
De affiche liet er eigenlijk al geen twijfel over bestaan: dit zou een historische Reggae Geel worden, en niet alleen omdat Jamaica 50 jaar onafhankelijkheid viert. Recordopkomst, topconcerten, dj's galore: give thanks to the promotors for this truly amazing event.
22.000 bezoekers op vrijdag, 32.000 op zaterdag: de volkstoeloop verraste ook de organisatie, die in extremis een paar extra parkeerterreinen moest vrijmaken. En het was zaterdag voor veel mensen nog lang aanschuiven langs die ene smalle invalsweg.
Dat had allicht te maken met de komst vrijdag van big bad dutty stinkin Shabba Ranks, voor een exclusief concert in Europa. De winnaars van de vi.be-wedstrijd, Skylarkin' en Jahwed, mochten het publiek opwarmen in de Bounce Dancehall voor onze eigen Belgische Uman. Aansluitend stonden de eighties toasters Peter Metro & Squiddly Rankin op het podium, maar die set stelde weinig voor. En op hetzelfde moment was in de Skaville Circus de Studio One revue begonnen, met Soul Stereo en als gasten Alpheus, Carlton Livingston, Winston Francis, Lone Ranger en Jim Brown. Heerlijk, om die stemmen live aan het werk te zien, met de originele riddims van weleer.
Met nummers zoals From Creation brengt Alpheus het publiek in een reggaetrance die de rest van dit eerbetoon stand zal houden. Vervolgens is het de beurt aan Winston Francis, aka Mr Fix It, die we later nog zullen terugzien bij een live interview door David Katz en ook op het hoofdpodium tijdens de set van Bob Andy. Steeds in een opperbest humeur en met hemelsbrede glimlach neemt hij ons mee naar de jaren '60 met hits zoals Ten Times Sweeter than You en natuurlijk Mr Fix It. Reggaelegendes mogen niet vergeten worden volgens Winston en dus betuigt hij zijn respect met Gregory Isaacs' Number One en Dennis Brown's Love and Hate. Heel even krijgen we Bob Andy te zien en dan zetten we de reis verder, naar nog hogere sferen. "I might be going bald in the back but I'm still a Rastaman", vertrouwt Winston ons toe. Ik denk dat niemand in het publiek daar nog aan twijfelde tijdens Let's Go to Zion, een magisch moment dat wordt verder gezet met Three Little Birds en Satta Massagana, om dan te culmineren in een a cappella versie van Redemption Song. Met een big up naar Fatta van Soul Stereo Soundsystem achter de knoppen en het ondeugende Dem Girls neemt hij afscheid en is het de beurt aan Carlton Livingston, die de perfecte truc heeft om het publiek op zijn hand te krijgen: "I'm an old man so I can't hear very good". De hypnotische toestand in de tent blijft duren met klassiekers als Lonely Man en Armagideon Time. Al gauw verschijnt Jim Brown, die Carlton Livingston nog even terugroept om samen Mr Music Man in te zetten en dan verder te gaan in zijn karakteristieke deejaystijl met See Him Deh. Als laatste gast verscheen rub a dub deejay Lone Ranger, met wie Carlton de laatste jaren geregeld op stap is, en die twee voelen elkaar dan ook blindelings aan. Het einde van deze fantastische en meeslepende Studio 1 ervaring hebben we jammer genoeg aan ons voorbij moeten laten gaan. Een hartverscheurende beslissing, maar we waren te benieuwd om Shabba Ranks eens aan het werk te zien.
Maar eerst trad om elf uur in de Bounce Cham aan (vroeger bekend als Baby Cham), een tijdje geleden nog te gast bij Hotel Jamaica in Petrol. Cham is op dit moment razend populair in het thuisland en heeft een hoop hits op zijn palmares staan. Ghetto Story, Man & Man, Babylon Bwoy, Vitamin S, Monopoly, … we kregen ze allemaal te horen, in een strakke, energieke show, met Cham in vocale topvorm. Na de One Love-karaoke bracht de man zijn vrouw Mrs. O. op het podium, tevens zijn partner in een handvol actuele hitduetjes. Cham sloot af met Wine en Stronger, zijn meest recente hits. Een zeer degelijke show, zoals we van deze man gewend zijn.
