"Ik wilde Bob introduceren als een natuurlijke, mystieke poëet die begon aan een reis," zei Chris Blackwell over de ongewone fade-in van de openingstrack, 'Natural Mystic'. De baas van Island Records was niet alleen een onvoorwaardelijke fan van Bob Marley maar ook zijn begenadigde producer, de man die reggae internationaal aanzien gaf. We horen in die intro krekels en vogels, junglegeluiden, almaar luider, en zo komt ook de muziek dichterbij. Met deze track definieerden de broers Aston (bas) en Carlton (drums) Barrett het klassieke one drop ritme van de reggae, het ritme van de hartslag. "There's a natural mystic glowing through the air," zingt Bob: "If you listen carefully now you will hear."
Ik moet toen heel goed geluisterd hebben, in de zomer van 1977. 'Exodus' was de plaat die mijn hart opende voor de reggae, en de liefde is nooit meer weggegaan. De natural mystic waar Bob het over had, heeft zich door de jaren heen langzaam geopenbaard. Het is de rastavariant van go with the flow, van synchroniciteit en de kracht van het nu. Met beide voeten in de werkelijkheid: "One and all got to face reality now."
Rastafari was de drijvende spirituele kracht in het leven van Bob Marley, een even eigentijdse als eigenzinnige interpretatie van de bijbel. De rasta's erkennen de voormalige keizer van Ethiopië Haile Selassie aka. Ras Tafari (1893-1974) als de weergekeerde Christus. Hun verhaal levert in de reggae heel wat bijbelse lyriek op. "This could be the first trumpet/Might as well be last...", zingt Bob, geparafraseerd uit het boek Openbaringen.
Marley nam dat jaar nog een versie op van 'Natural Mystic', met zijn leermeester Lee 'Scratch' Perry. Daarin hoor je een echte trompet, de eerste open, naar omhoog, de tweede gesloten, naar omlaag. Op 'Exodus' wordt dat deel ingevuld door een gitarist. Het is de eerste keer dat we Julian 'Junior' Marvin horen spelen, toen een nieuw lid van The Wailers. Opgegroeid in de VS, had met Ike & Tina Turner en T-Bone Walker gewerkt en werd door Chris Blackwell geïntroduceerd om de band wat meer te laten rocken.
Wie we niet horen in 'Natural Mystic', is Seeco Patterson, Bobs oude vriend en rastabroeder. Maar hij was er wel de hele tijd bij in de studio, met zijn percussie, om de roots vibe levend te houden.
'So Much Things To Say', de tweede track, klinkt een stuk lichtvoetiger, zoals veel reggae, maar de tekst vertelt een ander verhaal. Waarom nam Bob Marley deze plaat op in Londen, en niet thuis, in een van de vertrouwde studio's in Jamaica? Daar valt inderdaad heel wat over te zeggen. Op 5 december 1976 werd Bob in zijn huis aan Hope Road in Kingston neergeschoten door een indringer. Een kogelinslag in de muur is vandaag het hoogtepunt van de toeristische rondleiding daar. Ook Bob's vrouw Rita en manager Don Taylor werden zwaar gewond afgevoerd. Wie verantwoordelijk was voor de aanslag is nooit duidelijk geworden. De Jamaicaanse auteur Marlon James suggereert in zijn epische roman 'Een Beknopte Geschiedenis Van Zeven Moorden' (Man Booker Prize 2015) wellicht terecht een verband met de extreem gewelddadige bendeoorlogen in de hoofdstad. Marley had vrienden in beide dominante kampen. De zanger werd ook gevolgd door de CIA (bewijsmateriaal op de rondleiding!) en hij was bevriend met Michael Manley, de progressieve premier van Jamaica. Nog twee risicofactoren. Gokschulden misschien? Bob zette vaak geld in op de paardenrennen.
Drie dagen na de aanslag verschijnt Bob Marley zoals aangekondigd op het grote Smile Jamaica festival. Trots toont hij het verband over zijn wonde, links van zijn hart. Hij lacht triomfantelijk, het publiek reageert extatisch. "So while they fight you down, stand firm," zingt hij in 'So Much Things To Say'.
Vlak na de show verlaten Bob en zijn entourage Jamaica en strijken neer in Nassau, op de Bahamas, thuisbasis van Chris Blackwell. Bob herstelt er van zijn verwonding en schrijft een dozijn nieuwe songs. Een paar weken later reist hij af naar Londen, waar hij bijna vijftien maanden zal blijven.
Het brood der smarten
Bob Marley heeft ooit gezegd dat hij voor de eerste twee regels van 'Guiltiness' al zijn andere songs had willen inruilen: "Guiltiness pressed on their conscience./They live a life of false pretense everyday." Heeft Bob Marley het over zijn belagers? Over politici of dubieuze zakenlui? Ze zullen hun straf in elk geval niet ontlopen: "Woe to the downpressors, they'll eat the bread of sorrow." Wee, de onderdrukkers. Zij zullen het brood der smarten eten. Psalmen 127.2.
