
By Jah Shakespear, Katrien Van der Aa, Natty
Hoe was Reggae Geel 2016? Wij hebben uitstekende concerten gezien op de mainstage, in de Yard en in de Skaville, en fantastische (zij het net iets te luide) roots en dub gehoord in de 18" Corner. Het ongenoegen over de Bounce Dancehall was dit jaar zo groot dat we er een apart artikel aan wijden.
Nooit eerder moest Reggae Geel afrekenen met zoveel tegenslag. De overvloedige regen in de aanloop naar het festival maakte een groot deel van de parkings onbruikbaar en zorgde vrijdag en zaterdag voor urenlange files. De strenge drugcontroles aan de ingang verpestten de vibes van een hele hoop bezoekers die de pech hadden om op het verkeerde uur naar binnen te gaan. En na de annulering van Sizzla liet een andere topact, Popcaan, het gewoon in laatste instantie afweten. Dat Reggae Geel uiteindelijk toch weer een geweldig feest was, hadden we te danken aan de meer dan 2000 vrijwilligers die zich onverdroten bleven inzetten om de mensen ondanks alles in de best mogelijke omstandigheden te ontvangen. Hulde.
Er zouden natuurlijk best wat meer houten paden mogen liggen, al was het maar om de bewegingsvrijheid van de rolstoelgebruikers niet te beperken tot de backstage en nabije omgeving. Je zult maar een dubhead on wheels zijn en naar de 18" Corner willen. We missen ook een reuzenscherm, zoals dat zelfs op veel kleinere festivals al de norm is. Er is een gevarieerd aanbod aan eten (ook in de Vettigen Hoek) maar soms was het wel erg lang aanschuiven. En het heeft misschien met de leeftijd te maken (hoewel ook onze jongere verslaggevers erover klagen) maar meer banken en andere zitplaatsen zouden zeker geen overbodige luxe zijn. Over de toiletten zijn de meningen verdeeld: soms was het lang wachten, soms niet. Dixie's heb je ook op andere festivals maar op Irie Vibes en de Antilliaanse Feesten hebben ze de wc's wel een upgrade gegeven. Alles kan beter, ook al hebben wij opnieuw een zalig weekend beleefd en kijken we nu alweer uit naar de volgende editie.
Vrijdagavond even voor elven was een keerpunt in de geschiedenis van Reggae Geel. Voor het eerst nam een Jamaicaanse artiest(e) op het hoofdpodium afstand van de homohaat in haar land, en van alle artiesten die volharden in de boosheid. "Ik ben een grote fan van Sizzla," zei Tanya Stephens, de beste zangeres van haar generatie: "Maar de wereld is veranderd. Ik heb holebivrienden over de hele wereld. We mogen onze ogen niet langer sluiten voor de realiteit van de diversiteit.". Ze werd daar even later in bijgetreden door 'Mama' Elise Kelly, de populairste en meest invloedrijke radiostem van Jamaica (Irie FM) en met glans geslaagd voor haar ingangsexamen als MC op de mainstage. Dat Lee Perry een veiligheidsagent de volgende dag uitfoeterde voor batty boy ("janet", beleefd vertaald) zullen we maar beschouwen als de laatste stuiptrekking van een generatie. Overigens ging hij zich nadien wel excuseren bij de agent.
De eerste artiest die ons wegblies op het hoofdpodium was Kabaka Pyramid, zoals hij dat vorig jaar ook al deed in de Vooruit in Gent. Kabaka is één van de voortrekkers van de nieuwe generatie conscious artiesten en weet zijn fantastische flow te combineren met aanstekelijke riddims en bovenal uitzonderlijk sterke teksten. 'Never Gonna Be A Slave', 'No Capitalist', 'Foundation', 'Weeping And Mourning', 'Allright', 'Worldwide Love', 'Lead The Way': het zijn stuk voor stuk straffe new roots tunes met een aanstekelijke hiphop flavour. Lang geleden dat we zon begaafde lyricist aan het werk hebben gezien. Ook de dancehall in het tweede deel van Kabaka's set was music with a message: 'Rebel With A Cause', 'Phenomenom', 'Lock Down Di Place'. En toen schalden de eerste tributes aan Buju en Sizzla over het terrein. De ene zit in de gevangenis omdat hij betrokken zou zijn bij een grote cokedeal, de andere is hier persona non grata omdat hij batty boys haat. Helden? Met 'Mr Politician' sloot Kabaka Pyramid één van de beste shows van het weekend af, en toen was het nog geen zeven uur.