En dan was het tijd voor de ster van de avond, na een veel te lange warm-up, dat wel. En de MC had blijkbaar alleen Legend van Bob Marley bij. Bad idea voor een dancehall show. Wat later dan gepland zette de band de eerste riddim in en verscheen Shabba Ranks op het podium, in kostuum, vol energie en duidelijk van plan om er iets van te maken. In de 90's een echte superster, met een resem hits in JA én in de internationale hitcharts, maar toch was hij hier amper één keer te zien, in de Brusselse Magdalenazaal, omstreeks 1993. Reggae Geel strikte hem voor een exclusieve show, wat resulteerde in een hoop extra volk op vrijdag. Het was een strakke set maar toch kreeg Shabba niet de hele tent mee. Aisha Davis, van het hitje Murder, begeleidde hem in Mr. Loverman en Twice my age. Een matige zanger nam de mannelijke vocals voor zijn rekening. De meningen op de wei waren verdeeld maar Reggae Geel maakte in onze ogen zeker de juiste keuze. Shabba Ranks gaf het beste wat hij te bieden heeft en bezorgde de massive een schitterende openingsnacht. Him deyah!
BBC-deejay Robbo Ranx mocht het feestje op vrijdag afsluiten, en op zaterdag ging het feest in de Bounce traditiegetrouw gewoon door, met verschillende Belgische sounds in rotatie: Cromanty, Ivory, Bong Productions, Uphill Sound en Civalizee Foundation. De vibes waren hier meer dan eens hot hot hot! Tijdens het optreden van de Rupelsoldaten in de late namiddag ging het dak helemaal van de tent. Het publiek stond tot ver buiten te dansen en zong hele nummers van de soldaten mee, een mooie beloning voor het werk dat de mannen in hun tunes steken. Big up!
Om af te sluiten koos Reggae Geel dit jaar voor Downbeat (the Ruler), een legendarisch soundsystem uit New York. Ze speelden heel wat goeie tunes en dubplates, maar het publiek reageerde eerder lauw. De set van Leroy Smart om twee uur 's nachts bleek een echte vibekiller, net als op Garance, waar Lloyd Parkes & We The People de meubelen moesten redden. Op sound bleek Mr. Smart even kitsch en passé als in de Provence vorige week. Hopelijk staat hier volgend jaar weer een soundsystem die de tent op z'n kop zet, want daar zaten de mensen op te wachten.
Even vermelden dat er de voorbije jaren al wel eens kritiek was op het afvalbeleid van Reggae Geel, maar dat hebben ze dit jaar helemaal rechtgetrokken. Er waren dit jaar overal genoeg vuilbakken aanwezig en er liepen genoeg mensen rond om afval te rapen, ook het systeem van een aantal lege bekers in ruil voor een drankje leek goed te werken. Big up!
Op het hoofdpodium, onder een stralende zon, mochten Sunrockers de festiviteiten openen, winnaars van de Benelux Reggae Contest. Wie het zag, was onder de indruk, zoals wij onlangs in Maastricht.
Tanya Stephens dompelde het publiek meteen onder in haar sexy, guitige Jamaicaanse vibes. Als ervaren performer stond de zangeres heel relaxed op het podium en nam ruimschoots de tijd om met het publiek te dollen. "Who has a long ding-dong?" Een paar honderd mannen steken hun vinger in de lucht. "Well, rip it out then!". Tanya heeft eigenlijk maar één thema: mannen, en hoe ze te verleiden en te begrijpen. Ze was in Geel helemaal zichzelf en genoot duidelijk van haar interactie met het publiek. Een sterke, getalenteerde vrouw die de fans voldaan achterliet met It's a pity, haar grootste hit. We love Tanya.
De package met Pablo Moses en Mighty Diamonds was eerder al een paar keer te zien in Europa. De Franse backing band heeft de tunes intussen perfect onder de knie en zette een volle, krachtige sound neer, niet overdadig Amerikaans maar wel drukker dan het Jamaicaanse geluid van We The People en andere backing bands from yard.
