
Alpha Boys School, Studio One, Mystic Revelation of Rastafari, Light of Saba en (op latere leeftijd) The Skatalites: wie zulke referenties kan voorleggen, behoort zonder twijfel tot de founding fathers van de reggae. Na Tommy McCook en Roland Alphonso is nu ook de derde meestersaxofonist van die pioniersgeneratie ons ontvallen.
In de soundtrack van mijn leven is Cedric 'Im' Brooks altijd een vaste waarde geweest. Hij was er zelfs bij toen ik in een ver verleden trouwde voor de kerk. We mochten van pater Luc Versteylen zelf onze muziek meebrengen, begin jaren '80 nog heel ongebruikelijk, en voor het moment suprême hadden we 'Father Forgive' uitgekozen. Het nummer, een version van 'Declaration of rights' (The Abbyssinians), stond op 'Im flash forward', de enige echte soloplaat van Brooks, op Studio One. Instrumentale muziek (geen dub) had toen nog een volwaardige plaats in de reggae, en niemand bespeelde de saxofoon (en de fluit!) zo gevoelvol als Cedric Brooks. McCook blies melodieuzer, Alphonso ritmischer. Ook in de sprankelende duetten met trompettist David Madden, verzameld op de LP 'Money Maker', gaf Brooks de klassieke Studio One riddims een heel nieuwe kleur en invulling.
In de jaren '70 speelde Cedric Brooks een hoofdrol in twee van de cultureel en historisch belangrijkste gezelschappen die Jamaica ooit gekend heeft: met Count Ossie in Mystic Revelation of Rastafari en als dirigent van Light of Saba. Beide groepen grepen terug naar oude folk en jazz en verweefden die met reggae en nyabinghi, maar ook met soul en afrofunk. Authenticiteit, originaliteit en muzikaal vakmanschap stonden voorop. De solo's en melodielijnen van (arrangeur en componist) Brooks doorstonden moeiteloos de vergelijking met het werk van de grootste jazzsaxofonisten. Als iemand rastafari ooit de muzikale eer betoond heeft die het verdient, dan wel Cedric 'Im' Brooks, niet toevallig mede-auteur van het anthem 'So long rastafari calling'.
Met de plaat 'From mento to reggae to third world music' zette Light of Saba mij destijds ook op het spoor van de prehistorie van de reggae, en van de connecties met andere 'wereldmuziek'. In 2003 heeft Honest Jon's een mooie compilatie uitgebracht van Cedric Brooks & Light of Saba. Verplichte kost voor wie zich wil verdiepen in de culturele erfenis van Jamaica en rastafari.
In de jaren '80 en '90 werkte Brooks vooral als sessiemuzikant in de Verenigde Staten, onder meer met gewezen orkestleider Carlos Malcolm. Af en toe speelde hij een dub in, vaak op het toen erg populaire 12" formaat. Ik herinner mij een superbe maxi van Sugar Minott, 'Dem nuh know it like me', met een nog straffere version op saxofoon er achteraan. Geheel buiten ons gezichtsveld werkte Cedric Brooks in Amerika ook mee aan 24(!) releases van het 20-koppige ska- en mento-orkest Zimbobway's King Kingston Orchestra.
Na de dood van Roland Alphonso (1999) belandde Brooks bij The Skatalites, en was hij eindelijk ook te zien op de Europese podia. Op de meest recente platen van The Skatalites is het geluid van zijn saxofoon ook prominent aanwezig. Brooks was een van de laatste der Mohikanen, de laatste nog overlevende saxofonist uit de glorieperiode van The Skatalites, ook al was hij er vroeger nooit bij geweest.
Cedric Brooks was de Dean Frazer van zijn generatie, een briljante saxofonist maar ook een lichtend voorbeeld als producer en arrangeur, een man die zijn discipelen en de hele Jamaicaanse muziektraditie naar een hoger niveau heeft getild.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
May 04, 2013