We hebben intussen gehoord (en gevoeld) dat de bassen in de 18" Corner dieper dreunen dan ooit. Waar tien jaar geleden de Bounce de rest van het festival dreigde te overstemmen, zowel geluidsmatig als in populariteit, zo domineert nu de 18" Corner het geluid op een groot deel van het terrein. Soms werd zelfs de muziek op het hoofdpodium verstoord. Een teken des tijds - dub, oude roots en aanverwanten bereiken de laatste jaren een almaar groter publiek en eisen letterlijk steeds meer ruimte op in de reggae scene. Maar een kleine herschikking van het terrein (en van de geluidsgolven) moet toch kunnen, uit respect voor de andere sounds en stijlen.
Blackboard Jungle was wel de ideale host in het dubbos, met 18 scoops verdeeld over 3 torens. De Franse soundsystem is een graag geziene gast in België en hostte de voorbije jaren ook het Reggaebus Festival, dat vanaf dit jaar jammer genoeg niet meer doorgaat. Afgewisseld met hun eigen sets, zorgden ze ervoor dat de andere artiesten vlot en op tijd aan hun set konden starten. In tegenstelling tot King Shiloh (vorig jaar) lieten de mannen van Blackboard hun gasten ook gebruik maken van de volledige capaciteit van hun sound. De eerste act die we zo zagen was Suns of Dub (met Addis Pablo op melodica) featuring Prince Alla. We zagen de zanger de laatste jaren al een paar keer passeren in ons land, maar het blijft fijn om hem bezig te zien. Sterke set ook, eigen dubs afgewisseld met foundation tunes.
Heel andere vibes op de mainstage, waar de nieuwe revelatie Dexta Daps voor een verrassing zorgde. De jongeman is super populair in Jamaica, haalt miljoenen hits op YouTube en wist ons tegen alle verwachtingen in nu ook live te overtuigen. Kaushan, stilaan de huisband van Reggae Geel, speelde strak, Dexta heeft een leuke flow én kan ook nog eens zingen. Nieuwe stijl, en veelbelovend voor de dancehall die zichzelf altijd maar blijft heruitvinden.
De grootste dancehallnaam op vrijdag was Konshens, vroeger nog te gast in de Spiegeltent in Antwerpen met zijn broer Delus, die jammer genoeg kort geleden overleden is. Konshens weet het publiek vooraan best te entertainen bespelen maar zijn stem klonk schor en hij zong weinig tunes uit. Kleine tegenvaller toch.
Snel even naar het bos (de bassen zijn onweerstaanbaar) waar een saxofonist de meditatieve vibes nog verdiepte. Waarna Aba Shanti I de nacht opende met een prachtige versie van Jah 9's 'New Name.'
Maar wij wilden natuurlijk ook Beres Hammond zien, de grootste "sjoe" van Jamaica (aldus zijn Antwerpse fans). De hitmachine die Beres na al die jaren geworden is, zorgde zoals altijd voor een sterke show, met heel wat karaokemomenten. Lovely vibes om de eerste dag af te sluiten op het hoofdpodium (ook al speelde zich vlak bij ons de eerste serieuze vechtpartij af die we ooit gezien hebben in Geel, de security greep snel en efficiënt in).
