Reggae.be
'Rockers' op Reggae Geel: ode aan de beste reggaefilm aller tijden
Roots & CultureJun 10, 2019

'Rockers' op Reggae Geel: ode aan de beste reggaefilm aller tijden

By Jah Shakespear

Als er dit jaar één reden is om naar Reggae Geel te gaan (en je geen liefhebber bent van Buju Banton), laat het dan de live revival van 'Rockers' zijn, de film die iedere reggaefan minstens één keer moet gezien hebben en die wij voor eeuwig in het hart dragen. Met zangers en muzikanten die er 40 jaar geleden ook al bij waren.

"De beste reggaefilm aller tijden" of "Arguably the greatest reggae movie ever made", zoals het op de hoes van de DVD staat: dat is uiteraard niet zo moeilijk. Er zijn in al die jaren amper een handvol "reggaefilms" gedraaid, documentaires even buiten beschouwing gelaten: 'The Harder They Come' (1972), ook met een schitterende soundtrack maar net iets primitiever geacteerd en in beeld gebracht, en 'Countryman' (1982), met een ongeloofwaardige rastaman in de hoofdrol en te weinig goeie muziek. Dancehallfans zullen misschien ook nog 'Dancehall Queen' (1997), 'Third World Cop' (1999) en 'Shottas' (2002) naar voor schuiven, maar die situeren zich toch in een ander universum, en vooral een andere tijd. 'Rockers' (1979) is reggae pur sang, classic tunes uit de gouden jaren van het genre, doordrenkt van Rastafari.

"De film is gegroeid vanuit de nummers die ik in mijn hoofd had," zegt de Griekse regisseur Theodorus Bafaloukos, die reggae heel terecht vergelijkt met rembetiko, de Griekse "blues" met oorsprong in de jaren '20 en '30 van de vorige eeuw: "De liedjes bepaalden het verhaal en de structuur van de film. Elke scène vertrekt bij een song. Ik zag de film trouwens ook in zijn geheel als één groot reggaenummer.".

Trouw aan dat uitgangspunt vertellen we hier het verhaal van Rockers in 17 tijdloze tunes (die overigens niet allemaal op de soundtrack staan).




1. Satta Massagana - The Abbyssinians

De openingsscène zet meteen de toon, muzikaal en inhoudelijk. We zien en horen dè überklassieker van de reggae in nyahbinghi-stijl, uitgevoerd door Ras Michael & Sons of Negus. The Abbyssinians zitten een beetje verborgen achterin maar ze zingen hemels. Bernard Collins maakt deel uit van de Rockers-crew die deze zomer naar Europa komt. De scène wordt afgerond met een cryptische introductie door Higher, rastaman from creation, die het heeft over liefde en universele vrijheid in naam van de Allerhoogste. Higher is ook de healer bij wie Horsemouth later soelaas zal zoeken nadat hij in elkaar is geklopt, een herbalist, self supporting ver buiten de stad, zoals je ze nog altijd tegenkomt in Jamaica.

'Satta' klinkt nog na, nu in een uitvoering enkel met blazers, wanneer Horsemouth, het hoofdpersonage van de film, zich naar een yard begeeft ergens downtown Kingston. Daar staan de horns men van dienst inderdaad te repeteren: saxofonisten Tommy McCook, Richard 'Dirty Harry' Harris (ook het belangrijkste nevenpersonage) en Herman Marquis, en trompettist Bobby Ellis. De vibes zijn heel naturel en herkenbaar. De uitbundige begroetingen, de no nonsens dialogen, het lanterfanten, het jennen en goedaardig schelden, de chalice, de relaties tussen mannen en vrouwen: in de manier waarop de mensen met elkaar omgaan is er in Jamaica de voorbije halve eeuw weinig veranderd.

2. Dread Lion - Lee Perry & The Upsetters

Het verhaal komt op gang met echte filmmuziek, dubs en instrumentals ingespeeld door de beste muzikanten van die tijd: Horsemouth zelf en Santa op drums, Robbie Shakespeare op bas (ook een personage in de film), de al eerder genoemde blazers aangevuld met Don Drummond Jr. en Nambo op trombone, Augustus Pablo, Chinna (gitaar), Ranchie en Rad Bryan (piano), Keith Sterling, Earl Wire Lindo en Bernard Touter Harvey (toetsen), en Sticky, Skully, Bongo Herman en Lloyd Parks op percussie. Die laatste leidt als bassist tegenwoordig ook de Rockers-band aka. We The People. Horsemouth koopt een motor en vraagt aan Jah Wise om er een leeuw van Judea op te schilderen, een "dread lion". Terwijl hij wacht, rolt een kind een spliff.