'Guiltiness' is misschien wel het beste nummer op de plaat, archetypische reggae, een indringende klaagzang gelardeerd met blazers, percussie, de nieuwe synth-geluiden van toetsenist Tyrone Downie en prachtige samenzang van de I-Threes, het koortje van The Wailers. Marcia Griffiths, Rita Marley en Judy Mowatt vonden het de moeilijkste partij die van hen gevraagd werd.
Ook in 'The Heathen' experimenteert Tyrone Downie met de mogelijkheden van zijn Polymoog, een polyfonische analoge synthesizer. Maar het is Junior Marvin die de show steelt, met een slepende gitaarrif. Zijn inbreng was een van de redenen dat de hard core reggaefans zich afkeerden van Bob Marley, omdat hij zijn roots zou verloochenen. In de kleine, gespecialiseerde reggaewinkels in Londen werden in 1977 meer exemplaren verkocht van
'Two Sevens Clash' (Culture) dan van 'Exodus.' Ook een topplaat, daar niet van, maar geen classic album met internationale allure. Ook 40 jaar oud:
'Heart of The Congos'. Waarlijk een bijzonder jaar, 1977. Ik kan ervan meespreken.
De ironie wil dat 'The Heathen' in Jamaica is uitgegroeid tot een van de meest resistente riddims, standaard bas- en drumpatronen die telkens weer bewerkt en gepimpt worden. Ik schat dat er van deze riddim een honderdtal versies in omloop zijn, waarvan een klein kwart verzameld staat op één en hetzelfde album. Zo volksvreemd was het nummer blijkbaar niet, en de rif van Junior Marvin is Jamaicaans muzikaal erfgoed geworden.
In de tekst van 'The Heathen' weerklinken opnieuw echo's uit de bijbel. Het gaat over de wraak van Jah en heidenen die met de rug tegen muur staan. Maar zoals gebruikelijk koppelt Bob Marley er een paar universele levenslessen aan vast: "Cause he who fight and run away, live to fight another day." Weglopen is soms wijzer dan het gevecht aangaan.
Are you satisfied with the life you're living?
Met het al even bijbelse thema van de exodus vindt Marley aansluiting bij een eeuwenoude traditie in kunst en literatuur. De titeltrack van het album kwam tot stand toen Family Man het thema van de film 'Exodus' voorspeelde aan Bob, over de massale migratie van Europese Joden naar Israël na de Tweede Wereldoorlog. De rasta's voelen zich verwant met het joodse volk. Ook zij willen Babylon (het onderdrukkende systeem van slavernij en uitbuiting) verlaten om naar 'the Father's land' te gaan, het beloofde land van melk en honing. In hun geval is dat niet Israël maar Ethiopië, en bij uitbreiding heel Afrika. Maar je kunt die gezegende bestemming ook bij jezelf zoeken: "Open your eyes and look within/Are you satisfied with the life you're living?" Het is een van Marley's meest geliefde quotes.
Het ritme van 'Exodus' neigt naar disco, in 1977 op zijn hoogtepunt, en voor de puristen toen een bijkomende reden om het hele album links te laten liggen. Zij dwaalden. 'Exodus' is een van de krachtigste en meest originele nummers die Bob ooit heeft opgenomen.
Producers besteedden in die dagen nog veel zorg aan de tracklist van een LP. Chris Blackwell verdeelde de songs van 'Exodus' over een rebelse, militante A-kant en een liefdevolle, helende B-kant. 'Jammin'' is superieure partyreggae, opnieuw met een verkapte discobeat. Het nummer inspireerde Stevie Wonder om 'Master Blaster (Jammin')' te maken als eerbetoon aan Bob. De titel is uitgegroeid tot een soort promokreet van het goede Caribische leven. Maar het blijft natuurlijk wel jammen "in the name of the Lord", en liefst op "Holy Mount Zion" in het beloofde land. Tussendoor steekt Bob nog eens fier de borst vooruit: "No bullet can stop us now/We neither beg nor we won't bow'.
En dan is het tijd voor de liefde. Chris Blackwell vond 'Waiting In Vain' geen hoogvlieger en raadde Marley af om het nummer op het album te zetten. Maar Bob wilde niet altijd de grote revolutionair zijn. Hij had kinderen bij minstens vijf vrouwen en verkeerde eigenlijk voortdurend in jachtmodus. Zijn nieuwste verovering, Cindy Breakspeare - Miss Wolrd 1976! - was in Londen, en meestal aanwezig in de studio. Maar er waren wel meer meisjes en vrouwen die de geroemde stamina van de zanger op de proef wilden stellen.
Tyrone Downie construeerde de basistrack van 'Waiting in vain' met een drummachine, een van de eerste in zijn soort. Carlton Barrett speelde de drumpatronen exact na, zij het met veel tegenzin: "I hope this fucking machine doesn't take my place.". Een kleine tien jaar later was dat precies wat er gebeurde in de reggae: de vrijwel complete digitalisering van een genre. Het heeft tot dit decennium geduurd voor zich in Jamaica volwaardige nieuwe bands aandienden, met echte muzikanten.
