Reggae.be
Garance Festival 2013: 4 dagen reggae onder de zon
Event ReportJul 29, 2013

Garance Festival 2013: 4 dagen reggae onder de zon

By Visionz/Jah Shakespear/Irie Nation/Nouty Boy

Het waren weer vier zalige dagen in Kingston-sur-Cèze, zoals het Zuid-Franse stadje Bagnol-sur-Cèze tijdens het Reggae Garance Festival genoemd wordt. Tropische temperaturen, rainbow people en uiteraard een hele resem straffe (en minder straffe) shows.

Zaterdagnacht, 1 uur. Backstage geeft Sizzla een persconferentie. Minstens 30 journalisten vergapen zich aan de ster zonder een vraag te stellen. De helft van hen registreert het gebeuren met een videocamera of gsm. Zo gaat het bijna altijd op die persconferenties maar gelukkig zijn er nog de reporters van Reggae.be, als we even zo onbescheiden mogen zijn. Zonder hen zouden de anderen amper materiaal hebben.

Maar genoeg over onszelf. Of toch niet helemaal. Sizzla had zonet zijn eerste show in lange tijd gegeven op Europese bodem en de meningen in ons team waren verdeeld. Visionz gewaagt van 'het meest bizarre reggaeoptreden ooit'. Dat Sizzla het grootste deel van het werk aan zijn band en het publiek overliet, vond hij maar niks, en met hem vele anderen. 'Mij irriteerde zijn eindeloze publieksspelletjes mateloos en toen hij ontdekte dat hij een ritme kon creëren door zijn microfoon voor de monitor te houden, begon ik echt te vermoeden dat hij aan één of andere minder ital substantie zat.' Maar het kan ook de vermoeidheid geweest zijn, geeft Visionz toe.

Vermoeidheid had Jah Shakespear ertoe gebracht om het concert backstage te volgen, maar wel met vol uitzicht op het podium, amper 10 meter verder. Hij heeft wel genoten van Sizzla, van de krachtige boodschappen en de vernieuwende sound, inderdaad nog fragmentarischer dan sommige dancehall acts, met nog meer stops en pull-ups en call & response, maar net daardoor ook zeer vitaal en opwindend. Sizzla was niet gekomen om zijn greatest hits te brengen maar het publiek te overrompelen met brimstone & fire, met zijn eigen interpretatie van de roep om rechtvaardigheid en respect voor Haile Selassie. Sizzla Kalonji gaf JS geen kippenvel maar wel een hernieuwd geloof in zijn talent en energie. Hoog, laag, snel, traag, zang, rap, freestyle, spelend met zijn eigen teksten, alles in naam van de Allerhoogste, Jah Ras Tafari. Met dank aan de Firehouse crew 'van Luciano' (zoals hij er zelf attent aan toevoegde.) Die zette voor Sizzla een eigentijdse, veelzijdige sound neer, het eerste deel overwegend harde ragga beats, daarna de foundation riddims (Drum song, Sata, Queen Majesty, Cuss cuss...), zij het soms bijna onherkenbaar opgepimpt en verbasterd. 'Praise ye Jah' zette het park in brand, 'Thank you mama' kreeg het even stil. De meningen waren verdeeld dus.

Hoe begint zo'n vierdaagse in Bagnol-sur-Cèze? Bij het binnenrijden valt telkens meteen op hoezeer het stadje meeleeft. In zo goed als elke etalage ligt wel iets rood-geel-groen: bij de bakker ontbijtkoeken met driekleurig glazuur, elders rode, gele en groene handdoeken, t-shirts, broeken… Overal affiches van de vorige edities van Garance/Ja'Sound.  In de vele cafés, bar tabacs en eetzaken weergalmt luide reggae, dub of dancehall door de boxen. Verspreid over de binnenstad staan kleinere podiums waar lokale reggaebands het beste van zichzelf geven. 

Toegegeven: de organisatie van Garance laat af en toe te wensen over.  Zo was de toegang tot de camping dit jaar redelijk problematisch. Enkel mensen met een bandje voor 4 dagen mochten op de camping, maar dit bandje diende je dan weer op een totaal andere plaats te gaan halen, iets wat op voorhand amper gecommuniceerd werd. Ook de afzegging van Ini Kamoze werd pas de dag zelf gecommuniceerd terwijl wij 2 weken geleden al wisten dat zijn Europese tour geannuleerd was. Maar dat laat de gemiddelde festivalbezoeker allemaal niet aan zijn of haar hart komen. Er is immers ook nog de Cèze zelf, een rivier die bijna letterlijk doorheen de camping stroomt en een welgekomen afkoeling biedt tijdens de broeiend hete dagen. Overal staan geïmproviseerde hutjes van bamboe en bladeren. Een dikke ganjamist en de geur van lekker eten vermengen zich boven het water.