3. Graduation In Zion - Kiddus-I

Zonder twijfel een van de muzikale hoogtepunten van de film, een videoclip avant-la-lettre, opgenomen in Harry J Studio, met producer Jack Ruby, die later nog een paar keer terugkeert. Het is niet alleen die prachtige, veel te korte song van Kiddus, een poëtische impressie van de livity van Rastafari. Het gaat ook om de manier waarop de zanger zijn hemd uittrekt, zijn locks laat swingen en een koptelefoon opzet. Robbie speelt bas, Theophilius 'Easy Snappin'' Beckford piano en we zien ook heel even Peter Tosh op percussie. Kiddus-I is een van de overlevers die nu toert met Rockers Live. Horsemouth gaat platen verkopen. Die worden geperst in de fabriek van producer Joe Gibbs, die ook een groothandel uitbaat. Heel herkenbaar, hoe Gibbs de deals netjes noteert in een kasboek. Zo doen ze het in Studio One nog altijd, zoals we dit jaar zelf mochten ervaren. 

4. Book Of Rules - The Heptones

Horsemouth is onderweg met zijn motor. Op de Jamaicaanse wegen buiten Kingston is er sindsdien weinig veranderd, buiten de auto's natuurlijk. De kleine record shacks die Horsemouth bezoekt, zie je al lang niet meer. Alleen bij Randy's, Rockers en Studio One vind je nog vinyl.

5. Money Worries - The Maytones

Meer heerlijke samenzang zoals je die nu niet meer hoort in Jamaica. En het gaat inderdaad over geld in het platenwinkeltje.

6. Stumbling Block - Dillinger

Onderweg naar Randy's komt Horsemouth Big Youth tegen. Van hem zitten er geen tunes in de film maar hij zal er wel bij zijn deze zomer, wellicht om zijn klassieker 'All Nations Bow' te brengen. De tune van Dillinger weerklinkt luid in de rumoerige winkel van Randy's, waar een paar rasta's onweerstaanbaar staan te dansen, terwijl zich in de achtergrond een vechtpartij afspeelt.

7. We A Rockers - Inner Circle

In de buurt van Channel One ontmoet Horsemouth Kiddus-I, Skully en Gregory Isaacs. Even later passeren ook Doctor Alimantado en Prince Hammer. Alle artiesten spelen gewoon zichzelf in deze film, ook in hun dagelijkse hustle en bustle. Als we zien hoe Gregory een afgesloten autodeur opent of een brandkast kraakt, kun je ervan uitgaan dat hij daar ook ervaring mee heeft. In de studio maakt Horsemouth een afspraak met Jacob Miller voor een drumpartij in een hotel.

En dan wordt het even stil in de film. Het gebeuren verplaatst zich naar uptown, naar het hotel en het huis van de boosaardige Mr. Honiball. Er zijn nog enkele scènes die zich daar afspelen, en telkens blijft het doodstil. In deze luxueuze wereld is er geen muziek, en wordt er niet geblowd maar gedronken. Gelukkig ontmoet Horsemouth er wel de dochter van de grote baas, Sunshine, met wie hij uiteraard wat begint te flirten. En ze is een fan Burning Spear, voor wie Horsemouth al gedrumd heeft.

8. Midnite Rock  - Big Joe & Jah Thomas

Kingston by night, dancehall time. Veel volk, irie vibes. Overal wordt echt gedanst, geskankt, zoals je vandaag haast nergens meer ziet. Elke rasta, elke rude boy heeft zijn eigen moves, en een eigen outfit, in een fashion die nu vintage heet. Leroy Smart draagt een top ranking pak, en rookt een grote chalice. Hadden we al gezegd dat er in haast elke scène geblowd wordt? Ook in dat opzicht is er in Jamaica niks veranderd. Regisseur Bafaloukos noemt dit de moeilijkste scène van de film om op te nemen.  Er werd bijna tien uur gedraaid voor een paar minuten beeld. Met bijna elk van de vele honderden figuranten voerde hij een apart gesprek.

9. Police And Thieves  - Junior Murvin

Babylon! Tijdens de inval van de politie wordt Horsemouths motor gestolen.

10. Jah No Dead - Burning Spear

Horsemouth zoekt troost en guidance bij Winston Rodney, Burning Spear. Die neemt hem mee naar het strand en haalt twee grote spliffs boven. Dan zingt hij, a capella, 'Jah No Dead', de volledige drie strofen, enkel begeleid door het geluid van de aan- en afrollende golven. Het is een prachtige, ontroerende scène. Ze werd ingeblikt op een voor de rasta's magische dag, 7 juli 1977, when two sevens clash. Marcus Garvey had er een voorspelling over gedaan. Het was volgens de regisseur de mooiste en makkelijkste opnamedag van allemaal, ook al kwam Winston Rodney pas in laatste instantie opduiken. "Prophecy came through in a good way that day," zegt Bafaloukos.

Een van de vele keren dat ik 'Rockers' gezien heb, was tijdens mijn legerdienst in West-Duitsland, tussen een hoop "miliciens" die geen flauw benul hadden waar het over ging. Ze waren gewoon naar de wekelijkse filmavond gekomen, een van de schaarse ontspanningsmogelijkheden daar. Het viel hen totaal niet op dat de meest opzichtige ganja scenes waren weggeknipt, en dus ook deze.

