
Van de Black Ark naar de Lost Ark, door de poorten van tijd en ruimte, komt Congo Ashanti Roy tot ons met een prachtige nieuwe plaat. Opgenomen in Beljam en Jamaica, geproduceerd door Poddington 'Puraman' Krank en Congo zelf, verrijkt met bijdrages van Horsemouth, Earl Chinna Smith, GT Moore en Erick Judah. En een hoes als een kunstwerk.
Juli 2011. In Portmore, Jamaica, ontvangt Roydel 'Congo Ashanti Roy' Johnson eindelijk het pakketje dat Bregt 'Puraman' De Boever hem enkele weken voordien heeft opgestuurd. Het is de (vinyl)plaat 'We nah give up' die hij samen met de andere Congos zelf heeft opgenomen in de Lost Ark Studio van Puraman a.k.a. Braithe in Mare-Altar, zoals de Jamaicanen Sint-Maria-Aalter noemen. Eerst ziet Shanti de hoes, en die maakt hem zielsgelukkig. Hij weet dat Bregt een kunstenaar is, niet alleen in de studio als producer en op het podium als muzikant maar ook als schilder. Dan luistert hij naar de plaat en wordt zijn geluk nog intenser. Hij beseft dat 'Heart of the Congos' na 34 jaar eindelijk een evenwaardige opvolger heeft. Toen was er magie in de Black Ark van Lee Perry, nu gloeit de natuurlijke mystiek in de Lost Ark van Pura Vida.
Zonder Shanti zou die plaat er nooit gekomen zijn. Bregt is goed bevriend met de vier Congos maar het was Shanti die hem onder zijn vleugels heeft genomen, en bij wie hij in Jamaica kon logeren. Twee soulmates die elkaar ontmoeten in het tijdloze continuüm van de reggae, de ene 30 jaar ouder dan de andere, de ene geworteld in Jamaica en rastafari, de andere in de Vlaamse klei en een universele spiritualiteit.
Shanti en Puraman begonnen muziek uit te wisselen. Riddims, melodieën, lyrics, soms door de telefoon, anders via internet. Bregts broer Maarten engageerde zich om Congo Ashanti Roy naar België te halen voor opnames en mogelijk enkele optredens met Pura Vida. 'Zonder mijn broer zou ik een vogel voor de kat zijn,' zegt Bregt. 'Hij regelt voor mij alle administratie, boekingen, contacten… En hij kon al meteen in gang schieten. Nooit geweten dat het zo moeilijk zou zijn om iemand uit de Derde Wereld naar Europa te halen. Visa, tickets, borgstelling, inkomsten, een hoop geld op je bankrekening, fiscale attesten: ik ben en denk veel te chaotisch om dat zelf allemaal te regelen. Het heeft er ook tot de laatste dag om gespannen. Gelukkig is Shanti heel hartelijk ontvangen op de Belgische ambassade. Maar dan nog waren we pas gerust toen hij ons belde om te zeggen dat hij op het vliegtuig stapte.'
Ook The Congos hebben een manager: Okeiliah Williams, sinds september van dit jaar de vrouw van Harrisson 'Professor' Stafford. Het is een kleine wereld, de reggae, waarin de mystic telkens weer de juiste mensen bij elkaar lijkt te brengen.
Het was steenkoud toen Congo Ashanti Roy in februari in Brussel arriveerde. Er lag al weken sneeuw. In de Lost Ark Studio brandde maar één schamel vuurtje. En toch (of misschien juist daarom) wilde Shanti meteen aan de slag. Rond vier uur 's nachts aangekomen in Sint-Maria-Aalter zat hij om zes uur al in de studio om een nieuwe riddim in te zingen die hij in Jamaica gemaakt had. Een paar uur later kreeg het nijvere duo het gezelschap van de overige muzikanten van Pura Vida, fit & ready om die eerste tune verder in te kleuren en af te werken.
Het toeval wil dat de Lost Ark net in die periode flink werd uitgebreid en verbouwd. Congo Ashanti Roy was de eerste artiest die gebruik kon maken van de nieuwe ruimte en mogelijkheden. Dagen en nachten heeft hij daar gezeten, samen met Poddington Krank (Braithe/Puraman de producer), als in een trance werkend aan dit album. Pura Vida was altijd in de buurt, sommige licks en vocals zijn later bijgevoegd in de Lions Den Studio, JA, en Earl 'Chinna' Smith speelt een deuntje mee. Horsemouth heeft een paar drumpartijen gecreëerd, en in het koortje horen we zowaar G.T. Moore, Erick Judah en Mrs. Puraman, Nina Schelfthout. Maar 'Hard road' is toch vooral een plaat van Bregt en Shanti, zoals 'Nah give up' onmiskenbaar de voltallige Congos samenbracht met de rastaman van Sint-Maria-Aalter.