Bob Marley werkte acht uur aan de vocals van 'Waiting In Vain' maar kreeg ze niet goed. Hij ging weg met een meisje, keerde de volgende dag terug en nam het nummer op in één take.
Er staat ook een ballad op 'Exodus'. Bob mikte op een doorbraak in de Verenigde Staten en hij wist dat reggae daar niet echt gesmaakt werd. Cindy Breakspeare zegt dat 'Turn Your Lights Down low' exclusief voor haar geschreven is, op haar appartement nog wel, maar dat heeft Bob nooit willen bevestigen. Het nummer werd in 1999 een bescheiden hit in de gerapte uitvoering van Lauryn Hill. Zij is gehuwd (en heeft vijf kinderen) met Rohan Marley, en van de vele zonen vàn. Toch een beetje natural mystic.
Don't worry, be happy
'Three Little Birds': een pure feel good song, met een eenvoudige tekst die iedereen meezingt: "Don't worry about a thing/'Cause every little thing is gonna be alright." Jazzvocalist Bobby McFerrin vond het zo'n aanstekelijk nummer dat hij er zijn eigen 'Don't Worry, Be Happy' op entte, misschien wel de grootste internationale reggaehit ooit. En die vogeltjes? Bob zei dat hij drie kanaries had gezien in de tuin van zijn huis. Volgens de I-Threes ging 'Three Little Birds' over henzelf, de drie vaste zangeressen.
'Exodus' sluit af met een anthem, het bekendste en meest invloedrijke liedje dat Bob gemaakt heeft. Hij had 'One Love' twaalf jaar eerder al eens opgenomen met Peter Tosh en Bunny 'Wailer' Livingstone, samen The Wailing Wailers, toen nog een vocaal trio dat zich liet backen door de legendarische Skatalites. Opnieuw een vrolijke sing-a-long die het zelfs tot stadionlied heeft geschopt, hoewel Bob toch weer een paar pertinente dingen zegt: "Is there a place for the hopeless sinner who has hurt all mankind just to save his own?" Dat zal er in een karaokebar toch niet altijd even vlot uitkomen. Marley vraagt ook mededogen: "Have pity on those whose chances grow thinner."
De volledige titel van het nummer is 'One Love/People Get Ready'. Een ingeving van Chris Blackwell, die in het bruggetje van de song een hitje van Curtis Mayfield herkende. Hij wist ook dat Bob Marley een grote fan was van de Amerikaanse soulzanger, dus de kruisbestuiving lag voor de hand. Mayfield heeft er in elk geval nog een mooi zakcentje aan verdiend want 'One Love' is echte popklassieker geworden.
Bob heeft het zelf niet mogen meemaken. Het nummer werd na zijn dood in 1981 uitgebracht als single van het uiterst succesrijke compilatiealbum 'Legend'. In de warmhartige videoclip passeren enkele van zijn bekendste Britse bewonderaars de revue: Paul McCartney, Madness, Bananarama... Maar de mooiste beelden zijn die van Bob Marley zelf, breed lachend en onbezorgd skankend met een groep Londense kinderen. Geen rebel, geen verleider, maar gewoon een mens die zich goed voelt en geniet van het moment, in harmonie met zijn omgeving. One love.
De misser van Ziggy
Wat heeft Ziggy Marley bezield om een remix te maken van 'Exodus'? Het schijfje zit als extra bij de veertigste verjaardagseditie, naast nooit eerder uitgebrachte live opnames van Bob Marley & The Wailers in Londen. Het eerste wat opvalt, is de stem van Bob, die veel sterker naar voor is gemixt. Een kleine meerwaarde misschien maar we zaten er zeker niet op te wachten. Aan kracht en duidelijkheid heeft het de vocals op deze plaat nooit ontbroken. Dan hoor je dat er ook gemorreld is met de muziek. Ziggy Marley heeft niet alleen de originele opnames gebruikt, zoals hij in het begeleidende boekje vertelt: "...without changing what had been done." Er is her en der wel degelijk nieuwe instrumentatie toegevoegd en 'Turn Your Lights Down Low' werd zelfs volledig opnieuw ingespeeld. Maar dat is nog niet de grootste heiligschennis. Ziggy is er ook in geslaagd om alle scherpte en authenticiteit uit de sound te halen. Hij laat drums en bas, de ruggengraat van de reggae, verdrinken in een lauw mainstreamgeluid zoals ze dat in Jamaica altijd bewust geweerd hebben. Ziggy woont al jaren in Amerika, maakt zelf poppy, radiovriendelijke reggae, maar geeft dat hem het recht om de muziek van zijn vader zo te mismeesteren en te ontdoen van alles wat haar ooit spannend en gevaarlijk maakte?
Exodus 40 - The movement continues... (Tuff Gong/Island/Universal)