Reggae.be
Jah Free Amos: "Dub poetry is voor mij meer een beweging dan een genre!"
InterviewsSep 02, 2012

Jah Free Amos: "Dub poetry is voor mij meer een beweging dan een genre!"

By Jah Rebel

Jah Free Amos was al gebeten door de dub poetry microbe in de jaren '90, lang voor hij als zanger met The Rastronauts op het podium stond. Eerder dit jaar stond hij in de Mama Matrea en de Zomerfabriek als onderdeel van Bless the Mic en recent dus ook op Reggae Geel bij de Beljam Dub Poetry sessie in het Skaville Circus, waar we dit interview met hem afnamen. 

Jah Free, wat versta jij precies onder dub poetry?

Jah Free Amos: Dub poetry is een beweging voor mij, meer nog dan een genre. Het is eigenlijk een groep van mensen die binnen de reggaescene een zeker politiek engagement heeft aangegaan en die nog meer dan de roots reggae artiesten het sociaal-cultureel aspect van de verzetsbewegingen doorheen de zwarte geschiedenis benadrukken. Je ziet vaak dat bij zogenaamde geëngageerde of conscious artiesten in de rootswereld de nadruk toch vooral ligt op het spirituele aspect. Bij de dub poets, daarentegen, en dan denk ik vooral aan mensen zoals Oku Onuora en Mutabaruka – die eigenlijk een heel geëngageerde rastaman is – wordt heel erg de nadruk gelegd op sociaal en politiek engagement. Daarnaast is dub poetry voor mij ook vooral een genre waarbinnen er mogelijkheid is om op een heel creatieve manier om te gaan met teksten. Er is een iets grotere vrijheid dan binnen de zangcadans.

Zoals gezegd wordt dub poetry vaak beschouwd als een vorm van protestpoëzie. Geldt dat ook voor jouw eigen werk? Heb je een bepaalde missie?

Jah Free Amos: Tja, ik heb niet zo erg veel gedichten en mijn engagement ligt ook binnen de universiteit; een soort van academisch engagement dus waarbinnen ik werk met kinderpoëzie en het is ook vanuit een zekere restauratie van "native poetry" in mijn academisch werk dat ik geïnteresseerd ben geraakt in dub poetry. Wat ik zelf dan doe daarbinnen is eigenlijk op een schertsende ludieke manier ode brengen aan een van de grootmeesters van het genre, namelijk Linton Kwesi Johnson. Ik lever geen parodie in de traditionele zin van het woord, maar eerder een soort van respectvolle hommage met kwinkslagen naar bekende dub poets. Zo bijvoorbeeld in één van de gedichten die ik ook op Reggae Geel bracht, 'Elisa', is het eerste zinnetje "van in het begin toen het regende in mei" eigenlijk een persiflage op 'Lorraine' van Linton Kwesi Johnson, waarin hij ook zegt "it was raining" en "we could share an umbrella". Het gaat dus eigenlijk om het respectvol parodiëren van bestaande dub poets, om dan ook het genre natuurlijk – en dat is misschien dan ook de echte missie van dat werk – terug onder de aandacht te brengen.

Je hebt nu al een aantal bekende dub poets vermeld, zoals LKJ en Mutabaruka, maar heb je zelf eigenlijk een favoriete dub poet?

Jah Free Amos: Ja, dat is ongetwijfeld Linton Kwesi Johnson. En niet alleen om de manier waarop hij zijn gedichten brengt, maar ook om de manier waarop hij zijn politiek engagement naar buiten draagt. Het is ook iemand die daar geen geheim van maakt, hij is een overtuigd marxist en hij spreekt zich op evenementen ook uit over zijn antikapitalistische overtuiging. Ook Mutabaruka is wel een van mijn favorieten, maar ik heb me wel wat afgekeerd van de Rastafari-thematiek, in de zin dat ik een aantal zaken zoals de goddelijkheid van Haile Selassie I moeilijk kan plaatsen. Ik kan wel ergens aanvaarden dat het gebeurt, maar Linton Kwesi Johnson is dan iemand die dat juk al wat langer van zich heeft afgeworpen en zich daardoor toch wat meer genuanceerd opstelt ten opzichte van de keizer en de bewegingen die daaruit zijn voortgevloeid (nvdr. Zie LKJ's gedicht 'Reality Poem').

Als we denken aan dub poetry, dan denken we natuurlijk aan gedichten die een bepaald ritmepatroon hebben. Als jij zelf poëzie creëert, wat komt er dan eerst, de tekst of de riddim? Of gebeurt dat eerder tegelijkertijd op een organische manier?

