Het was McNaughton die in 1963 aan de basis lag van de oprichting van het Jamaicaanse vocal trio dat rocksteady geschiedenis zou schrijven. Hij contacteerde Tony Brevett, die al wat succes gekend had in lokale talentenjachten, en die nam vervolgens dan weer contact op met zijn goede vriend Brent Dowe.
Het trio nam al wat vroeg materiaal op voor Ken Boothe en Prince Buster en ging dan aan de slag voor Coxsone Dodd's Studio One label, maar de echte doorbraak kwam er pas toen ze gingen samenwerken met Treasure Isle-baas Duke Reid en zich met rocksteady-nummers als 'You Have Caught Me', 'Expo 67', 'I'll Get Along Without You' en 'You Don't Need Me' de eeuwigheid inzongen.
Het in 1970 voor Leslie Kong opgenomen 'Rivers Of Babylon' (een op muziek gezette versie van Psalm 137: "By the rivers of Babylon, there we sat down, yea, we wept, when we remembered Zion. We hanged our harps upon the willows in the midst thereof. For there they that carried us away captive required of us a song; and they that wasted us required of us mirth, saying, Sing us one of the songs of Zion. How shall we sing the Lord's song in a strange land?"), bezorgde de band niet alleen zijn grootste hit, maar werd, met de hulp van de Duitse discomakers van Boney M., jaren later zowat een wereldwijde klassieker.
Na de dood van Dowe en Brevett, toerde McNaughton een tijdje solo, maar haalde dan Taurus Alphonso (Mellow Tones) and Winston Dias (The Movers) aan boord voor The Melodians 2.0, wat vorig jaar nog het gesmaakte
'The Return Of The Melodians' album opleverde.
Trevor McNaughton zou op 16 december aanstaande 78 geworden zijn.