Op het festivalterrein zelf was het dit jaar wel heel druk. Er was nog nauwelijks een zitplaatsje te vinden, aan de main stage noch in de Dub Station Corner, en op de markt annex eetstandjes kon je na 9 uur over de koppen lopen. De prijs voor de lekkerste en meest voedzame maaltijden gaat naar de Indian Cuisine. Vier keer een andere dagschotel, vier keer een hele avond op kunnen feesten.

Dag 1

Op de eerste dag van Garance waren er dit jaar voor het eerst geen live optredens op het hoofdpodium. Een flinke besparing voor de organisatie, want er was evenveel volk en niemand klaagde. Wij ook niet trouwens. De eerste uren van het festival hebben wij doorgebracht bij King Earthquake en Iration Steppers. Strictly foundation music, veel Dennis Brown en Augstus Pablo. Wat ons betreft een ideale binnenkomer (als er dan toch geen artiesten op de main stage stonden).

In de Dub Station Corner speelde later op de avond (en voor een immense massa volk) het uit Marseille afkomstige dj/producerscollectief Chinese Man. Hun muziek is opgebouwd rond samples die de mensen meeneemt op een reis rond de wereld. Live worden ze bovendien bijgestaan door enkele uitstekende MC's en een trombonist. Jammer genoeg speelden ze op de sound van Blackboard Jungle, die niet echt afgestemd leek op deze muziek.  De MC's kwamen vaak amper boven de bassen uit. Maar 'Skank in the Air', gecreëerd rond de melodie van 'Mr. Bassie' en de baslijn van Dead Prez' 'Hip hop' deed de grond wel daveren. Live ging het nummer over in een snelle jungle versie en uiteindelijk in het origineel van Dead Prez. Dit terwijl op het grote scherm achter de dj's, net als bij de overige nummers, animaties het geheel net dat ietsje meer gaven.

Dag 2

De tweede dag bracht nog meer hitte en ook de eerste 'echte' live optredens.  De Kaapverdische zangeres Mo'Kalamity mocht de festiviteiten openen, en ze deed dat met stijl, een beetje Jah9 style zelfs, ware het niet dat deze dame al 10 jaar bezig is. Een eerste suprise.

Lloyd Parks en zijn We The People band backten net als vorig jaar verschillende acts. Voor de nog immer zoetgevooisde falsetto van Cornell Campbell kwam niet de grote massa opdagen, dus wij konden voluit genieten op een paar meter van het podium. 'Rope In', 'Boxer', 'Queen of the Minstrels', 'Star', 'Jah Jah me no born yah'...:  hoeveel hits kun je in één set proppen? En Campbell had zo nog een uur kunnen doorgaan. Wel jammer dat hij nauwelijks gerepeteerd had met de band, en al helemaal niet met de blazers.

Don Carlos trad zowaar aan met Sly & Robbie, wat een heel ander concert opleverde dan met zijn eigen band Dub Vision. De riddim twins bepaalden welke riddims er gespeeld werden, Carlos vulde in. Hij moest zich dus noodgedwongen beperken tot de enkele versions die hij gemaakt heeft, zijn grootste eigen tunes kwamen niet aan bod. Ook deze heren leken maar weinig gerepeteerd te hebben, en Sly moest zich op syndrums laten bijstaan door saxofonist Stepper, sinds enige tijd vast aan de band verbonden. Robbie amuseerde zich met jazzy uitstapjes op bas. Niet echt een evenwichtige set dus maar wel klassieke riddims natuurlijk, en die zijn altijd goed voor de sfeer.

Het ging er al heel wat steviger aan toe met Konshens en de Franse Dub Akom band. De groep speelde strak, de show was energiek, maar Konshens zelf schoot vocaal te kort om het boeiend te houden.  Waarom hij trouwens een opgenomen stuk 'Bumaye' in zijn set stak, is ons een raadsel.

In de Dub Station Corner werden een paar tientallen mensen in trance gebracht door Unitone Soundimensional, de sound van overlever en rastaman pur sang Ruben Addis. Met drie, vier tunes vulde hij algauw een uur, de 12" version plus de lange dub op de achterkant, die stijl. Over die dubs strooide Addis kwistig wisdom & knowledge & praises to His Majesty. Het kleine, oude mannetje had ons helemaal in de ban met muziek die we nog nooit gehoord hadden en vibes die we nergens anders hebben ervaren. Mystic.

