Voor het echter aan de Fransen is, mogen we nog kennismaken met
Stick Figure, een Californische band rond singer-songwriter
Scott Woodruff en de steeds met hem meereizende hond, mascotte
Cocoa! Wij zijn zelf aardig vertrouwd met de Amerikaanse reggaescene en dus ten zeerste verbaasd dat we nog niet eerder het pad van deze band, die toch al sinds 2006 aan de weg timmert, kruisten.
Voor een halfvolle AB, duidelijk gevuld met een harde kern van lokale (?) fans van de Amerikaanse band, vliegt Stick Figure erin met 'Shine', een eerste track uit hun eerder dit jaar verschenen album 'World On Fire'.
Hun bij momenten stevig rockgetinte sound doet ons meteen denken aan die van hun landgenoten van SOJA. Ook 'Above The Storm' en 'Rise And Fall' komen uit het al genoemde album en als we vervolgens ook 'Life Is A Party' horen (over een revamp van Black Uhuru's Solidarity riddim die live uitmondt in 'Norwegian Wood' van The Beatles, in reggaekringen beter bekend als de Darker Shade Of Black riddim), weten we het zeker: de heren zijn hier om volle bak promo te voeren voor 'World On Fire'.




'Once In A Lifetime', u raadt het al, ook uit 'World On Fire', klinkt ons even net iets te poppy in de oren, maar een verrassende keuze is dan weer 'Cocoa De Rock', tegelijk een cover van Alpha Blondy's 'Cocody Rock' die live verweven wordt met Bobby McFerrin's 'Don't Worry Be Happy' en een ode aan mascotte Cocoa, die even het AB-publiek komt groeten.
Met het tragere 'Weight Of Sound' schakelt de band plots een versnelling terug en krijgen we ook een eerste track uit een ouder Stick Figure album (het in 2012 verschenen 'Burial Ground').
De bandleden verdwijnen even van het podium, maar de fans willen meer en dus volgt al snel 'Smoking Love' (want geen Californische reggaeband zonder ganja-tune natuurlijk). Echt afsluiten doen de Amerikanen met 'Fire On The Horizon' uit hun in 2015 verschenen 'Set In Stone' album, maar met de Kincade Fire, een enorme natuurbrand in hun thuisstaat Californië, nog vers in het geheugen, klinkt deze afsluiter meer dan actueel. Prettige kennismaking!
En dan is het eindelijk de beurt aan
Dub Inc, de band uit de vroegere Franse mijnstad Saint-Étienne die zich in twintig jaar volledig op eigen kracht heeft opgewerkt tot een waar fenomeen. En dat dat zeker geen understatement is bewijst de band al meteen in de Ancienne Belgique. Al van bij de eerste noten van 'Paradise' wordt de volledig uitverkochte zaal wild en het daaropvolgende 'Tout Ce Qu'ils Veulent' wordt zelfs woord voor woord meegebruld.
Met 'On Est Ensemble' krijgen we een eerste track uit nieuwe langspeler 'Millions' die we u hierbij nogmaals warm aanbevelen. Voor de supersnelle Fragga van 'They Want', gaat het terug naar 'Paradise' en als ze het nu nummer naadloos laten overvloeien in 'One Shot' zelfs tot 'Dans Le Décor', het album dat ondergetekende in 2005 liet kennismaken met wat toen nog Dub Incorporation was.
Met 'Foudagh' (opnieuw uit 'Paradise'), een nummer in het Kabylisch, is het tijd voor
Hakim 'Bouchkour' Meridja om alles uit de kast te halen. Kippenvelmoment en het eerste echte hoogtepunt in de set is een feit!
Uit 'Millions' krijgen we 'Dans Ta Ville', een nummer perfect geschikt als ode aan de locatie waar de band die avond speelt maar aan de andere "haltes" die ze tijdens deze tournee aandoen of -deden.
'Grand Périple', de opener uit het in 2016 verschenen 'So What' klinkt ons even iets te commercieel in de oren, maar daar is het AB-publiek het allerminst mee eens. En tijdens 'Authentique', super aanstekelijke Fragga uit 'Millions', gaat het dak er terecht nog eens af. Het nummer is een kritiek op de heersende cultuur van de sociale media die haast elk aspect van ons leven zijn gaan beheersen, iets wat de band bewijst door de zaallichten te laten doven en het publiek massaal de lampjes van hun gsm's te laten aansteken. De op één hand te tellen aanstekers die we tussen de honderden gsm-lampjes tellen bewijzen dan weer dat het antirookbeleid van de AB nu toch echt wel zijn vruchten begint af te werpen.
Tijd voor een intiemere noot is er met het akoestische 'Partout Dans Ce Monde', nyahbinghi meets Frans chanson en het daaropvolgende 'Maché Bécif' waarvoor enkel Bouchkour en gitarist
Jérémie Grégeois op het podium achterblijven, ergens halverwege versterkt door
Komlan en daarna opnieuw de voltallige band.
Als Dub Inc vervolgens 'Murderer' inzet (geen cover van de gelijknamige hit van Buju Banton, maar een nummer uit 'Diversité', het debuutalbum van de band uit 2003) gaat het dak er moeiteloos opnieuw af. De band vervolgt op hetzelfde elan met 'Rude Boy' uit datzelfde album en op de tonen van 'Jump Up', een feestnummer dat doet wat er op de verpakking staat en verder weinig uitleg behoeft, verlaten wij een extatische Ancienne Belgique (een trein te halen u weet wel).
Wij zagen een band aan het werk waarvoor elk festival volgende zomer ongetwijfeld staat aan te schuiven, maar die wij nu al een plek op Couleur Café durven te garanderen!
Foto's: © Peter Verwimp