11. Tenement Yard - Inner Circle

Ergens onderweg komt Horsemouth de Mighty Diamonds tegen. Ze staan niet te zingen maar te lassen. Even later zit hij met Inner Circle te drummen in het hotel. Jacob Miller zingt over de betonnen jungle waar het zo moeilijk overleven is maar hij doet dat wel voor een uitsluitend wit publiek, dat wat onwennig en onhandig staat te dansen. "Hey, that's not calypso," moppert een toerist. Terwijl Horsemouth staat te flirten met Sunshine, horen we 'Sweet Sensation' van The Melodians, een tune die ook in 'The Harder They Come' zit, die andere goeie reggaefilm.

Pal in het midden van de prent richt Horsemouth zich tot de camera en spreekt ons rechtstreeks toe: "I and I is a peaceful rastaman. I don't cheat, steal. I man serve Selassie continually, no matter what the weakheart say. I and I is like a tree planted by the river of water. Not even the dog that piss against the wall of Babylon shall escape this judgement. All of the youths shall witness the day that Babylon shall fall."

12. Fade Away - Junior Byles

De symbolische hergeboorte van Horsemouth wordt nog in de verf gezet door een authentieke revival scene. Vrouwen en mannen in witte gewaden laten zich dopen in de rivier. Ze chanten christelijke bezweringen op het ritme van de burru-drums. Revival is een van de fundamenten van de Jamaicaanse cultuur, muzikaal en spiritueel. Ook vandaag zie je in een ondiepe rivier nog af en toe een groep revivalists die zich verheugen om de zegens van de Heer.

'Fade Away' is een tune die daar perfect bij aansluit, een van de mooiste en meest tijdloze liedjes die ons ooit vanuit Jamaica bereikt hebben. Horsemouth is heel even thuis en spreekt tegen zijn vrouw over vanity en Jah works, alsof hij de luide muziek die buiten weerklinkt op zich betrekt en nader verklaart. Zoals we allemaal weleens doen met muziek die ons aanspreekt.

13. Queen Majesty - The Techniques

De tune die Dirty Harry opzet nadat hij in een reguliere discotheek de DJ-booth is binnengedrongen. In ware, ritmische MC-stijl geeft hij commentaar op de omgeving. "Remove ya, Babylon!" schreeuwt hij wanneer de politie hem probeert weg te sturen: "I and I will change the mood. This is a take-over!"

14. Rockers - Bunny Wailer

Lang uitgesponnen versie, eerst instrumentaal, dan gezongen, daarna dub, de muziek bij de zoektocht van Horsemouth naar medestanders om wraak te nemen op de slechteriken. Nog snel een chalice in the yard, opnieuw een heel herkenbaar beeld voor wie weleens in JA komt, en vooral zien dat hij Jacob Miller niet verder op stang jaagt over eten: "What is a joke to you, is death to me!" Weetje: uit de generiek van de film leren we dat Profi-I de 'Ital Cook' was van de Jamaicaanse crew.

15. Slave Master - Gregory Isaacs

Meesterlijk optreden van de Cool Ruler in het oude Carib Theatre in Kingston. Met vier blazers, Robbie op bas en Horsemouth op drums. De zaal was omsingeld door agenten die op zoek waren naar een 14-jarige killer. Even later zien we Robbie aan het werk in een garage. Ik heb hem nooit meer zoveel horen praten als in deze film.

16. Stepping Razor - Peter Tosh

Volgens de regisseur het beste voorbeeld van zijn werkwijze, de song als inspiratiebron en ritmische, drijvende kracht van een hele scène. Op het ritme van de muziek, en met de attitude van de lyrcis, gaan de rasta's op pad: Gregory, Kiddus, Dirty Harry, Higher, Horsemouth zelf… Allemaal hebben ze hun eigen coole, specifieke loopje. Jacob Miller spant de kroon, het volumineuze lichaam soepel balancerend in één muzikale flow.

17. Natty Take Over - Justin Hinds & The Dominoes

"Oh what a day of rejoicing!", de zon gaat op en de sufferers verheugen zich in de cadeaus die ze dankzij Horsemouth in de schoot geworpen krijgen. Robin Hood is een rastaman. Sommige personages waren figuranten maar er passeerden ook een paar voorbijgangers die hun kans schoon zagen en met enkele spullen aan de haal gingen. Het is meteen de laatste scène van de film, vervuld van hoop en blijdschap, zoals we de Jamaicanen kennen.

Foto's: © Blue Sun Film
'Rockers' op Reggae Geel: ode aan de beste reggaefilm aller tijden

About the Author

Jah Shakespear
Meer

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).

Genres

DubRootsRocksteadySkaReggae

Published

Jun 10, 2019