De strafste band op het podium donderdagavond was (surprise 2)  Inner Circle. Eerder pop dan reggae, jazeker ('skihutreggae' volgens de Nederlandse vrienden), en van het beloofde eerbetoon aan Jacob Miller kwam niet echt veel in huis. 'Baldhead rasta', 'Tired fe lick weed ina bush' en het fantastische 'Forward Jah Jah Children': daar moesten we het zowat mee doen. Na die laatste tune kwam Addis Pablo, zoon van, een verre versie van 'Java' blazen op zijn melodica. Een gemiste kans want in 'Forward...' zat destijds een heerlijke solo. En meer was het ook niet. 1 nummer: moet die jongen daarvoor uit Jamaica komen?

Voor de rest serveerde Inner Circle een redelijk spectaculaire potpourri van hun grootste hits ('We a rockers', 'Bad boys', 'Lalala long') en flarden hits van anderen ('One draw', 'Games people play'). Amerikaans, party music, publieksmennerij: het zal allemaal wel zijn maar dat de broers Lewis na 35 jaar nog altijd een voortreffelijke band leiden, hebben weinigen hen nagedaan.

Afsluiter van deze tweede dag was Ky-mani Marley. die zijn sterke eigen songs afwisselde met sterke covers van zijn vader. Wij nthouden vooral 'Hustler', 'Rasta Love' en het bombastische 'Armed & Dangerous' waarbij Ky-mani Marley zich liet bijstaan door zijn rappende zoon KJ. Is Ky-mani de meest diverse van alle Marleys? Hij heeft in elk geval zijn eigen weg gevolgd zonder zijn roots te vergeten. Nooit gedacht nog een Marley te kunnen 'ontdekken'.   

Dag 3

Andermaal vroeg op post voor The Tamlins, een van de zuiverst zingende vocale trio's die Jamaica ooit gekend heeft. We The People klonk een stuk hechter dan de dag voordien, en opnieuw kregen we hit after hit te horen. Veel soul uit de jaren 60 en 70 in een lekkere uptempo rockers stijl, 'Love and hate' van Dennis Brown, Equal Rights van Peter Tosh en uiteraard hun grootste hit (destijds met Sly & Robbie) 'Baltimore', met Junior Moore als lead vocal. De meeste andere songs werden gezongen door Derek Lara, met een zo mogelijk nog mooiere falsetto dan Cornell Campbell, en een enkele keer Carlton Smith. Nog nooit live gezien, onweerstaanbaar in de documentaire 'Rocksteady': The Tamlins was voor sommigen een van de hoofdredenen om naar Garance te gaan. Ze hebben er geen spijt van gehad.

Nog een generatie ouder dan The Tamlins: Stranger Cole. Een goeie stem heeft deze pionier al lang niet meer maar zijn vitaliteit en klassieke repertoire ('Bangarang', 'Artibella', 'Rough and tough', 'Stop crying'...) zogen ons toch weer naar de voorste rijen. Coles cover van 'Conquer me' maakte meteen de hele avond goed. Nooit zo luid om een rewind geschreeuwd. Blij dat ik deze man nog gezien heb, nog vol levenslust (zoals hij zelf telkens benadrukte: 'More life!'). 'Olé' zei hij na elke tune. Give thanks, Stranger Cole. The good you do will live after you.

In de Dub Station Corner begon King Jammy's zijn set met nieuwe versions (ondermeer van Chronixx) van oude Black Uhuru-krakers, uit de door toen nog Prince Jammy geproduceerde eerste plaat. Echt magisch werd toen diep in de nacht Lone Ranger en Johnny Osbourne hun opwachting maakten en oude dub plates een heel nieuw elan wisten te geven. De twee hadden de dag voordien Ini Kamoze vervangen, begeleid door We The People, met een bijna identieke set als vorig jaar.

Het Franse Dub Inc. speelde een thuismatch en liet het terrein voor het hoofdpodium al vroeg helemaal vol lopen. De opzwepende muziek en de zware stem van Aurelien Komlan Zohou (Benin) in combinatie met het melodieuze geluid van Algerijnse Hakim 'Bouchkour' Meridja komen samen in een mooie, rijke sound. De set varieerde van reggae met een snuifje raï tot stevige dancehall, maar altijd stond de boodschap centraal. De massa zong de teksten letter voor letter mee en de groep slaagde er zelfs in om de tienduizenden mensen voor het podium te laten zitten en weer rechtveren. Voor de eerste keer begreep het publiek dan ook effectief wat er verwacht werd.  Andere zangers/groepen probeerden tevergeefs maar stootten al snel op een enorme taalbarrière. Zelfs de communicatie met de technici van dienst verliep bij momenten stroef. Zo vroeg Konshens de dag voordien nog meerdere keren om de lichten te doven op het podium. Tevergeefs. De meeste Franse spreken nog altijd alleen maar Frans.

Van Steel Pulse onthouden we vooral dat het één van de betere optredens was dat we de laatste jaren van ze zagen.  De groep lijkt nu eindelijk de ideale mix gevonden te hebben tussen hun oude en nieuwe sound. 

