Reggae.be
Unity in De Warande, Turnhout: dubbin' is a must!
Event ReportMar 19, 2019

Unity in De Warande, Turnhout: dubbin' is a must!

By Jah Shakespear

De twee hoofdacts in de grote zaal, Gentleman's Dub Club en Black Roots, hadden één ding gemeen: ze klonken beter in dub. En dubben als een gek deed natuurlijk ook weer Mad Professor, op Giraffe Soundsystem, met Aisha als gaste.

Een heel weekend op een wolk van dub geleefd. Vrijdag de overweldigende tribal jazz dub van Kosmo Sound en de intense future dub van Adrian Sherwood. Zaterdag een toch weer zeer straffe set van Mad Professor in de Futur, de bunkerzaal van de Warande, niet meteen de gezelligste locatie, maar de Ariwa-dubs klonken er wel fantastisch. De Professor durft er als DJ al eens met zijn pet naar gooien maar dit keer had hij er duidelijk zin in. Zoveel zelfs dat hij Aisha, toch de zangeres met wie hij destijds zijn allereerste CD uitbracht (het classic album 'High Priestess'), niet echt veel ruimte liet. Haar vocals zaten trouwens ook in één van zijn magische toestelletjes, en werden vrolijk in de mix gegooid, soms tot verbazing van Aisha zelf. Haar grootste hits 'Wait A Minute' en 'The Creator' mondden uit in spectaculaire geluidslandschappen, een wervelwind van echo's, galmen, samples en special effects. Aisha ging uiteindelijk gewoon meedansen met het publiek, en daar beleefde ze minstens evenveel plezier aan. Net als Adrian Sherwood valt Mad Professor nog vaak terug op zijn oude riddims uit de jaren '80 maar weet die ook telkens weer te vernieuwen en anders in te kleuren.

Wij onthouden ook een nieuwe tune, een riddim die beatmatig en qua opbouw lonkte naar Tomorrowland, maar daar door de indrukwekkende drumpartij toch niet zou thuishoren. De Professor speelde eerst de dub, en voegde eraan toe dat Ariwa's vaste drummer Drumtan (Ward) de track in één take had opgenomen. Petje af daarvoor want dit oversteeg de reggae en de dub. En dit klonk even nieuw en futuristisch als de vroegste Ariwa- dubs begin jaren '80.




Drumtan hadden we eerder die avond al aan het werk gezien met Black Roots, een band uit Bristol die ik mij vooral herinner van het thema van de BBC-sitcom 'The Frontline'. Dat was destijds de eerste komische tv-reeks die zich afspeelde in een gemeenschap van Jamaicaanse afkomst, met een reggae soundtrack dus. Ik heb Black Roots sindsdien niet meer echt gevolgd. Vergeet niet dat ze toen concurrentie hadden van grote bands als Steel Pulse, Aswad, Misty In Roots en Dennis Bovell Dub Band. Dat niveau heeft Black Roots nooit gehaald, zeker niet in de studio. Hoewel ik graag een uitzondering maak voor hun enige echte hit in de reggae charts, 'Juvenile Delinquent'.

De band heeft sindsdien platen gemaakt voor Ariwa en het Franse Makasound, en met Dub Judah en trombonist Vin Gordon. Black Roots is lang weggeweest, teruggekeerd, nog eens uit de schijnwerpers verdwenen, nu al enige jaren een vaste waarde op de Europese festivals en viert dit jaar zijn veertigste jubileum. Met een grote bezetting, acht muzikanten en drie zangers, en die bepaalt live voor een groot deel mee de aantrekkingskracht. De harmonieën van de drie Black Roots vocalisten klonken in de Warande dan weer bij momenten ronduit vals. Delroy O'Gilvie deed mij af en toe nog denken aan Prince Lincoln of Roy Cousins maar voor de rest moesten we het toch hebben van de dominante, Burning Spear-achtige blazers (saxofoon en trombone) en de lang uitgesponnen, meditatieve roots dubs. Het duurde even voor de sound goed zat maar dan was het ook wel genieten van die typische old school UK reggae, in de uptempo variant zonder twijfel het fundament van de nu zo populaire steppers. Tot er weer gezongen werd. De titels zeggen alles over de inhoud van de oude èn nieuwe songs, vaak opgebouwd rond bijbelmetaforen en black power, zonder daar echt iets origineels mee te doen: 'How Long', 'The Father' (waarin Black Roots even klonk als de vroegere Gladiators), 'No No Jah', 'Blackheart Man Is A Rasta Man', 'Forgive Them Jah'… En hoorden we daar ergens de baslijn van Ras Michaels 'None A Jah Jah Children'?

Niet slecht, deze Black Roots, maar ook geen openbaring. Drie stemmen, en geen enkele die kon overtuigen… Of hadden ze gewoon een collectieve off-day?

De zang zat ook sommige mensen dwars bij Gentleman's Dub Club. Reggae van een heel ander kaliber dan Black Roots, even wit van uitzicht (zeven witte mannen met een das) als van klank en songs. Dit was perfect uitgevoerde en gemixte popreggae, die niet zou misstaan op eender welk festival. Met een zanger, Jonathan Scratchley, die zich gewillig in het zweet werkt, energieker en expressiever dan eender welke Jamaicaanse zanger. Die wil hij ook geenszins eren of imiteren. Deze jongens interpreteren de reggae op hun eigen, Londense manier, gekruid met urban, rock, garage en dance, met lange, housy dubs erachteraan. Ze doen me wat denken aan Fat Freddy's Drop (maar dan zonder de trance en de loops), onze eigen Skyblasters (party!) en het Australische Salmonella Dub, een groep die eind jaren '90 een gelijkaardige heldere popsound creëerde, ongewoon in de reggae maar net daardoor ook origineel en verfrissend.

Gentleman's Dub Club heeft geen bassist, wat voor sommigen al een reden zou kunnen zijn om af te haken. De baslijnen ontberen misschien wel de organische vibes van een "echte" muzikant, maar Toby Davies (ook producer van de band) doet wel heel bijzondere dingen op zijn synths. Fat Freddy's Drop heeft overigens ook geen bassist. Het is Davies die de opbouw van de nummers dirigeert, en hij hanteert daarvoor een beproefde DJ-techniek: even alle bassen weg, het orgasme nog even uitstellen, en dan alles weer open. De nummers van zijn band lenen zich daar ook toe, met bruuske tempowisselingen van trage one drop naar jachtige rockers, drukke dancehall. Opnieuw zonder die typische Jamaicaanse ritmepatronen blind over te nemen maar door ze een eigentijdse make-over te geven, die beter aansluit bij de gladde popcultuur. Ja, Gentleman's Dub Club klinkt glad en uberprofessioneel, maar dat zegden wij ooit ook van Third World en Inner Circle, voor hun prachtige songs echt tot ons doordrongen.

Check het excellente 'The Big Smoke' (2018) of 'Lost In Space' het pas verschenen album van Gentleman's Dub Club, en oordeel zelf. Ik was vrijwel meteen geïntrigeerd door het geluid en de aanpak van deze groep, en de heren hebben mij live niet ontgoocheld. Ik vond het een topshow, en met mij velen in de zaal. Dank u, Unity, voor deze ontdekking.
Foto's: © Bart Van der Moeren
Unity in De Warande, Turnhout: dubbin' is a must!

About the Author

Jah Shakespear
Meer

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).

Genres

DubRootsReggaeNew Roots

Published

Mar 19, 2019