
Al voor het derde jaar op rij pakte de Oostendse Big Youths vzw afgelopen weekend uit met een gratis 'wijkfeest' op de zeedijk van de Koningin der Badsteden. Het KLEUR festival komt tot stand dankzij een subsidie binnen het project 'Wijk in Beweging' en steunt op de pijlers muziek, kinderanimatie en wereldkeuken, waarbij telkens over de grenzen heen wordt gekeken. Dit jaar startte het gezellige festivalletje voor het eerst al op vrijdag met onder meer DJ Iron, Saimn-I en Randy Valentine, maar wij vervoegden de East End massive pas op zaterdagavond voor de shows van Teranga Band, Windub, Los Callejeros en Bitty McLean.
Het waren de muzikanten vanTeranga Band die ons in de vooravond op het Strandplein verwelkomden en ons meteen duidelijk maakten waar KLEUR voor staat, met hun vrolijke mix van reggae, salsa en al wat daartussen past. De zon speelde even verstoppertje achter de wolken, maar de gezichten van de bezoekers, die straalden volop. Op en voor het podium telden we al snel tien verschillende nationaliteiten bij elkaar, maar toen we daarna de wereldkeuken binnenstapten, raakten we de tel meteen kwijt. Er was lekkers uit India, Gambia, Congo, Kameroen, Jamaica en Soedan, maar wij kozen voor een schoteltje uit Tibet met een wel héél pikant sausje. Zo pikant zelfs dat we onszelf van de zeedijk moesten evacueren om onze tongen te gaan blussen…
Marketinggewijs dus niet meteen de beste zet, maar de Westkusters van Windub lokten ons al snel weer voor het podium. Daar was ondertussen een frisse wind ontstaan - wat wil je, met zo'n bandnaam ('wiend up' is West-Vlaams voor 'de wind van voren') - waarop de drummer de menigte opriep om allemaal wat dichter bij elkaar te staan. En dan nog liefst net voor het podium: "Er zijn hier gratis pintjes!". Een leugentje om bestwil, maar sowieso een betere move dan die van de Tibetaanse kokkin.
De zevenkoppige reggaeband deelde het applaus wat graag met de zon, die zich nog een laatste keer liet voelen, alvorens finaal in de zee te verdwijnen. De rijke sound van Windub bleef echter zelfzeker overeind, gefundeerd door de vierstemmige zanglijnen en subtiel aangevuld met kleine percussie-instrumenten als de vibra slap en cabasa. In het slot hoorden we zelfs nog een vijfde stem, maar niemand leek door te hebben waar die ineens vandaan kwam. Daarvoor had het publiek zich even moeten omdraaien naar de PA-tent, waar Saimn-I van achter de knoppen stond te freestylen. 'Let Us Unite' in een West-Vlaams onderonsje, wuk!
Los Callejeros voerde het tempo – en het aantal nationaliteiten – verder op met hun folk en balkan, waardoor al gauw een klein feestje losbarstte op het Strandplein. De frontman kondigde zichzelf en zijn kompanen aan als een Leuvense band, maar alleen in de bindteksten hoorden we af en toe een flard Nederlands. Voldoende om te weten dat ze over de vrede zongen, waardoor we kunnen besluiten dat deze vrolijke bende zeker zijn plek op de affiche verdiende. Die bindteksten gingen trouwens verder dan louter tekst: voor het nummer 'Candela' mocht een jongedame het podium op om een kaars in de achterzak van een van de muzikanten te stoppen, waarop die de vlam moest proberen te doven door stevig met zijn kont te schudden. Alle gekheid op een stokje!
Muzikaal was dit echter minder ons ding, waardoor we toen ook even de Satta Soundsytem Corner opzochten. Schuin achter het podium was deze kleine dubhoek ingericht, van waar al sinds de middag non-stop bassen over de dijk werden gejaagd. Erg veel bekijks kreeg deze sound niet, maar daar kunnen de nabijgelegen toiletten ook wel voor iets tussen gezeten hebben. Er was namelijk geen of een slechte afvoer voorzien, waardoor al snel een aflopend riviertje richting de boxen ontstond. Een hoopje zand kon dit stroompje wel tegenhouden, maar de urinegeur bleef natuurlijk wel hangen. Sowieso een aandachtspunt voor volgend jaar.
Toen de lucht helemaal donker kleurde en het festival zijn laatste uren inging, was het nog uitkijken naar headliner Bitty McLean. Die kwam echter een half uur te laat op de afspraak; zoals altijd strak in het pak, maar deze keer bijgestaan door een dj. Hij had dus wat goed te maken bij het publiek en leek aanvankelijk in zijn opzet te slagen, wat hij overigens louter aan zichzelf te danken had. De dj kampte immers met technische problemen en er zat nauwelijks meer leven in hem dan in de planten die het podium flankeerden.
Halverwege de show werd echter duidelijk dat dit publiek niet echt vertrouwd was met het repertoire van de Brits-Jamaicaanse artiest. Zo kreeg 'Walk Away From Love' geen forward en van 'It Keeps Rainin' (Tears From My Eyes)' hoorden we alleen de eerste seconden, waarop alweer geen gejoel ontstond. Bitty moest de meubelen redden met enkele Bob Marley covers en checkte na ieder nummer of iedereen zich wel lekker voelde. Tot drie keer toe verdween hij van het podium, om dan telkens weer terug te keren met "One more?" of "Are you gonna let me go?", waarna het enthousiasme bij de toeschouwers amper toenam.
Op zich was er niets aan te merken op deze trackshow, want Bitty zong loepzuiver en met een brede smile. Het schijnbaar ongeïnteresseerde publiek, dat meer stond te babbelen dan te luisteren, zorgde er echter voor dat dit geen memorabel concert werd. En zo was het uiteindelijk de headliner die hier misschien het minst thuishoorde. Zonde!

May 06, 2013