Voor de reggaehipsters onder ons die alles op het hoofdpodium al gezien hebben en willen afwijken van de mainstream valt er gelukkig altijd wel iets hips en obscuurs te ontdekken bij The Yard. Aankomende festivalgangers worden dit jaar naar 'den hof' van Reggae Geel gelokt door de prominent aanwezige boxen van Giraffe sound, dat de rol van resident sound op zich mag nemen en tussen de verschillende optredens door het publiek vermaakt met uitgebreide en gevarieerde sound sessions. Het geluid bij The Yard klinkt dan ook excellent en de optredens worden enthousiast aan elkaar gebreid door de Britse comedian Aurie Styla.
Het eerste echte live optreden is meteen raak: na een uitgebreide instrumentele intro krijgt de Amsterdamse band The Dubbeez de toestromende festivalgangers al gauw op hun hand met een stevige one drop. Voor 'Mr Mercenary' wordt het tempo opgedreven en bij de cover van '54-46' wordt er al uitbundig meegezongen. De combinatie van goede toast- en zangstemmen en de stevige ritmesectie is genoeg om de aanwezigen te bekoren, dus de publieksspelletjes ("everybody go low") zijn in feite overbodig. Aan het einde van de set mag iedereen die wil een gratis EP'tje gaan halen. Sympathieke jongens en meisjes, die Dubbeez!
Nog zo'n sympathiekeling is Gerson Main, die ongetwijfeld langs een omweg via Pairi Daiza naar Geel gekomen is, want hij heeft zijn gewone bontmuts dit keer ingeruild voor een pandaversie. Gerson is een beetje de vreemde eend in de bijt met zijn akoestische gitaar en overwegend Nederlandstalige oeuvre. Er zijn duidelijk veel Nederlandse fans aanwezig die al even enthousiast als de achtergrondzangeressen meezingen met 'Waarom leven we niet in een folder?, 'Spreek' en 'Ik Weet Niet Hoe' (de nederklassieker van Benny Neyman). Maar los daarvan heeft de singer-songwriter ongetwijfeld een hele hoop nieuwe fans gemaakt met zijn toegankelijke muziek die het midden houdt tussen kleinkunst en schlagers, op het eerste zicht komisch maar vaak toch met een doordachte boodschap. Duidelijk de publieksfavoriet is - hoe kan het ook anders? - 'Koning Van De Camping', volgens Gerson: "…het dichtst dat we ooit bij reggae gaan komen!". Als het einde van de set nadert, kondigt de zanger aan dat ze uiteraard niet weg kunnen gaan zonder een pull-up te doen, waarop hij vijf keer opnieuw 'Deejay' inzet ("…nu echt de laatste want het is niet meer grappig!"). Met een indrukwekkend en lichtjes hoofdpijnverwekkend kakafonisch hoogstandje wordt de set uiteindelijk afgesloten.
Nog meer volk verzamelt zich in The Yard voor de set van Bong Productions, die hier bijna letterlijk in hun eigen achtertuin een thuismatch komen spelen. De sfeer is gemoedelijk en alle aanwezige bekenden worden uitgebreid verwelkomd. Horen we daar een Rupelsoldaat live? Het is een gezellige bedoening met een hoop dubplates en nostalgische dancehallvibes. In de Bounce hebben we die toch vaak gemist dit jaar en hoorden we veel meer cross-over met andere, meer dance gerichte genres.
Rhoda Dakar is duidelijk minder bekend in Geel en dus staat er voor haar show iets minder volk. Volledig onterecht, want de Britse skazangeres brengt samen met haar all-star UK ska line-up een geweldige set. Wat voelen we ons gezegend dat we dit op Reggae Geel kunnen ervaren. Rhoda brengt nummers uit haar tijd met The Bodysnatchers en The Specials, aangevuld met ander materiaal zoals een aangrijpende cover van Bunny Wailer's 'Dreamland'. Enkel al de aanblik van de distinguished gentlemen van de band en het charmante accent van Rhoda (op het einde waagt ze zich zelfs aan een paar woordjes Nederlands bij wijze van afscheid) maken dit optreden meer dan de moeite waard.
