Reggae.be
R.I.P. Purpleman (1962-2020)
Roots & CultureAug 21, 2020

R.I.P. Purpleman (1962-2020)

By Andreas Peeters

Er valt deze week opnieuw een levende legende te betreuren, en wat voor één. Op 58-jarige leeftijd heeft de Jamaicaanse toaster Purpleman het leven gelaten. Purpleman werd in de jaren 1980 bekend als één van de drie albino deejays (de twee anderen waren Yellowman en King Mellow Yellow). De koning van de off-key rub-a-dub werkte sinds enkele jaren aan een comeback, en verbleef in 2018 nog in België tijdens een kleine Europese tournee.

Purpleman werd in 1962 geboren als Anthony Peter Jones in Waterhouse, een ghetto in Kingston dat bekend staat als onuitputtelijke bron van muzikaal talent. De jongen kreeg het al vroeg erg moeilijk, want hij werd achtergelaten in een weeshuis. Bovendien was hij geboren als albino, en kinderen met die pigmentafwijking werden in het Jamaica van de jaren '60 nog met de nek aangekeken. De kleine Anthony had het geluk dat Don Carlos zich over hem ontfermde.

Zijn muzikale reis begon in 1973, toen zijn oom hem meenam naar lokale dances. Op een geïmproviseerd podium van bierkratten begon de 11-jarige ghetto youth het publiek te vermaken. Hoewel hij eerst vooral opviel door zijn uiterlijk, had hij ook onmiskenbaar talent. Tegen het einde van de jaren '70 was hij een vaste klant op Waterhouse dances, als deejay bij King Jammy's, Jack Ruby en Lee's Unlimited. Het heeft echter jaren geduurd voor hij iets kon opnemen, tot hij dankzij Don Carlos wist binnen te geraken bij de studio's.

Purpleman kreeg bekendheid als één van de drie Jamaicaanse albino deejays (de twee anderen waren Yellowman en King Mellow Yellow), al zou hij zijn hele leven in de schaduw blijven van de veel succesvollere Yellowman, met wie hij vaak verward werd. Op zijn laatste plaat, 'The Dancehall General' uit 2018, gaat hij in openingstrack 'Identification' dieper in op die eeuwige verwarring. Nochtans was hij de eerste met de naam Yellow: King Jammy's had hem Peter Yellow gedoopt voor zijn eerste single. In 1982 bracht hij onder die naam de plaat 'Hot' uit. Naar eigen zeggen raadde zijn mentor Nicodemus hem, na drie platen op King Jammy's, aan om zijn naam te veranderen naar Purpleman omdat er "…al te veel Yellow in de business was…". In andere versies van dat verhaal heeft hij de naam vrijwillig afgestaan, omdat Yellowman groot succes kende met de slackness in zijn teksten en Purpleman daar als conscious deejay weigerde in mee te gaan. De naam Purpleman komt van het paarse pak waarmee hij elke zondag in de kerk gospel zong.

Het hoogtepunt van Purpleman's muzikale productie ligt in de vroege jaren '80, met verschillende platen die geproduceerd werden door King Jammy's. Zijn grote doorbraak kwam er met het album 'The Yellow, The Purple, The Nancy', een combo met Yellowman, Fathead en Sister Nancy die uitgebracht werd op Greensleeves. Een tweede samenwerking met Sister Nancy leidde een jaar later tot het album 'Laserbeam'. Wie wil genieten van een heerlijke schijf rub-a-dub moet zeker het album 'Purpleman Saves Papa Tullo In A Dancehall' opzoeken, vol klassieke riddims van The Aggrovators en The Roots Radics. Het hoogtepunt van zijn succes kende hij in de legendarische soundclash 'Shock Of The Century', waarin Arrows, Jammy's, Youth Promotion en Black Scorpio het tegen elkaar opnamen. Purpleman trad er in de ring met deejays zoals Peter Metro, General Tree, Yami Bolo, Tenor Saw en Blacka T en leidde King Jammy's naar de overwinning.