Over de Diamonds kunnen we kort zijn: check ons verslag van Garance. Party time, Poor Marcus, Rise up, Right time, Have mercy, Africa en I need a roof: stuk voor stuk classics. Tamarind Farm, een klein meesterwerkje van Sly & Robbie, werd hier geserveerd met een fantastische dub en overtuigende solo's. Pass the kouchie kreeg ook in Geel iedereen recht, en de mensen stonden op dat vroege uur toch al tot voorbij de geluidstoren.
Pablo Moses toert Max Romeo-gewijs al een kwarteeuw met dezelfde briljante songs, maar wordt iets minder mooi oud, en dat hoge, benepen stemmetje gaat wel eens vervelen. Maar Pave the way, A song, Dubbin' is a must, I man a grasshopper, Ready Aim Fire (niet opgedragen aan de Belgische medaillewinnaar in het karabijnschieten vrijdag): het is natuurlijk een mooie collectie authentieke rootsnummmers, los en vrij van de riddimcultuur, puur vakmanschap. De meeste zangers zouden hun ziel verkopen voor één song van dat kaliber.
De hoofdmaaltijd van Reggae Geel 2012 werd volgens sommigen al opgediend om zes uur 's avonds. Bob Andy, Johnny Osbourne en John Holt met de We The People Band van Lloyd Parks.
Bob Andy is een van de grootste songschrijvers die Jamaica ooit gekend heeft, ook al heeft hij misschien maar één klassiek album uitgebracht, Songbook op Studio One, en dat was dan nog een verzameling losse nummers. Bijna alle nummers die Bob Andy live bracht kwamen uit die plaat: Unchained, Desperate lover, Feeling soul, Too experienced, aangevuld met Fire burning en Life, ook al was Bob Andy niet zo goed bij stem als in Frankrijk en waagde hij zich zonder Marcia Griffiths erbij niet aan Young gifted and black. Maar toch blij dat we deze living legend nog gezien hebben in Geel, een zanger die tekstueel alleen Joe Higgs naast zich hoeft te dulden en ook een uitstekende songsmid is. Jammer dat hij Winston Reedy, Dennis Alcapone en Winston Francis op het einde maar één strofe liet meezingen. Francis hadden we avond voordien gezien in de Skaville Circus, maar wat deden die andere twee daar plots?
Flashback naar Garance. "Johnny Osbourne trapte af met Rock it tonight, op de Heavenless riddim. Uitsluitend bekende riddims op zijn playlist maar Osbourne heeft die wel altijd zelf uitgekozen, en er speciale songs voor geschreven. Liedjes die uw Jah Shakespear tot zijn eigen verbazing bijna allemaal woordelijk kon meezingen, gesmeed over zijn favoriete riddims bovendien. Far East, Stalag, Solomon, Joe Frazier (Icecream love!), Sleng Teng, Take it easy, Take a ride, de laatste bekender geworden in zijn uitvoering (Truths and rights) dan in de original van Al Campbell. De hemel was echt vlakbij toen Johnny Purify your heart zong, één van onze all time favorites, een echte wereldsong, en vlak daarna het uptempo Folly ranking, in onze tijd altijd prijs in de dancehall. Buddy bye kreeg voorspelbaar de heftigste respons maar tunes als Yo-Yo en Ain't gonna break my promise gingen er even goed in als zoete koek. Osbourne ging ook een paar keer dub plate style en demonstreerde overtuigend waarom hij wel eens de king of rub-a-dub wordt genoemd. Voor ons was en is hij gewoon een van de grootste zangers van Jamaica, nu voor het eerst in Europa en een waardige top of the bill van elk reggaefestival."
Wij volstaan met te zeggen dat Johnny Osbourne in Geel zo mogelijk nog beter in vorm was dan in Bagnol-sur-Cèze. Een van de drie mooiste concerten ooit op Reggae Geel (vindt Jah Shakespear.)
