Maar weinig volk, dat betekent wel veel ademruimte, en plaats om te dansen natuurlijk. Niet dat de muziek van Akae Beka zou aanzetten tot hossen en springen maar stilstaan kan ook niet, tenzij misschien in een soort versteende trance, zoals je bij deze band altijd wel een paar fans ziet. Ik kan daar inkomen. Akae Beka is de enige groep die mij een heel concert volledig in de ban kan houden. Ook al gebeurt er op het podium in essentie heel weinig, ik moet blijven kijken en luisteren. Niet naar de bar, geen loze praatjes, geen moment van afleiding. Om diezelfde reden wel altijd voorgerolde spliffs op zak, zodat ik me ook daarmee niet hoef bezig te houden. We leven niet allemaal op een natural high, en Vaughn Benjamin is zelf ook niet vies van het heilige kruid (in zijn kosmogonie is alles heilig).



Zoals de aartsengel Michaël verantwoordelijk was voor de geheimen van de schepping, zo aanvaardt Benjamin vandaag zijn rol: "…in a parallel time of rampant deception and broken taboos in the arenas of world leadership. Always rooted firmly in the teachings of His Imperial Majesty, Emperor Haile Selassie I, his personal evolution and reaffirmed purpose is manifested in his newly declared name.".
Als je dat te hoog gegrepen vindt, of ronduit onzin, zul je nooit gegrepen worden door de orakeltaal van Vaughn Benjamin. Maar ook zonder dat besef is en blijft hij een hoogst intrigerende figuur, evengoed zanger als poëet, chanter en sjamaan. En er is natuurlijk de muziek, van een bedrieglijke eenvoud en continuïteit en toch hoogst verfijnd, met ingenieuze gitaarlicks (nieuweling Legrand Lee), heerlijk toetsenwerk (Suren Fenton), perfecte chops op ritmegitaar (Edmund Fieulleteau) en zacht sprankelende drums (Peter Willock, ook een nieuw gezicht). Bassist Lyndon 'Ras L' Williams houdt alles bij elkaar en legt de warme grondtoon. Samen creëren ze een sound waarin ik mij uren kan koesteren. Maar de tijd dat Midnite iedere avond drie, vier uur op het podium stond, is blijkbaar voorbij.
Akae Beka speelde in een kleine honderd minuten tien nummers. Ik heb er eerlijk gezegd amper drie herkend: 'Love Is The Mainstay' (van het album 'Portals') en de Midnite tunes 'Hallelujah/A Cool Veranda' en 'Meditation', die laatste door Benjamin abrupt afgebroken met een goedaardige 'Boom!', zoals hij dat vroeger wel vaker deed.
'Like A Beacon' was allicht de titel van de opener, opgedragen aan de Power of the Trinity (Kracht van de Drievuldigheid, Selassie in het Amhaars). 'He Is Christ' is een variant op 'He Is Jah' van Midnite, met dezelfde overtuiging en gelijkaardige argumenten. 'An Illusion' klonk ook zo, als een illusie die je toch bij het nekvel greep. Bij drie tunes heb ik de opmerking "uptempo" genoteerd, wat uiteraard relatief is bij deze band. Maar je zag het publiek toch net iets uitbundiger dansen. Er werd al eens iets geroepen en een arm in de lucht gegooid. De collectieve betovering flakkerde even wat hoger op. En dat gebeurde ook bij de verstilde outro's van de nummers. Minuten voor het telkens netjes afgewerkte einde ontstond er telkens een spontane wisselwerking tussen de riddim en de klagende stem van Vaughn Benjamin. En nog een paar maten, en doe er nog maar een paar bij. Zalig.
De meest opmerkelijke momenten waren toen Benjamin heel even het woord nam, iets wat hij in al die jaren van (Belgische en Nederlandse) concerten nog nooit gedaan had. In het Amhaars weliswaar, de eerste keer, en om ons zijn blessings te geven in de naam van Jah! Rastafari! vlak voor hij het podium verliet. Geen zanger heeft minder ego dan Vaughn Benjamin. Hij behoeft geen toejuichingen of bevestiging. Hij brengt zijn boodschap, zijn vibes, zijn inzichten. Waarom dan nog vragen of everybody happy is, en of we nog meer willen? Hij geeft trouwens nooit bisnummers, dus het zou hoe dan ook een overbodige vraag zijn.
Opvallend ook hoe niemand echt nood lijkt te hebben aan toegiften. Even blijven we staan, nog in de trance van het concert, maar dan gaat het licht aan en moeten we opnieuw naar de echte wereld, gelukkig weer gevoed en gesterkt door de spirituele kracht van de muziek.
Toen, zo tegen middernacht, was het ongenoegen over het voorprogramma alweer lang vergeten. Het Belgische One Cell Foundation bedoelde het goed maar de ondermaatse zangeres en de overenthousiaste zanger deden de nummers geen eer aan. De enige muzikant die er toe deed, was de bassist, die nog een beetje coherentie bracht in de set. Op 25 oktober stelt One Cell Foundation zijn debuutsingle voor in Brussel. After-party met onder andere Dub Front Association. Toch nog een reden om te gaan dus.
Reggae.be had voor de gelegenheid twee verslaggevers in de VK. Dit zijn de impressies van Timo Sterckx.
Hoe hij af en toe kinderlijk glimlacht als hij zijn ogen opent richting publiek.
Hoe hij ons in de ban houdt met zijn aanwezigheid.
Hoe hij zijn innerlijke en krachtige energie opent voor het publiek en iedereen er in toelaat. De mix van een constante, vurige energie met af en toe een blikseminslag.
Hoe innemend, fascinerend en nederig hij is.
Hoe onvermoeibaar de muzikanten zijn.
Hoe de sound die zij creëren op een bepaalde manier aanleunt bij jazz.
Hoe je weet wat te verwachten en toch telkens weer verrast wordt door de uitvoering van de nummers, die telkens verschillend is.
Hoe boeiend het is dat er geen woord te veel wordt gezongen, maar ook niet te weinig. Elke kleine neurie of kreun heeft zijn plek en is betekenisvol.
Hoe er in de traagheid van de sound een harde kern van leven blijft.
Hoe de muziek uitdooft en toch elk moment weer kan ontploffen. Hoe geconcentreerd de muzikanten zijn en hoe goed zij naar elkaar luisteren om deze muziek mogelijk te maken.
Hoe de gehele groep geen bevestiging zoekt, geen behoefte om te 'scoren'.
Hoe we Ron toch missen.
Foto's: © Peter Verwimp
Foto's: © Peter Verwimp