The Hempolics staan op vrijdag als laatste live band in The Yard en krijgen het publiek(je) in de ban. Zowel muzikaal als vocaal zijn de leden van deze Britse band goed op elkaar ingespeeld en hun eclectische urban stijl vermengt ouderwetse one drop reggae met andere genres wat een interessante set oplevert. De rapper beheerst zowat alle vocale Jamaicaanse stijlen, de zangeres legt een brug tussen Lauryn Hill en Billie Holiday. Hypnotische beats worden gecombineerd met melancholische zang en live melodica. De tweede helft van de show wordt de distortion aangezet zodat we even in de grunge reggae verzeild geraken (horen we daar een stukje van Nirvana's 'Come As You Are'?) en wat later worden we getrakteerd op een cover van Faithless' 'Mass Destruction' ("…because we love Maxi so much!"). De zangeres voorziet de nummers van enige context en neemt daarbij geen blad voor de mond. Deze band zullen we niet gauw vergeten. Voor wat het waard is: Jah Shakespear vond dit de beste show die hij dit jaar gezien heeft.
Door de files hebben we Runkus en Sevana gemist, en dat was volgens vrienden best jammer. Wij openden de dag met Aswad (routineus maar altijd op niveau) en een bezoekje aan de 18" Corner, waar Ashanti Selah er al een serieus tempo op na hield. De zoete stem van Junior Roy klonk heerlijk in het bos. Tune: 'Respect The Youth'.
Onze eigen Pura Vida stond dit jaar meer dan terecht op het hoofdpodium, een dag nadat ze ook op Esparanzah (Floreffe) het mooie weer maakten. Met Saimn-I op bas (in plaats van de geblesseerde Boris) bracht de band bezwerende uitvoeringen van 'Jah Live', 'Dread Lion', 'Roastfish Collieweed And Cornbread', 'Come Along' en andere Black Ark-klassiekers. Puraman Bregt De Boever had een prachtige, zelfgemaakte reuzenpop bij van Scratch. Misschien is het een goed idee om de oude zangpartijen in de toekomst te laten playbacken door dit creatuur, als Lee Perry zelf echt niet meer kan lopen. Of waarom niet met onmiddellijke ingang? Perry stond in Geel (en naar verluidt ook in Floreffe) echt wel onverstaanbaar te wauwelen, en zijn batty boy-scheldpartij maakte het er niet beter op. Blij voor alle mensen die na de show met hem op de foto mochten maar het bevestigt wel zijn status als bezienswaardigheid, veel meer dan als zanger of sjamaan (vroege bosgangers waren overigens ook zeer te spreken over de Lost Ark Sounds waarmee Puraman de 18" Corner op vrijdag mocht openen. Zij hoorden tunes en dubs van The Congos, Jah9, Lee Perry en andere artiesten die de Lost Ark in Sint-Maria-Aalter de voorbije jaren bezocht hebben. De kers op de taart was een heerlijk nieuw nummer van Watty Burnett dat binnenkort moet uitkomen!).
Daweh Congo (zoon van Black Ark-zanger Leo Graham) kon amper geloven dat hij na 20 jaar weer op Reggae Geel stond. Zo lang moet je ook al meedraaien in de reggae want de man heeft sindsdien nog amper nieuwe tunes gemaakt. En hij was toen al een buitenstaander, een rootszanger in de hoogdagen van de dancehall. De schaarse hitjes van toen ('No Peace', 'Jah Call Dem') waren in Geel vooral herkenbaar aan de foundation riddims want voor de rest schuwde Daweh Congo de improvisatie niet. De belangrijkste inspiratiebron zijn de teachings van Marcus Garvey maar de zanger met de Burning Spear-achtige stem schuwde ook de lovers tunes niet. Onze verwachtingen waren iets hoger gespannen maar Daweh vertegenwoordigde wel zowat in zijn eentje de roots op de mainstage. Met zijn tunes hoort hij even goed thuis in de 18" Corner, op sound, waar oude roots en nieuwe dub harmonieus in elkaar overvloeien.
