Veel schoon volk in De Centrale (en dan heb ik het niet over de DJ's).
Seekaman nodigde
Edward Buadee (The Skyblasters) uit op het podium om 'No Woman No Cry' te zingen, en hij deed dat goed. Diep in de nacht maakte
Collieman zijn opwachting voor een fel gesmaakte live on tape set, met een vijftal nummers van zijn nieuwe album 'Jungle Code'.
Jamaican Jazz Orchestra (JJO) eerde Bob Marley met een eigenzinnige uitvoering van 'I Shot The Sheriff'. Instrumentaal dus, zoals de hele set. Maar niemand die een zanger(es) miste. In deze band mag iedereen uitblinken.
Wouter 'Wowie' Rosseel schitterde uiteraard op gitaar en we weten ook dat hij het hart en het brein is van JJO. Maar hij heeft ook een uitgelezen groep muzikanten rond zich verzameld, stuk voor stuk professioneel opgeleid, en met
Marie-Anne Standaert (trompet) beschikt hij over een heerlijk complexloze gastvrouw die in ware Blue Note-stijl de composities aankondigt. Blue Note, dat is het legendarische jazzlabel. Ik kan niet beoordelen of JJO het verdient om daar een plaat uit te brengen. Maar van de Belgische jazzbands die ik in mijn leven gezien heb, kwamen er weinig in de buurt van dit gezelschap. Ska- en rocksteady ritmes geven nog altijd de toon aan maar JJO brouwt er een exotische, opwindende en vooral zeer dansbare cocktail uit, virtuoze fusionmuziek die evenzeer het hoofd als de benen aanspreekt. Deze band is klaar voor een nieuw en veel groter publiek.
En dat geldt evenzeer voor Seekaman, de band van
Abaa 'Stick' Poliwa. Ook hij laat zich omringen door topmuzikanten, ook hij creëert een nieuw geluid, een nieuw samengaan van Jamaicaanse en Afrikaanse ritmes, melodieën en vibes. Met de roots en de scherpte van Alpha Blondy maar muzikaal gevarieerder. Er waren talking drums en frivole toetsen. Er kwam even goed highlife voorbij als soukous. Reggae is en blijft het fundament van Seekaman's muziek maar Moeder Afrika is vlakbij. Orgelpunt van de show was een magistrale, grotendeels instrumentale Bob Marley-medley, die na een militant gezongen (en enthousiast meegezongen) 'War' uitmondde in een broeierige, Afrikaanse partymix. Het spelplezier spatte van het podium, alleen maar lachende gezichten en volle overgave. En dat gold zeker ook voor het tweekoppige koortje, twee witte, Vlaamse vrouwen die perfect de hoge, soms schrille toon wisten te vatten die deze muziek nodig heeft. Even onvermoeibaar als de muzikanten, die zich bijna twee uur lang in het zweet werkten.
Er zijn de voorbije decennia al enkele Afrikaanse groepen gepasseerd in de Belgische reggaescene maar geen van hen heeft ooit zoveel indruk op mij gemaakt als deze Seekaman. Het recente album (2017) was al een zeer aangename verrassing, live is deze groep nog beter, en geeft de nummers extra kleur en power met spontane licks en akkoorden, vaak in lange, ter plekke geïmproviseerde jams. Fascinerend om te horen, te zien èn op te bewegen.
Wij kijken nu al uit naar de show van Seekaman op
Irie Vibes.