
By Jah Rebel
De laatste keer dat wij Linton Kwesi Johnson aan het werk zagen was toen hij in 2011- naar goede gewoonte geruggensteund door de Dennis Bovell Dub Band - ter gelegenheid van het Festival Des Libertés/Vrijheidsfestival aantrad in de KVS, een meerdere verdiepingen tellend theater in de hoofdstad. Het contrast met de kleine zaal van de Antwerpse Arenberg (capaciteit 150 personen), waar Linton slechts gewapend met zijn oeuvre en een microfoon het podium betrad, kon dan ook niet groter zijn.
Als wij het al aardig volgelopen zaaltje binnenwandelen is Son Dél Ground, een project waarin Elisabeth 'Elli' Severino Fernandes en Luca Kortekaas dans en spoken word combineren. Elli brengt haar geëngageerde teksten met aanstekelijke flow. Het concept is duidelijk gebaseerd op de klassieke spoken word poetry zoals die al sinds het einde van de jaren zestig wordt gebracht door artiesten als Last Poets of Gil Scott-Heron.
Over de rol van Luca Kortekaas, die voor de non-verbale omlijsting zorgt en dans combineert met visuele uitbeeldingen van de teksten van Elli, blijft ondergetekende wat in dubio. Dans is nu eenmaal niet ons dada en de combinatie met de poëzie doet ons af en toe aan een doventolk denken. Son Dél Ground heeft potentieel, maar hier en daar moeten nog enkele onevenwichtigheden worden weggewerkt.
Over de dadaïstische performance van Kain The Poet gaan we wegens "totaal niet ons ding" vrij kort zijn. Kain (Gylan Kain, vormde samen met Felipe Luciano en David Nelson de originele Last Poets) laat zich begeleiden door een saxofonist en drummer (wij herkenden Percy Jones, bij reggaeliefhebbers ook bekend als drummer bij Campina Reggae), maar de free jazz aanpak zorgt er echter vooral voor dat zijn woorden vaak verdrinken in een zee van lawaai. De Amerikaanse poëet beëindigt zijn performance uiteindelijk al schilderend (!) tegen een achtergrond van kwetterende free jazz improvisatie. Het ontbreekt ondergetekende echt aan het nodige avant-gardisme om hiervan te kunnen genieten.
Na een korte pauze is het dan tijd voor de hoofd-act van de avond: dubpoëet der dubpoëten, Linton Kwesi Johnson!
Gekleed in zijn traditionele uniform - keurig kostuum en fedora - en met niet meer dan twee van zijn poëziebundels in de hand zet Linton in met een korte duiding van het begrip "dubpoetry" om vervolgens te beginnen met wat traditioneel zijn openingsnummer/gedicht is: 'Five Nights Of Bleeding'.
Het valt ondergetekende onmiddellijk op dat Linton's teksten in deze setting een pak meer impact lijken te hebben; het is haast alsof we deze teksten, die we al jaren van zijn nummers kennen, voor het eerst echt begrijpen.
Voor Linton aan zijn tweede gedicht, 'It Noh Funny', begint, licht hij toe dat het het boek "The Souls Of Black Folk" van W.E.B. Dubois was dat hem tot de poezie bracht. Johnson laat daarbij ook niet na zijn twee mentoren, John LeRose en Andrew Salkey nog eens te bedanken.
Wanneer hij het in aanloop naar 'Sonny's Lettah (Anti-Sus Poem)' over de sus law heeft (een onderliggende oorzaak van de rassenrellen in het Verenigd Koninkrijk begin jaren tachtig van de vorige eeuw), vergelijkt hij die aanpak met het huidige stop and search beleid van de Engelse politie en de impact die die methodes op het dagelijkse leven van de zwarte jongeren (waaronder Linton's eigen kleinzoon) in het Verenigd Koninkrijk hebben.
Het tweede deel van Linton's performance staat grotendeels in het teken van een reeks elegieën: 'Reggae Fi Dada' is een eerbetoon aan zijn vader, 'Reggae Fi Bernard' eert zijn overleden neef en 'Reggae Fi May Ayim' is een ode aan de poëte van Duits-Ghanese komaf die in 1996 zelfmoord pleegde.
Linton besluit met de woorden: "Poetry is like medicine; it should be enjoyed in small doses!" en sluit af met 'New Word Order'.
Dan is er nog een vraag en antwoord sessie voorzien, maar daar ziet Linton liever vanaf en bij wijze van compensatie krijgen we in de plaats nog een extraatje in de vorm van 'Mi Cyaan Believe It', een gedicht van de betreurde Michael Smith, wat Johnson betreft: "The greatest of the Jamaican dub poets!".
Voor we tevreden huiswaarts keren, pikken we nog snel een exemplaar van Johnson's "Selected Poems" mee (long overdue!) waarin we de meester met graagte zijn naam laten vereeuwigen. The Writer's Bench is een geslaagd initiatief dat dit soort poëzie eindelijk de plaats geeft die ze verdient!

Lag samen met Jah Shakespear aan de basis van Reggae.be; eerst als recensent en interviewer, en vanaf eind 2014 ook als hoofdredacteur. Verdeelt zijn tijd tussen zijn twee passies: muziek en Haile Selassie.
Apr 27, 2013