Zijn albinisme zou voor zijn carrière een zegen en een vloek blijken: hij viel op door zijn lichte huidskleur, maar had ook regelmatig gezondheidsproblemen. Die conditie maakte van hem vaak de underdog, waar hij op zakelijk vlak onder heeft geleden. Verschillende bronnen geven aan dat zijn successen in de jaren '80 gevolgd werden door een periode waarin hij het financieel moeilijk had, zoals wel meer gebeurde met sterren die in de jaren '90 bij het grof huisvuil van de studio's werden gezet. Gezondheidsproblemen zouden hem nog vele jaren beletten op te nemen. Het bleef stil tot Purpleman in 2014 een comeback maakte met het album 'Home Once More' op J Island Records. Op zijn recenter materiaal klinkt hij allesbehalve als een uitgeleefde artiest op de retour: zijn deejay skills doen menig hedendaags MC nederig het hoofd buigen. Vooral 'The Dancehall General' uit 2018, een productie van Saunjay Kerr, is zeer de moeite. Toch was zijn comeback geen daverend succes: verschillende shows in Mexico en de VS werden geannuleerd door slechte organisatie.   Twee jaar geleden kwam hij naar Europa voor een kleine tournee, die na twee liveshows met de Greenleaf Band in Stockholm strandde in België. Hij verbleef een maand in Kortrijk, op uitnodiging van het Kortrijkse collectief Marabunta Family (samenwerkingsverband tussen onder andere Youths & Truths, Studio Humble, Rectitude en Likkle Africa). Hoewel Purpleman vergezeld werd door zijn producer/manager Saunjay Kerr (aka. Triple Ace), liet hij alles in België regelen door organisatie Outer Circle. Zo was hij samen met Ras Tinny van de partij op een sessie met Youths & Truths, tijdens een editie van Leaving Babylon in het Landhuis te Gent. Op filmpjes van die avond leek de man aan energie nog niets te hebben ingeboet. Hij speelde ook enkele sets met Marabunta Revolution en deed mee met een kleine streetjam aan Krok Ubuntu. Mogelijk herinnert u zich ook zijn passage in de radioshows Jah Frequency en Back 2 Bass. Dankzij Outtah Circle kon hij naast een resem dubplates ook enkele nummers opnemen met Pura Vida en de Gentse band Soul Wire. Het resultaat van die Gentse samenwerking kan je bekijken op YouTube. Muzikanten die in die periode met hem gejamd hebben beschrijven hem als open, fit, levendig en scherp. Hij was muzikaal erg open en kon op elke soort baslijn toasten.    Op radioshow Back 2 Bass sprak Purpleman zijn teleurstelling uit in de muziekindustrie. Hij beweert verschillende keren opgelicht te zijn, onder andere door King Jammy die buiten zijn weten om twee van zijn albums gereleased heeft en waar hij nooit een cent van heeft gezien. Het is erg moeilijk de waarheid achter zulke uitspraken objectief te verifieren, maar het is duidelijk dat Purpleman aan zijn muziek veel te weinig geld heeft verdiend. Als analfabeet met een zware myopie stond hij niet sterk in een industrie die aan elkaar hangt van de hustlers: zo heeft hij bijvoorbeeld nooit royalty's kunnen innen omdat geen enkel nummer geregistreerd stond onder zijn echte naam. Ook aan zijn Europese tournee heeft hij door zijn frauduleuze manager zelf niets overgehouden. Het is tekenend voor Purpleman dat, hoewel hij aan het einde van zijn leven nog steeds worstelde om rond te komen, reggae voor hem altijd message music is gebleven. Het is duidelijk dat er een groot talent is heen gegaan, voor wie muziek de hoofdreden van zijn bestaan was. Een spiritueel man bovendien, die ook op tournee geregeld naar de kerk bleef gaan.     Purpleman had een hard leven dat in moeilijke omstandigheden ten einde kwam. Op zijn Facebookpagina postte een vriend dat hij op 1 augustus 2020 werd opgenomen in het ziekenhuis met interne bloedingen. Blijkbaar was zijn financiële situatie zo precair dat hij vanuit zijn ziekbed nog steeds de zaken van zijn eigen opnamestudio moest beheren. In het ziekenhuis zou hij besmet zijn met COVID-19, wat hem uiteindelijk fataal geworden is.

Om de begrafeniskosten van Purpleman te dekken werd nu ook een crowdfunding opgestart via GoFundme!

Foto: © Robin Hessels
R.I.P. Purpleman (1962-2020)

About the Author

Andreas Peeters

Genres

RootsRaggaReggae

Published

Aug 21, 2020