Getuige daarvan de set van Prince Fatty en Nick Mannaseh, twee Engelsmannen die uiterlijk zo afkomstig lijken uit 'Trainspotting'. Wie opent met 'Black Starliner', 'Words' en 'Jah Army' (alle drie op 7"), heeft in elk geval altijd onze aandacht. Horseman, de vaste DJ van Prince Fatty, toonde zich de meest gedreven en creatieve MC van het weekend, op een fundament van old school toasting, gelardeerd met grappige geluiden, stembuigingen en eigentijdse boodschappen.
Moa Anbessa bracht Don Diego mee naar de 18" corner, de perfecte keuze om het volk in nog hogere sferen te brengen. King Earthquake zorgde letterlijk voor een muzikale aardbeving, met een schitterende selectie foundation tunes (Burning Spear, Gladiators, Twinkle Brothers...) als aanloop naar een loodzware dubsessie. Wij vragen ons wel eens af hoe lang het menselijk lichaam die indringende bassen kan verdragen maar daar hadden de vaste klanten die hier twee dagen resideren duidelijk geen last van.
Intussen op de mainstage. De stem van Junior Reid is al een paar jaar niet meer wat ze ooit geweest is en hij verkiest ook nummers van Black Uhuru (waarvan hij alleen 'Fit You Haffi Fit' destijds zelf heeft ingezongen) boven zijn eigen werk. Voor zover hij de tunes al een kans gaf en niet voortijdig liet afbreken. Wel leuk om op het einde (voorspelbaar!) nog eens met z'n allen 'One Blood' mee te zingen.
Dan liever Wayne Wonder, na Beres zonder twijfel het grootste hitkanon op deze editie van Reggae Geel. Dat besef je pas als je al die successen op een rijtje hoort, van 'Joyride' tot de wereldhit 'No Letting Go'. Wayne Wonder zong ze allemaal met sprekend gemak, de hoge stem nog even mooi en zuiver als in de jaren 80, 90 en 00. Maar hij imiteerde ook overtuigend Buju Banton, de man met wie hij destijds een paar mooie combinations maakte, en beleefde zichtbaar plezier aan zijn persoonlijke invulling van foundation riddims als Real Rock. Toch een topshow, hoor.
En dat gold ook voor Pinchers, de volgende act op het hoofdpodium. In de jaren 80 een van de weinige echte zangers tussen alle DJ's en brulapen die toen hun opwachting maakten maar nooit in België geweest: wij waren benieuwd. Net als Wayne Wonder zingt Pinchers (niet te verwarren met Pliers, van Chaka Demus) nog altijd als een nachtegaal, de stembanden ongeschonden door het roken en het leven. Een mens zou nog gaan denken dat ganja echt geen kwaad kan. Het was heerlijk om al die 80ies riddims nog eens terug te horen, fris en vrolijk gespeeld, met daarover die dartel dansende stem van Pinchers, een kolibrietje op de notenbalk. Geweldige outfit ook, met die vintage leren hoed ('Bandolero' style!), glitterjasje, leren broek en rode schoenen.
Tarrus Riley bracht op Reggae Geel eindelijk een nieuwe live set. Nog altijd met de fantastische Black Soil Band onder leiding van Dean Fraser en uiteraard alle grote successen op het menu ('She's Royal', 'Rebel', 'Beware', 'Getty Getty', 'Superman', 'Protect The people', 'One Two Order'...), maar toch in een andere constellatie en met nieuwe arrangementen. Alaine mocht openen met de hitjes die ze een paar jaar geleden scoorde en haar in Jamaica erg populaire Adele-cover 'Hello'. Mooie, hoge en frivole stem, maar misschien net iets te braaf voor het Europese publiek? Singy Singy Tarrus Riley zelf durfde bij momenten ook wat melig uit de hoek komen ("…de Bart Kaëll van Jamaica!" riep een grapjas) maar kreeg uiteindelijk toch heel de wei mee. De band verkeerde in topvorm en verhief de muziek naar het hoogste festivalniveau.