Oktober 2012. Een trip naar de Lost Ark is altijd een beetje mystic. Weg van de autoweg, door dorpen, bossen en weilanden, arriveer je in een verlaten dorpje. Hier betrekken Bregt, Nina en de kleine Johanna een wonderbaarlijke woning, met aan de voorkant een wijds uitzicht over het Aalterse landschap en een tiental kamers verdeeld over twee verdiepingen. Alle ruimtes ademen kunst. Aan de muren hangen schilderijen, de studio is het centrale gedeelte. Ik kom hier vandaag mijn exemplaar halen van 'Hard road'. Voor een kunstwerk moet je iets over hebben.
Ook deze (vinyl)plaat zit verpakt in een prachtige hoes, gedomineerd door de reproductie van een schilderij dat Bregt zelf gemaakt heeft, en dat nu in de studio hangt, naast het intrigerende doek dat de hoes van 'Nah give up' sierde. We zien de twee hoofdrolspelers, afgebeeld in de mystieke organische stijl die de schilder zo eigen is. Het decor is een dromerige expressie van de studio, aan de muur hangt (zoals in de realiteit) het doek van de vorige plaat. Op de achterkant enkele sfeervolle zwart-witfoto's in Jamaica en tijdens de opnames.
De plaat zelf is geperst in dieprood hoogwaardig vinyl, en dat verdient ze ook. 'Hard road' is opnieuw een album dat iedere vergelijking met de Jamaicaanse rootsklassiekers kan doorstaan, met tien sterke songs die ritmisch variëren tussen meditatieve nyahbinghi (de indringende opener 'Only Jah', de spacy afsluiter 'Warrior'), dynamische rockers ('Beware', 'Energy') en vertrouwde one drop ('Unite', 'Home sweet home'). Congo Ashanti Roy heeft de mooie, zuivere stem van de Jamaicaanse sufferer, op het randje van klagen, soms zelfs huilen, maar toch altijd hoopvol gestemd en met veel vertrouwen. Hij zingt verheffende boodschappen over liefde, positief denken en de rocky road die het leven soms kan zijn. Het koortje dat hem begeleidt komt recht uit de rastahemel en klinkt even mooi en indringend als de beste harmonieën van The Congos of The Abbyssinians. En dan hebben we het nog niet over de prachtige blazers, de mondharmonica, de fijne percussie en andere toevoegingen die de muziek perfect op smaak brengen.
Ja, zo goed is ook deze release van L.A.M. (Lost Ark Music), een label dat in de toekomst moet uitgroeien tot een echt kwaliteitsmerk. Na Shanti, The Congos en Horsemouth wil Poddington Krank nog meer Jamaicaanse artiesten naar Sint-Maria-Aalter halen, al is het maar hun stem. Volgend jaar moet een Pura Vida All Stars-album verschijnen, met vertrouwde namen als The Congos en Erick Judah, maar ook met nieuwe tunes van enkele oude Jamaicaanse gloriën die Bregt persoonlijk heeft leren kennen. Remember Hugh Blackwood? De kans is klein. De zanger heeft één tune opgenomen die in geen enkele verzameling ontbreekt, in de Black Ark van Lee Perry: 'Vibrate on', hier vooral bekend geworden in de uitvoering van Dr. Alimantado. Niks meer van gehoord sindsdien (1976!) maar Blackwood blijkt nog altijd een fantastische stem te hebben. De nieuwe nummers die ik in de Lost Ark gehoord heb, zou ik mij in een winkel, op vinyl, meteen aanschaffen. Classic stuff.
En wat te denken van Sylford Walker? Inderdaad, van 'Burn down Babylon' en een handvol andere rootshits uit het begin van de jaren '80. Plots weerklinkt ook zijn stem in de studio van Poddington Krank, en wordt door de vintage apparatuur gestuurd. Mixen doet Krank met een originele Soundcraft Series 1 uit 1974, zoals er ook eentje stond in de Black Ark. Voor de live muziek heeft hij een even beproefde Allen & Heath (1978). Opnemen gebeurt op band, magnetisch dus, en de mastering bij Electropolis, gespecialiseerd in en vooral gepassioneerd door vinyl.
Ik ben nooit in de Black Ark geweest. Toen ik voor de eerste keer in Jamaica kwam, was Lee Perry daar al jarenlang weg, en zijn studio alleen nog maar een vage herinnering. Maar de magie van toen openbaart zich vandaag elders in de wereld, en nergens zo sterk als in de Lost Ark van Pura Vida. We zijn gezegend dat we getuige mogen zijn van deze iration from creation.
Het vinylalbum 'Hard road' is te koop bij Musicmania en Vinylia, of via de site van Lost Ark Music.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Oct 24, 2012