Jah Free Amos: Nee, ik heb vroeger als reggaezanger opgetreden bij een band uit het Geelse, The Rastronauts. We hebben een keer het voorprogramma gedaan van Black Uhuru op de Reggae Geel indoor (nvdr. Bob Marley Birthday Bashment in Geel in 2007) en ook eens het naprogramma van Linton Kwesi Johnson (nvdr. Festival van de Vrijheid in Brussel in 2008). In zo'n band maak je eigenlijk samen muziek en groeien de zangteksten daarbij, maar deze poëzie doe ik eigenlijk alleen. Ik gebruik bestaande dub riddims van bijvoorbeeld The Abyssinians, Linton Kwesi Johnson of Mutabaruka en van daaruit voel ik eigenlijk aan wat er binnen de cadans van het ritme past en dan reflecteer ik op de eigen sociaal-politieke realiteit en geschiedenis. Zo heb ik een nummer over een interraciale relatie dat gegroeid is uit een riddim van Linton Kwesi Johnson, 'Elisa'. Een ander nummer is dan weer geïnspireerd door de dood van Sémira Adamu in 1998 (nvdr. Adamu was een Nigeriaanse asielzoekster die verzet bood bij haar uitwijzing en daarbij kwam te overlijden wegens verstikking. Het incident leidde tot het heroplaaien van het heftige debat rond migratie en het uitwijzen van asielzoekers.), ook gegroeid uit een riddim en daarbij heb ik dan gereflecteerd op wat er zich toen in de maatschappij afspeelde en waar ik kritisch tegenover stond. Dus voor mij begint het echt vanuit de riddim en misschien ook vanuit een soort parodiërend karakter dat ik hanteer.

Wat betekent het voor jou persoonlijk om op Reggae Geel te staan als deel van het Beljam Dub Poetry luik?

Jah Free Amos: Op Reggae Geel staan is voor mij een enorme eer. Ik ben al vijftien jaar bezig met reggae en we hebben met The Rastronauts op de indoor editie gestaan, dus om nu op de zomereditie te kunnen staan en dan nog met mijn geliefde bezigheid, want ik heb voor mijzelf uitgemaakt dat poëzie beter bij mij past dan zingen, dat is gewoonweg fantastisch. Je vroeg me ook hoe het is om deel uit te maken van de dub poetry delegatie, dus ik zal daar even de context van schetsen. Ik werd gevraagd door Ras Feel, dat is eigenlijk mijn muzikale mentor, ook wel gekend als King Flashman en hij heeft mij indertijd in het restaurant Mama Matrea uitgenodigd om deel te nemen aan de dub poetry sessies. Ik heb daar als onafhankelijk poëet opgetreden, daarna ook in de Zomerfabriek en nu dus weer in Geel, maar het is eigenlijk een losse samenwerking; ik maak niet echt deel uit van de vaste  Bless The Mic groep en het zal daar dan in de toekomst misschien ook niet bij blijven.

Kan je tot slot misschien een van de gedichten die je hier op Reggae Geel gebracht hebt kiezen om even voor te stellen aan de lezers van Reggae.be?

Jah Free Amos: Wat ik zelf een gedicht vind dat me altijd aangrijpt als ik het breng is 'Afrikaan', omdat het zo enorm relevant blijft. We zien nu ook weer de uitzetting van Parwais Sangari (nvdr. een twintigjarige Afghaanse asielzoeker die op 9 juli uitgewezen werd en daarmee het debat rond asiel en migratie in België opnieuw deed aanwakkeren) en de enorme onkunde van het beleid bij het omgaan met multiculturaliteit en immigratie. Ook het  werk dat ik op dit moment verricht in een asielcentrum is enorm relevant. En dan zeg ik wel eens: "Afrikaan, mijn vriend, dis-moi mon ami, waarom je land in tranen vertelt over die oude tijd van koning en paleis". Dan denk ik wel eens, het blijft altijd een heel erg krachtig gedicht om te brengen.

Jah Free Amos: "Dub poetry is voor mij meer een beweging dan een genre!"

About the Author

Jah Rebel
Meer

Lag samen met Jah Shakespear aan de basis van Reggae.be; eerst als recensent en interviewer, en vanaf eind 2014 ook als hoofdredacteur. Verdeelt zijn tijd tussen zijn twee passies: muziek en Haile Selassie.

Published

Sep 02, 2012

🇧🇪 Belgian Artist