Maar het was John Holt – door omstandigheden nog nooit live gezien – die ons echt tot tranen toe bewoog. Simpele liedjes, schlagerteksten, maar wat een stem! En 1001 hits, waarvan zowat de helft covers (If I were a carpenter, Help me make it through the night, Never never never,…) en de rest tijdloze tunes en riddims uit de schatkamers van de reggae: Love I can feel, Stealin' stealin', Stick by me, Sweetie come brush me, Tide is high (van The Paragons, die Holt als jongeling mee heeft opgericht), On the beach (meezingen!), Police in helicopter (Pull up!), Tribal war, Ali Baba,… Man, dit was genieten, als je zoals de oudste bezoekers van Reggae Geel die tunes al een leven lang meedraagt en liefhebt. In Las Vegas zouden ze John Holt gekroond hebben tot crooner, hij heeft destijds zelfs een paar suikerzoete platen opgenomen met een strijkersensemble. Wat telt, is dat die stem je raakt in het hart, en dat doet ze nog altijd, bijna 50 jaar nadat John Holt zijn debuut maakte. A voice I can feel.
Alborosie is ondertussen een gevestigde waarde in de reggaescene en heeft genoeg ervaring om telkens weer met een verrassende show te komen. Als voorprogramma had hij een Jamaicaanse zangeres bij die drie mooie nummers bracht, waarna Puppa Albo zelf met veel enthousiasme het podium bestormde. Het publiek was blijkbaar al wat moe, want de zanger had het moeilijk om veel reactie los te weken op de volle wei. Een show van Alborosie is altijd verschillend. Zijn vele hits horen er altijd bij maar er was in Geel ook ruimte voor nieuwe nummers. De grootste verrassing kregen we in het midden van de set, toen eerst het thema van The Godfather weerklonk (Alborosie is een Siciliaan) en de man zelf een stuk belcanto zong. Raar maar waar, het klonk echt heel goed. Albo richt zijn pijlen natuurlijk op de maffia in zijn thuisland, een gedurfde en krachtige boodschap. Opnieuw een topshow van Alborosie in Beljam.
Ook Mr Vegas is intussen een vaste gast op de Belgische festivals, en daar is alle reden toe. De Jamaicaan smijt zichzelf altijd volledig en geeft zijn reggae en dancehall stevige injecties gospel, reggaeton en latin. Geen wonder dat hij twee jaar geleden ook de show stal op de Antilliaanse Feesten (en vorige week op Garance). Vegas is een bodemloos vat energie en vuurde ook in Geel weer de ene hit na de andere af. Fast jugglin'! Sweet Jamaica is de enige echte 50th anniversary song, met een tribute aan het JA Olympic team en een cameo van onze eigen Empress Raffi. De dancehallbreak in het midden was een van de vele memorabele moment in de show.
Dan doet Vegas het even rustiger aan, met enkele nummers van zijn nieuwe dubbelalbum Sweet Jamaica, één cd met dancehall en één met reggae, versions van klassieke riddims en wereldhits als Israelites (Give me a light, nu al een van onze favoriete ganja tunes) en You can get it if you really want it, de reality tune Thing ruff. Vegas nam afscheid met zijn nieuwste hit Bruk it down, en een heftige dans-act van een Jamaicaanse schone. Het meisje haalde haar beste skills boven, schudde haar kont sneller dan haar schaduw, en ging zelfs even op haar hoofd staan, onverminderd daggerend, Jamaican style! Niemand had het 50ste onafhankelijkheidsfeest van Jamaica in Beljam beter kunnen bekronen dan deze Mr Vegas.
En Tiken Jah Fakoly dan, zullen sommigen onder u zeggen. Welja, de Ivoriaan mocht deze droomeditie afsluiten, en hij verdient die erkenning ook. Maar net dit jaar hadden we toch liever een volledig Jamaicaanse finale gehad, en Tiken Jah is al zo vaak te zien in België. Wij hadden er in elk geval geen zin meer in, na een weekend vol topshows, legendarische namen en een resem van dj's die het beste uit 50 jaar reggae over het volk uitstrooiden.