Busy Signal gaf op Garance één van de, misschien wel hét strafste dancehall optredens die we ooit zagen. Oneindig veel beter dan de set op sound enkele jaren geleden in de Bounce tent op Reggae Geel, en zelfs dan de toch uitmuntende show in Gent eerder dit jaar. De High Voltage band speelde de stevige riddims superstrak en ook Busy Signal zelf deed de moeite om zijn nummer volledig uit te zingen, woord voor woord. Daar kan Sizzla nog een puntje aan kan zuigen.  In het midden van de show zat een mooi rootssegment met enkele nummers van 'Reggae Music Again', maar het was toch vooral dancehall dat de toon aangaf (met zowaar een stukje 'Für Elise' op gitaar).  Hoogtepunten: de indrukwekkende versie van 'There are the days' en 'Bumaye', dat het park Arthur Rimbaud zowat deed ontploffen. 

Van de redactie hebben alleen Visionz en Irie Nation Everton Blender gezien, dus u zult hen moeten geloven als hij zegt dat niemand dit jaar meer indruk heeft gemaakt op Garance. De zanger kwam op in een wit gewaad, staf in de hand, vergezeld door een vendelzwaaier. Backingband van dienst was wederom We The People maar Everton Blender had ook zijn eigen zangeressen bij. En zijn geweldige, sterke stem natuurlijk, zoals vooral mocht blijken in enkele acapella's. Toen zijn stem zo luid en puur door het park galmde, beleefde Visionz zijn eerste kippenvelmoment. De songs van Everton Blender zijn roots/dancehallsongs met een boodschap en staan misschien nog het dichtst bij de muziek van Garnett Silk. Raar genoeg doet de naam bij weinig mensen een belletje rinkelen en ook songs als 'Bob Marley', 'Blend Dem', 'World Corruption' en het indrukwekkende 'Just A Come' kregen weinig respons. Pas bij 'Ghetto People Song' (waarbij de vendelzwaaier maar heen en weer bleef rennen voor het podium met zijn vlaggen hoog in de lucht gestoken) en 'Lift Up Your Head' leken de aanwezigen te beseffen wie er op het podium stond. Wat Visionz betreft mag deze Everton Blender volgend jaar Reggae Geel afsluiten. Maar dan wel genoeg tijd geven: het strakke tijdschema liet zelfs geen bisnummers meer toe. 

Dag 4

En ja hoor: alleen de fans zijn al present wanneer John Holt om half acht aan zijn concert begint, zoals de meeste mensen ook de vorige dagen pas tegen het donker aan afzakten naar het grote podium. Het was een heel andere set dan vorig jaar op Reggae Geel (en ook Garance), met een hoop covers waar alleen Holt mee wegkomt: 'Never never never', 'Help me make it through the night,' If I were a carpenter'... In het tweede deel focuste Holt op zijn eigen nummers: 'Ali Baba', 'Stealin' stealin', 'Love I can feel', 'Tide is high', 'Police in helicopter', 'Wear you to the ball'... Heerlijke selectie, een van de grote stemmen van Jamaica en We The People in topvorm.

En toen was het tijd voor de familie Perry. Voor het eerst samen op een podium in Gent (kort) en vorig jaar op Couleur Café (met Adrian Sherwood) hebben Lee en Omar een mooi evenwicht gevonden tussen de klassiekers van pa en het nieuwe werk van zoonlief. Scratch, bordeaux ensemble met geassorteerde rosse baard) orakelde als vanouds over enkele tunes van Bob Marley ('Punky reggae party', 'Sun is shining'), Max Romeo's 'War ina Babylon' en zijn eigen 'Soul fire' en 'Big neck police'. De Homegrown Band van Stepper (zie Sly & Robbie, hier ook schitterend op melodica) zette geloofwaardige uitvoeringen neer van al die grote songs. Man, wat is die band gegroeid. Heel even mocht ook de derde generatie Perry komen opdraven, twee dochters van Omar, om het refrein van 'No no no' mee te zingen. Hoefde niet, was wel lief.

Mykal Rose mocht deze editie van Garance afsluiten, gebackt door Sly & Robbie. Een impressie volgt later.
Het was misschien niet de beste Garance, wel de warmste en de meest gevarieerde. De grote namen ontgoochelden (met uitzondering van Dub Inc), de 'kleine' namen verrasten. Maar daar maalde in Kingston-sur-Cèze niemand om, op een paar Belgische reporters na.

 

Garance Festival 2013: 4 dagen reggae onder de zon

About the Author

Visionz/Jah Shakespear/Irie Nation/Nouty Boy

Genres

DubRootsReggaeNew Roots

Published

Jul 29, 2013