt mee.
De groep zal overigens gedurende de volledige show blijven toewerken naar zulke climaxen, maar ook anticlimaxen, zoals in het rustig voortkabbelende 'Soldier', een nummer waarvoor zelfs de tuba bovengehaald werd. Steeds weer opnieuw lijkt het nummer los te gaan barsten om dan terug te vervallen in hetzelfde ritme terwijl Chris Faiumu (DJ Fitchie) wonderen blijft verrichten achter de knoppen en het optreden enkele dimensies extra meegeeft.
Daarna laat de groep het tempo echter niet meer naar beneden zakken en met 'Mother Mother' wordt een tranceachtige groove ingezet die na tien minuten overgaat in onvervalste techno en nog eens evenveel minuten later eindigt in rauwe funk waarin de blazers de ene solo na de andere laten horen terwijl Joe Dukie zijn eigen stem door de loopmachine haalt. Ondertussen heeft de trombonist alle gêne laten varen en brengt hij zijn 'beste' dance moves ten berde (denk daarbij gerust aan de hilarische 'What is love' sketch met Jim Carrey). Het applaus na afloop was overweldigend, maar verviel in het niets bij het oorverdovende gejoel na afsluiter 'Shiverman'. Overigens meteen het enige nummer van het tweede studioalbum 'Dr. Boondigga & The Big BW' dat we in Brussel zouden te horen krijgen. Ook nu weer was er die superlange opbouw naar een gigantische apotheose waarbij het maar na enkele minuten duidelijk werd welk nummer de groep nu eigenlijk aan het spelen was. Het lijkt wel een roes waaruit je ontwaakt wanneer zo'n nummer alsnog beëindigd wordt. Na het uiterst dansbare 'Shiverman' kwam er jammer genoeg geen bisnummer meer. De groep had er nochtans wel zin in, maar zoals zo vaak liet het strakke tijdschema van de AB dit niet meer toe.
Was er dan werkelijk niets slecht aan dit optreden? Toch wel. Zo vonden wij de raps van de "8e Freddy"; MC Slave tijdens 'Russia' en 'Roady' maar middelmatig. En uiteraard hadden wij nummers als 'Pull The Catch', 'Breakthrough' en 'Midnight Marauders' heel graag eens live gehoord. Next time!