Roots en dub addicts haalden dan weer opgelucht adem na de show van Vegas en herleefden helemaal bij de Afrikaanse reggae van Tiken Jah Fakoly - haast dezelfde setlist als op Dour, maar een pak energieker en overtuigender gebracht in Geel - en de afsluitende sessie van Dubkasm, dat last minute stand in speelde voor de mighty King Jammy, die onlangs werd opgenomen in een Frans hospitaal. Ze openden op gepaste wijze met een mooi eerbetoon aan de legendarische producer from yard, wat we wel konden verwachten van DJ Stryda, host van het populaire radioprogramma Sufferah's Choice op Passion Radio Bristol. Beginnen deed hij met Bottomless pit van Hugh Mundell, gevolgd door een Augustus Pablo, en Johnny Osbourne's What a la la op de originele Stalag riddim, waarop MC Solo Banton - eerder deze zomer aan het werk gezien in Dour met Reality Shock - een eerste keer van zich liet horen en Digistep een eerste saxofoonsolo etaleerde.
Met Watch over her shoulder van Garnett Silk illustreerde Stryda andermaal de veelzijdigheid van de Jamaicaanse grootmeester, alvorens een nieuw hoofdstuk aan te snijden: een resem producties van Dubkasm zelf, telkens met Solo en Digi op een dub versie. We herkenden City Walls, Sensimilia Addict en More Jah Songs, alsook hun recente Emotion riddim. Are you ready?, vroeg Solo Banton zich af, voor hij richting Sardinië vertrok, en het publiek in de 18inch corner was helemaal klaar voor het volgende luik, vol unreleased specials van onder meer Iration Steppas, Jah Shaka en Dub Judah. We kregen ook een voorsmaakje van hun volgende album, genaamd Brixton Rec, dat in oktober zal verschijnen en uitsluitend tracks bevat uit hun begindagen, toen ze exclusieve dubplates maakten voor Aba Shanti, die deze finaal afmixte om ze zo goed mogelijk te laten klinken op zijn eigen sound system. Eindigen deden ze diep in overtime met het schitterende Jah can count on I van Freddie Mc Gregor, en one more blast from the past, nog zo'n dubplate van Aba Shanti. Steppin' style!
De bassen drilden door merg en been op het Ionyouth soundsystem, de enige Belgische vertegenwoordigers in het dub-bos dit jaar. Zij mochten op zaterdag de leemtes tussen de groepen opvullen, naar analogie met Irie Vibes twee weken terug, en deden dat opnieuw met een boeiende platenkeuze en verschillende chanters en singjay's. Op vrijdag waren we hier al weggeblazen door drie gerenommeerde sound systems uit Engeland, die elk hun 20kW geluidssysteem meebrachten: Jah Voice, King Alpha en Word, Sound & Power. Zij wisselden vrij snel af en probeerden elkaar vanaf het begin te overbluffen in selectie en elkaar te overtreffen in bassen en geluidseffecten, wat resulteerde in een ware heavyweight soundclash, uniek voor ons land (en misschien meteen ook de laatste keer, gezien de steeds strenger wordende geluidsnormen).
Een speciale vermelding ook nog voor Bless the Mic zaterdagnamiddag in de Skaville, origineel een concept van het gezellige café/restaurant Mama Matrea. Tussen de concerten door kon je daar luisteren naar een aantal artiesten van bij ons met een poëtische boodschap. Op de tonen van de nyabinghidrums van Ras Feel (zelf ook een verdienstelijke woordkunstenaar) & friends bracht Jah Free Amos een gedicht uit de Russische revolutie en Erick Judah een onvervalste rasta poem. Sisters zijn vier jonge vrouwen die dichten, rappen en zingen in verschillende talen over wat hen sociaal, politiek en spiritueel bezighoudt. Last Poets meets Zap Mama, en de zoveelste tak aan die toch al zo prachtige reggaeboom.
(Report by Katrien, Ruby Roots, Natty & Jah Shakespear)
(Pictures by Rik De Blick)
Onze collega's van World A Reggae hebben heel wat filmpjes gemaakt op het festival, het resultaat daarvan kan je HIER terugvinden!

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Aug 04, 2012