
NL Bob Marley heeft eindelijk de (bioscoop)documentaire gekregen die hij verdient. Met prachtige beelden uit Jamaica, mooie interviews met de belangrijkste nog levende protagonisten in het leven van Bob en uiteraard zijn muziek.
Het enige wat ik mis in deze film is natural mystic. Het nummer, in mijn livity een van de mooiste en meest authentieke songs die Bob gemaakt heeft, oorspronkelijk samen met Lee Perry. Maar ook het fenomeen natural mystic, de wonderlijke samenhang der dingen en hoe we daar allemaal deel van uitmaken. Wie ooit in Jamaica is geweest, weet wat ik bedoel, hoewel de mystiek ook hier zijn werk doet, als je er maar oog voor hebt.
Nee, Marley ademt geen natural mystic. Het is een typisch westerse biografie, netjes chronologisch en thematisch opgebouwd. 'It's the most conventional film I think I ever made,' zegt regisseur Kevin McDonald, bekend van ondermeer Last King of Scotland, 'very straight forward, just trying to be a detective and uncover the truth about his life and the truth about his character.'
De waarheid, de hele waarheid – zo helpe mij Jah – is veel gezegd. Maar Kevin McDonald is er wel degelijk in geslaagd om een vrij compleet beeld te schetsen van Bob, in enkele opzichten zelfs vollediger dan sommige biografieën. Hoe zat dat bijvoorbeeld met de blanke kant van de familie Marley? Al heel vroeg in de film komen we te weten dat de kleine Robbie als halfbloed vaak verstoten werd, in een land waar de kleur van je huid in alle opzichten bepalend was (en vaak is) voor je sociale status. In Nine Miles, zijn geboortedorp, vonden ze Bob te licht. Voor de familie van zijn vader, Norval Marley, was hij een donkere bastaard.
Toen Bob in 1970 ging aankloppen bij de welgestelde Marleys in Kingston werd hij daar boudweg aan de deur gezet, een gebeurtenis die hem inspireerde om het nummer Cornerstone te schrijven. 'The stone that the builder refused shall be the cornerstone.' In de film zien we hoe Constance, zijn halfzus, en Peter Marley, een halfneef, nu naar dat nummer luisteren. 'Hij heeft inderdaad alle andere Marleys naar de achtergrond verdrongen,' geeft Constance toe. 'Bob is dè Marley geworden.'
Even verhelderend zijn de interviews met usual suspects als een erg goed geluimde en zelfbewuste Bunny Wailer, Rita Marley (met de allures van een Hollywooddiva, jonger en lichter van huidskleur dan we haar ooit gezien hebben), Chris Blackwell, Judy Mowatt, Marcia Griffith en Cindy Brakespeare, de moeder van Damian. De kinderen worden vertegenwoordigd door Ziggy en Cedella. Minder bekend maar net daardoor zo boeiend: Lloyd 'Bread' McDonald (Wailing Souls en een jeugdvriend van Bob), Bob Andy, de Amerikaanse manager en platenbaas Danny Simms, politicus Edward Seaga, voetballer en vertrouweling Alan 'Skill' Cole, Lee Joffe van The Wailers, Studio One-pianist Conroy Cooper. Ook Aston 'Familyman' Barrett, Lee 'Scratch' Perry (inZwitserland!) en moeder Cedella Booker (intussen overleden) komen kort aan het woord, historisch telkens perfect gesitueerd. De man die het vaakst terugkeert was ook de belangrijkste adviseur van de regisseur: Neville Garrick, illustrator, rastaman en bredren van Bob.
En zo vertelt Kevin McDonald zijn verhaal. Het begint in Afrika, aan de Gate of No Return in Ghana. Dan zweeft de camera over Nine Miles, het geboortedorp van Bob Marley. We horen mento, de Jamaicaanse folk van de fifties. Even later gaat het naar Trenchtown, met de vrienden van weleer: Bread, Desi Smith, Alvin 'Seeco' Patterson, Jimmy Cliff, Bob Andy, de vergeten rocksteadyzanger Dudley Sibbley. De eerste hits: Judge Not, Simmer Down, One Love.
