
Mr Vegas verzoende dancehall met reggae, Groundation klonk jazzier dan ooit en Johnny Osbourne maakte de hooggespannen verwachtingen helemaal waar. Over Israel Vibration en Leroy Smart was er minder tevredenheid.
Biga Ranx gemist, het grote Franse dancehalltalent, en ook Chezidek, de loner die vorig jaar nog op Reggae Geel stond. Het bleek rond half 9 al een stuk drukker dan de dag voordien, dus aan belangstelling zal het beide heren zeker niet ontbroken hebben.
Mr.Vegas wilden we na zijn passages op de Antilliaanse Feesten (2010) en Feest in het Park (2011), en de release van zijn dubbelalbum, alleszins opnieuw aan het werk zien. Net als het album was het concert netjes verdeeld over reggae en dancehall. Dat betekent remakes van Israelites, You can get it if you really want it en de Lecturer-riddim (Sweet Jamaica) naast superieure dancehallhits als Heads high en I am blessed, calypsogospel in overdrive. Vegas was de eerste zanger die het park deed jumpen en de Jamaicaanse vlaggen naar voor bracht, met begeleidende fluitjes.
Israel Vibration hoeft van mij niet meer. Ik heb het trio (sinds 15 jaar een duo) altijd letterlijk de hemel ingeschreven, en hun platen zullen bij mij altijd dierbaar blijven, maar live heb ik het nu wel gehad met de opgefokte uitvoeringen van die subtiele nummers, het schorre schreeuwen van Skelly , het routineuze gezang van Wiss, de afwezigheid van blazers, kortom met Israel Vibration anno 2012. Misschien omdat ze altijd the same songs zingen, reageerde Buda op Facebook gevat. Was het dat maar.
Ook op Groundation zat ik niet echt meer te wachten. Niet omdat hun shows te voorspelbaar zouden zijn, wel integendeel. Iedere song klinkt elk concert weer anders. Maar je kunt ook een overkill aan Groundation krijgen, en dan niet alleen van de stem van Harrisson Stafford. En toch ben ik blijven staan. Omdat vanaf de eerste noten duidelijk was dat de groep toch weer in topvorm verkeerde. Groundation is big in France, en dat zie je niet alleen aan de massa's volk die eropaf komen. De solo's kunnen hier nog meer uitgediept worden, de muzikanten mogen hier nog meer tonen wat ze waard zijn. Van Marcus Urani op toetsen en Ryan Newman (bas), samen met Stafford het hart van de groep, tot de drie blazers en de percussionist.
Tussen de nummers door, als alle ogen op hem gericht zijn en iedereen in lichte extase is na de zoveelste briljante jam, strooit de zanger zijn boodschappen van positief denken en bewustzijn uit over de mensen. Precies op het juiste moment, zodat de woorden recht binnenkomen. Toch weer een virtuoos concert.
Twee namen die al maanden met dikke stift omrand stonden, mochten de tweede dag van het Garance Reggae Festival afsluiten. 'Don' Leroy Smart maakte er een zootje van en leek wel onder de coke te zitten. Hij kwam op als een misvormde clown, waande zich de ster van de avond en ging ervan uit dat het publiek zijn hits massaal zou meezingen. Niet dus, ook al speelden Llloyd Parks & We The People (ja, opnieuw zij) uitsluitend klassieke foundation riddims. Smart zong telkens de eerste zinnen van zijn tekst, soms niet eens dat, en vulde de rest van de tune met opschepperij, flauwe publieksspelletjes en krankzinnige moves. Altijd geweten dat Leroy Smart een wat kitscherige publiekspleaser is maar dit leek echt nergens op. Gelukkig hield de band de riddim strak, wat er ook gebeurde, hoe vaak Smart hen ook het zwijgen probeerde op te leggen of te rewinden. 'Do you want more?' riep de zanger zelf toen hij het podium verliet. Niemand die reageerde maar hij kwam toch nog terug voor een flard Ballistic Affair, zijn grootste hit in de jaren '70, toen deze man zijn gloriejaren beleefde. Smart was een dancehallzanger avant la lettre, met een aparte, uit duizenden herkenbare stem maar zonder eigen songs, volledig afhankelijk van de producer met wie hij werkte, of live van de band die hem begeleidde. Zo blijf je natuurlijk geen 40 jaar overeind in de business. Jammer, want ik heb Leroy Smart altijd een zalige vocalist gevonden, en een zeer bijzondere Jamaicaanse verschijning.
De hele wanvertoning van Smart was meteen vergeten toen Johnny Osbourne Rock it tonight aanvatte, op de Heavenless-riddim. Ook bij hem uitsluitend bekende riddims op het programma maar Osbourne heeft die wel altijd zelf uitgekozen en er speciale songs voor geschreven. Liedjes die uw Jah Shakespear tot zijn eigen verbazing bijna allemaal woordelijk kon meezingen, gesmeed over mijn favoriete riddims bovendien. Far East, Stalag, Solomon, Joe Frazier, Sleng Teng, Take it easy, Take a ride, de laatste bekender geworden in zijn uitvoering (Truths and rights) dan in de original van Al Campbell. De hemel was voor mij echt vlakbij toen Johnny Purify your heart zong, een van mijn all time favorites, een echte wereldsong, en vlak daarna het uptempo Folly ranking, in mijn tijd altijd prijs in de dancehall. Buddy bye kreeg voorspelbaar de heftigste respons maar ook tunes als Yo-Yo en Ain't gonna break my promise gingen er even goed in als zoete koek. Osbourne ging ook een paar keer dub plate style en demonstreerde overtuigend waarom hij wel eens de king of rub-a-dub wordt genoemd. Voor mij was en is hij gewoon een van de grootste zangers van Jamaica, nu voor het eerst in Europa en een waardige top of the bill van elk reggaefestival.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Jul 26, 2012