En dan moesten Gentleman en Ky-Mani Marley nog komen. De nummers uit de plaat die ze recent samen hebben uitgebracht klonken een beetje braaf maar wel goed. Gelukkig werd de show al snel een wisselwerking tussen de hits van Gentleman en Ky-Mani en enkele covers van Bob Marley ('Simmer Down', 'Is This Love', 'Iron Lion Zion'). 'Rasta Love' (origineel van Ky-Mani en Protoje) was een eerste hoogtepunt en mondde mooi uit in 'No Woman No Cry', hèt meezingmoment van het weekend. Gentleman demonstreerde op zijn beurt waarom hij de grootste Europese reggaester is, met een selectie uit zijn vele successen. The Evolution is na al die jaren geëvolueerd tot een echte top band, voor deze gelegenheid aangevuld met Dean Fraser, die vooral de ska-tunes een extra dimensie gaf. Als bisnummers serveerde Gentleman zowaar een tribute to Sizzla ('Woman I Need You') en zijn eigen monsterhit 'Dem Gone'. Perfecte afsluiter op de mainstage.
Wij hebben onze Reggae Geel afgesloten in het bos, waar de diepe bassen van Blackboard Jungle ons meteen weer in vervoering brachten, opgeluisterd door de prachtige stem van Nish Wadada. Deze sterke empress zien we de laatste jaren wel vaker verschijnen in de dubscene, en daar hoort u ons niet over klagen.
Net op tijd gearriveerd om reggaeveteraan King Flashman mee te pikken, die deze keer niet komt doekjammen of dubdichten maar het publiek vergast op een muzikale reis door de tijd (op sound) met de King Flashman 35 years experience. We krijgen een aantal lovers en rub-a-dub nummers uit de jaren '80 te horen zoals 'Roots Dawta' en 'Hold The Faith'; op een enkele uitzondering na is dit een strictly Studio 1 session. Tegen het einde van de set passeert ook nog wat "Nederlandstalig" materiaal de revue, zoals 'Stappen Uit Die Troep' en 'Oep Maaine Gazon'. De highlights van deze interactieve experience zijn in feite niet de liedjes zelfs maar de tussenstukjes waarin storyteller Ras Feel sappige context verschaft bij het hoe en waarom van de nummers in kwestie.
Ook rootszangeres Khalilah Rose is niet vies van een streepje storytelling. Zo vertelt de rasta empress over hoe ze in een vorig leven als leerkracht voor de klas stond en nu dus vanop het podium een andere boodschap verspreidt. Ze draagt haar set op aan de dames in het publiek ("Respect fi di empress!"). De toehoorders voelen zich duidelijk aangesproken door de oproep: "Light it up!", die de ganja tune 'New World' vergezelt. Met haar aangename, krachtige stem en rastaboodschap is Khalilah Rose best te omschrijven als een kruising tussen Etana en Jah9.
Treesha hebben we al eerder gehoord als achtergrondzangeres bij Gentleman (later vandaag ook op de main stage) maar vandaag mag ze haar ding komen doen hier in The Yard samen met deejay Denham Smith. Bij het begin laat haar stem het af en toe even afweten, maar het is duidelijk dat we hier met een doorwinterde zangeres te maken hebben, die blijkbaar nog kan toasten ook. Na twee liedjes wordt er ook een gitaar ingeplugd voor 'Don't Do It', een anti-gun violence track. Het eerste segment van de show bestaat vooral uit lovers, met een geslaagde cover van Dawn Penn's 'Night And Day'. Tamika, tweede achtergrondzangeres en tevens wederhelft van Gentleman, wordt ook even op het podium uitgenodigd als gast. Het volgende segment van de set is nogal chaotisch en bestaat vooral uit dancehalltracks aangevuld met Rihanna covers ('Man Down', 'Work'). Vooral die laatste tunes slaan aan bij het publiek en worden luidkeels meegezongen. Treesha sluit af met een potje ska en een cover van Tracy Chapman.