1966. Haile Selassie bezoekt Jamaica. Nooit uitgegeven beelden van Mortimer Planno, Rita die herhaalt dat ze stigmata heeft gezien in de wuivende hand van de keizer, de betekenis van de holy herbs. Veel meer wordt er niet gezegd over rastafari, en ook niet over wiet. Ja, op bezoek in Delaware, waar Bob in '66 zijn moeder opzocht en in de fabriek ging werken. Ook daar blowde hij de hele dag. Een Amerikaanse vriend herinnert zich dat hij nog nooit zo'n hoge planten had gezien als in het achtertuintje van de Marleys. Bob heeft over die periode in Delaware een song geschreven: It's allright.
Terug in Kingston keren The Wailers de grote drie in de Jamaicaanse platenwereld ostentatief de rug toe. 'If you are a big tree (woordspeling!)/I am the small axe/Sharpened to cut you down.' Elke song in de film sluit aan bij een thema of gebeurtenis. Duppy conqueror: repeteren op het kerkhof om podium- en andere angsten te bezweren. Concrete jungle: we zijn in de Culture Yard, Trenchtown.
De eerste bewegende beelden van The Wailers dateren van 1973, toen de groep optrad in The Old Grey Whistle Test (BBC), de verre voorloper van Jools Holland. We zien ook zeldzame footage van de eerste tournees in Amerika en Engeland, Hammersmith '75 (Live!), het geruchtmakende Smile Jamaica-concert in 1976 (twee dagen na de aanslag op Bobs leven), het One Love Peace Concert een jaar later (pure magie, ook zonder het gemonteerde onweer van de commerciële videorelease), het onafhankelijkheidsfeest in Zimbabwe (1980), waar Bob als enige het traangas trotseerde, en Madison Square Garden, New York, het voorlaatste concert van zijn leven. Bob Marley Superstar: het blijft prachtig om te zien, zeker in de cinema, met een full blown geluidssysteem.
We krijgen een impressie van het leven aan Hope Road 56, waar nu het Bob Marley-museum is gevestigd. Meisjes en vrouwen moesten een rok dragen! Er werd natuurlijk gevoetbald. Tussendoor maken nog twee vrouwen hun opwachting: Pat Williams, de eertijdse babymother van Robbie (die in de VS carrière heeft gemaakt als footballspeler) en de recent overleden Diane Jobson, advocate en (platonische) hartsvriendin van Bob. Gevraagd naar haar positie tegenover de vele vrouwen die haar echtgenoot gekend en bemind heeft, noemt Rita Marley zich met overtuiging Bobs bewaarengel, 'on a mission to bring the people closer to Jah'.
Het spannendste deel van de film is de passage over de aanslag in '76, en het toen heersende geweld in Kingston. Eerst was er het concert van Stevie Wonder in Kingston, die samen met Bob I shot the sherriff zong. Nooit gehoord, nooit gezien. De etherische Marley-dubs van Bill Laswell worden bruusk verstoord door luide gun shots. Rita vertelt hoe ze geraakt werd. War, op een tekst van Haile Selassie.
Wist u dat Bob Marley & The Wailers hun eerste concerten op Afrikaanse bodem, nog voor Zimbabwe, gespeeld hebben voor de dochter van de president van Gabon? En dat Bob daar definitief gebroken heeft met zijn manager Don Taylor? Diens biografie vertelt een heel ander verhaal dan de getrouwen en familieleden van Bob, zonder wiens goedkeuring deze film uiteraard nooit gemaakt zou zijn.
Triest zijn de beelden uit een mistig Beieren. Rottach-Egern: Garrick vergeet het nooit, het huis waar Bob Marley zijn laatste maanden heeft doorgebracht. De Duitse verpleegster van toen weet het ook nog, heel goed zelfs. Daarna rest alleen nog de begrafenis in Kingston, begeleid door Selassie is the chapel, het enige nummer dat twee keer te horen is in de film.
In de laatste minuten en tijdens de generiek zoemt de camera in op fans van Marley wereldwijd, van Spanje tot Tibet, van Brazilië tot Japan. One love. Bob Marley leeft, en deze film is een waardig eerbetoon, een documentaire die niet alleen een helder licht werpt op zijn muzikale evolutie (check de Catch a fire-aflevering van Classic Albums voor het èchte kennerswerk) maar ook op Bob als vader ('a rough man' zegt Ziggy) en minnaar, naar verluidt onweerstaanbaar in zijn verlegenheid. 144 minuten positive vibrations in een hoogst professionele verpakking: het kan.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Apr 26, 2012