
Het is alsof het verhaal gisteren geschreven is. Zo herkenbaar zijn de herinneringen van Ted Bafaloukos, de regisseur van 'Rockers', aan Jamaica en de lokale muziekwereld. 42 jaar na de release van de film is dit de mooiste making of die hij zich wensen kon, in woord én beeld.
Zonder foto's zou dit een boekje zijn van hooguit honderd pagina's. Maar Bafaloukos was een professionele fotograaf, het zou jammer zijn om al dat prachtige beeldmateriaal in de kast te laten liggen. Dus heeft de uitgever er maar meteen een koffietafelboek van gemaakt, of zoals ze in huize Shakespear zeggen: een cannatafelboek. Groot formaat, met stof beklede hardcover, ingelegde lettering: het is van het Reggae Scrapbook van Roger Stephens geleden dat reggae in boekvorm zo goed voor de dag kwam. De lay-out had iets frisser en creatiever gekund maar sluit anderzijds wel mooi aan bij het DIY-karakter van 'Rockers', de film. En waar anders vind je zulke prachtige, grote foto's van Horsemouth, Gregory Isaacs, Big Youth, de vele kleurrijke figuranten en het straatleven in Kingston?
Ted Bafaloukos (1946-2016) is afkomstig van het Griekse eiland Andros. Enkele van de mooiste passages in dit boek gaan over de verwantschap tussen de Griekse en de Jamaicaanse cultuur, in het bijzonder tussen de oude rembetiko-muziek en de reggae, en dus ook tussen hasj in de waterpijpen van de Grieken en de ganja in de spliffs en chillums van de Jamaicanen.
Bafaloukos migreerde op jonge leeftijd naar New York en probeerde daar te overleven als freelancefotograaf. Een journalist van New York Magazine nam hem mee naar een Jamaicaanse club in Brooklyn waar die avond Augustus Pablo zou optreden. Het was een ervaring die zijn leven heeft veranderd, niet alleen door de betoverende muziek maar ook door het Jamaicaanse gezelschap, door de vibes, én door de schoten die hij plots hoorde, een voorproefje van de calamiteiten die hij in Jamaica zou beleven.
Vanaf dan bepaalt de natuurlijke mystiek zijn leven. Hij ontmoet Burning Spear, backstage na een onvergetelijk concert met een all star band. Horsemouth op drums, Dirty Harry op saxofoon: Bafaloukos had meteen zijn hoofdrolspelers gevonden. Opvallende gast in de kleedkamer: Patti Smith, een grote fan van Burning Spear (en misschien nog meer van Tapper Zukie). Op straat kwam Ted toevallig Bob Marley tegen. De foto's die hij nam zijn hem later in Jamaica nog van pas gekomen om hier en daar een deur te openen en hustlers af te schrikken. Hij koesterde vage plannen om een reggaefilm te maken en leerde in de New Yorkse kunstwereld een paar mensen kennen die hem daarbij wilden helpen.
Maar de mystic laat zich pas echt gevoelen als je in Jamaica bent. Bafaloukos' ervaringen op het eiland zijn zo herkenbaar dat je je soms afvraagt of er daar in een halve eeuw dan echt niks veranderd is, in positieve en negatieve zin. Je komt er iedereen tegen die je moet of wil tegenkomen. Je plant er niks maar maakt wel alles mee. Je leeft er op een ander ritme, met een ander tijdsbesef. Maar je moet er ook rekening mee houden dat iedereen op elk moment onverklaarbaar boos kan worden, en dat zelfs je beste 'vrienden' zich plots van je afkeren. Of om (meer) geld vragen natuurlijk. Als witte man ben je per definitie rijk, en een camerateam kan alleen maar betekenen dat je bezig bent aan miljoenenproject voor Hollywood. Heel herkenbaar, als je zelf ooit een film hebt gedraaid in Jamaica. En dan kwamen bij 'Rockers' ook de Spanglers zich nog moeien, de notoire misdaadbende, en een paar dronken flikken.
Het zijn gelukkig toch altijd de positive vibrations die bijblijven, ook in dit boek. De liefde voor Jamaica en de Jamaicanen spat van de pagina's, in woord en beeld. Voor wie de film (liefst vaker) gezien heeft, is het relaas van Bafaloukos een feest van herkenning. Horsemouth woonde echt in die shack, het was echt zijn familie die daar rondliep. Aan Randy's was het echt zo druk en dreigden de opnames verstoord te worden. De Revival-doop in de rivier verschilde voor de figuranten niet van de werkelijkheid. De nachtelijke scène met Burning Spear, 'Jah No Dead!', werd van achter een lint bijgewoond door honderden mensen die minutenlang muisstil bleven.
Wat we niet wisten, is dat Dr. Alimantado na een ruzie met Horsemouth en Dirty Harry niet kwam opdagen voor de live opnames in het oude Carib Theatre, waar ook de scène met Gregory Isaacs werd opgenomen. Hij zou twee groepen dansers meebrengen, de ene uitsluitend mannen, de andere vrouwen, en die hadden een week voordien behoorlijk indruk gemaakt op de filmcrew. Niemand heeft Bafaloukos ooit verteld wat er aan de hand was.
Dit prachtige boek bevestigt wat je ziet als je naar de film kijkt. Het is Jamaica zoals het was en nog altijd is. Het gaat over muziek die recht uit het hart komt, en de ziel van de sufferers. Hoop en liefde gloren altijd aan de einder, en de slotscène van 'Rockers' bevestigt al het mooie van Jamaica, reggae en Rastafari. Natty take over!
'Rockers: The Making of Reggae's Most Iconic Film', 2020, Gingko Press

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Aug 17, 2020