Eén van de grote highlights op zaterdag in The Yard is zonder twijfel Atomic Spliff, een band van eigen bodem. Anderhalve band in feite, als je de "geleende" koperblazers van Bottle of Moonshine meerekent, die voor net dat extraatje zorgen. "On veut des good good vibes!" en dat is duidelijk ook hoe het publiek deze reggae/dancehall set ervaart. De band heeft even nodig om op dreef te komen, maar eens op koers blijken ze niet meer te stoppen en dan zijn de pull-ups natuurlijk niet ver weg. De combinatie van foundation tunes en steeds snellere raps zijn onweerstaanbaar. Het dak moet eraf en dat gebeurt uiteindelijk ook bij het nummer 'A Fond'. Bij het afscheid te nemen is de volledige Yard aan het springen. Eén ding is zeker: Beljam's got talent!
Om middernacht trekken we voor een laatste keer naar de Yard, samen met enkele tientallen anderen. Samory-I (jammer genoeg op sound) is een jonge, militante rasta met een prachtige stem. Hij kwam op onze radar door David Rodigan, die de jongeman de hemel in prijst en zijn nummers bijna elke week draait op zijn radioprogramma. Op klassieke roots riddims zingt Samory-I met zijn hoge, doordringende en pure stem over rasta, repatriation, gelijkheid en nog meer mooie waarden. Van op een afstandje kon je je misschien zelfs afvragen of het wel een man was die stond te zingen. Zijn bescheiden hit 'Take Me Oh Jah' klonk nog beter dan de studioplaat, en daarmee overtuigde hij ons helemaal van zijn potentieel. Volgende keer graag mét band, en op de mainstage.
Nooit klonken de vinylplaatjes uit de jaren 60 zo mooi als op de Pressure Lo-Fi Sound van Phil Bush. Of ze nu gespeeld worden door Dukes Vs Pirates, Kris Van Beethoven, Paul Huxtable of Sugar Merchant. Wie in het midden ging staan, centraal tussen de torens, werd helemaal opgeslorpt door de donderende sound.
Zaterdag keken en hoorden we met veel plezier hoe Ras Gunti/Papa Lekker/De Ras zijn favoriete vinyltunes aan elkaar rijmde. In onze contreien benadert niemand dichter de essentie van de originele Jamaicaanse MC's, en zeker niet in het sappige Vlaams dat hij hanteert. Er loopt een rechtstreekse lijn van Far West Crew naar Discobaar A Moeder en die wordt bewaakt door De Ras.
Niemand van onze verslaggevers heeft de Nice Guys gezien (waarvoor onze verontschuldigingen) maar wie erbij was, geraakt er niet over uitgepraat. Ook in deze sector geldt dus dat Beljam meer talent heeft dan velen vermoeden.
Dave Barker gaf in de Skaville een van de beste concerten van het weekend. Voor de buitenwereld een one hit wonder ('Double Barrell' was in 1971 een wereldhit) is Barker bovenal een geweldige shouter soulzanger die met verve de grote klassiekers uit de jaren 60 vertolkt. 'Blowin' In The Wind', 'Who You Gonna Run To', 'Dancing Mood', 'Dance Crasher', 'Ain't Too Proud To Beg', 'Sea Of Love': waar anders hoor je die nummers nog, zo mooi gezongen bovendien, met een retestrakke band en de Matic Horns in een glansrol? Met 'Shocks Of Mighty', 'Get Up' en 'Confusion On This Land' greep Barker terug naar zijn Lee Perry-tijd, toen hij niet alleen schitterende nummers zong maar met zijn shouts en rijmpjes ook opwindende instrumentals inkleurde. 'Double barrell', de oerskanktune, was maar een van de hoogtepunten in deze show die zelfs de meest geradbraakte oudjes weer helemaal tot leven wekte.
Foto's: © Rik De Blick

Jah Shakespear, Katrien Van der Aa, Natty
Aug 08, 2016