Reggae.be
Couleur Café 2011: de hoogtepunten
Event ReportJun 25, 2011

Couleur Café 2011: de hoogtepunten

By Jah Shakespear/Visionz

Ziggi Recado, Ziggy Marley, Ghostpoet, SOJA, Tiken Jah Fakoly, DJ Shadow en natuurlijk het vuurwerk: de hoogtepunten van twee dagen Couleur Café 2011.

We hadden vrijdag willen openen met Antwerp Gipsy Ska Orkestra maar dat liet het verkeer in en om Brussel niet toe. Nog wel net op tijd voor de laatste vier nummers van het Franse hiphopcollectief IAM, en gezien dat een groot deel van het publiek in staat was om elk woord mee te rappen.  De groep (rapper Akhenaton is ondertussen 43 jaar oud) wist het jonge publiek moeiteloos te boeien met hits als Je Danse le Mia, L'empire du côté obscur en Petit Frère.

In de 'kleinere' Univers tent beginnen Seun Anikulapo Kuti & Egypt 80 aan hun show met Zombie, een song van Seuns beroemde vader Fela. De zoon zingt, danst en tovert af en toe een solo uit zijn saxofoon. In zijn vaders vroegere begeleidingsband zingt ook zijn moeder. De prachtig geschminkte dames, de percussionisten en de vijf blazers doen ons het mindere weer even vergeten. Er breekt zelfs een zonnestraal door het wolkendek boven Brussel.  Na een drietal nummers zien we ons alweer verplicht om te verhuizen naar de nog kleinere Fiesta tent voor Ziggi Recado. Verbazend veel volk voor een oerdegelijke liveshow met veel sterke nieuwe nummers. De 'oude' bekende hits zoals Gonna Leave You, World is in Trouble en All Obstacles zitten vooraan in de setlist van deze 'The Green Tour' (gesponsord door de Amsterdamse coffeeshop The Bulldog) en worden door een hoop fans luidkeels meegezongen. Het materiaal van het nieuwe album ('Ziggi Recado') doorstaat met glans de live test. We horen All My Life (oorspronkelijk met Etana, nu met de achtergrondzangeres) Get out, dat live nu al een heuse hit blijkt te zijn en de temperatuur in de kleine tent flink doet stijgen, en Away From Home, waarvoor de Engelse rapper Roystone Williams op het podium wordt gehaald. Beide heren zorgen onder begeleiding van de uitstekende band voor een stomend slot met een stevige portie 'Amsterdamse dancehall' zoals Ziggi Recado het noemt. Mocht het nog niet duidelijk zijn: Ziggi heeft niet enkel een naamswijziging ondergaan maar is ook op muzikaal vlak enorm geëvolueerd.  Ga dat zien! Na het optreden van Ziggi Recado wat rondgeslenterd en gezien dat Couleur Café nog altijd een zeer diverse publiek weet aan te trekken, al lag de gemiddelde leeftijd opvallend lager dan de vorige jaren. Mooi is dat het festival er ondanks de toenemende drukte in slaagt om de terreinen schoon te houden. De vele sorteereilanden en de vele gratis (en toch propere!) toiletten zijn daar vast niet vreemd aan. Een mooi voorbeeld voor de andere festivals. De voorlaatste act op het hoofdpodium iss vriend aan huis Patrice, die de laatste jaren meer dan eender welke artiest op één van de podia van Couleur Café stond. Ook al hou je niet van zijn muziek, de man is een geboren entertainer. De mix van reggae, ska, hiphop, soul en funk in een popjasje slaat keer op keer aan en brengt de massa telkens weer ver tot ver achter de p.a. in vervoering. Wij onthouden vooral de indrukwekkende versie van Ten men down,  met in het midden van het nummer plots enkele seconden lang de diepe baslijn van Dead Prez' Hip Hop).   Omdat het zo moeilijk was te weerstaan aan onze nostalgische gevoelens besloten we om deze eerste dag van Couleur Café af te sluiten met het optreden van Method Man & Redman.  We geraakten met veel moeite door de massa en strandden uiteindelijk op een drietal meter buiten de tent.  De spanning onder het publiek was voelbaar en bij de minste beweging op het podium weerklonk een enorm kabaal in en om de tent. Uiteindelijk, na veel te lang wachten, kwam een dj het podium opstrompelen, en vulde 20 minuten met slecht gemixte intro's van hiphopklassiekers. Veel mensen buiten haakten al af, en het enthousiasme onder de overblijvers daalde zienderogen. De micro's moesten nog gecheckt worden! Nog lieten we ons geduld op de proef stellen, tot de twee hoofdfiguren het podium betraden. Na drie nummers was het geluid nog steeds erbarmelijk en haakten ook wij definitief af.   En zo kwamen we alsnog bij Ziggy Marley terecht, en die bleek wel in vorm te zijn. De oudste Marley bracht hits van The Melody Makers, uit zijn soloalbums ('Dragonfly', 'Love is My Religion', en zijn laatste album 'Wild and Free') en uiteraard de obligatoire Bob Marley covers. Bovendien herkenden we niemand minder dan Carlton "Santa" Davis (The Roots Radics, Peter Tosh, etc.) achter de drums bij Ziggy Marley. Op die manier kregen covers als Stir it Up, Lively Up Yourself en Is this Love toch iets extra's. Het refrein van Ziggy's eigen Make Some Music zou door Bob zelf geschreven kunnen zijn, zij het wel in een eigentijdse zang-, zeg maar rapstijl. Wij onthouden Personal Revolution, Let Jah Wil be Done, Reggae in My Head en Got to be True to Myself Mooie afsluiter van de eerste dag. Zaterdag eerst de tentoonstelling in het Cool Art Café bezocht, en daar toch even de ogen uitgekeken. Een Christus aan het kruis met borsten en een vagina. Een meedogenloze Maagd Maria. Een homo-erotische interpretatie van de bijbelse heiligenlevens. Zo confronterend kan de multiculturele maatschappij zijn die Couleur Café nog altijd onvermoeibaar bevordert. Het thema van de expositie en dat leverde bevreemdende en verontrustende kunst op, volgens velen wellicht zelfs heiligschennend en onnodig. Maar dat is nu net de essentie van die broeierige smeltkroes: dat 'de anderen' evenveel recht hebben om 'ons' te beledigen of te bespotten als wij hen. 'Zij' durven dus ook heilige huisjes slopen. We komen stilaan op gelijke voet. Dat gevoel van verbondenheid is op de rest van het festivalterrein altijd al een vanzelfsprekend gegeven geweest. Culinair (dit jaar op bezoek geweest in Indië en Jamaica), in de souk (centraal gelegen, binnen gehoorsafstand van verschillende podia), of in de danstent, waar honderden mensen zich de hele dag door nieuwe pasjes en bewegingen laten aanleren. En zo word je voortdurend je verleid en afgeleid. Ben je op weg naar een volgend concert, passeer je toch weer een rare fanfare, of de schommelende Raggaravane. Ook de sponsors hebben hun eigen bandjes en dj's meegebracht. Zelfs het wat vage Youth On The Move, een initiatief van de EU, pakte uit met een vrolijk latin orkestje dat grote groepen voorbijgangers wist te charmeren. Terwijl op een groot scherm allerhande stichtelijke boodschappen voorbij flitsten. Share your talent. Even verderop, in de grote Univers-tent, bestookt ook DJ Shadow het publiek met beelden en boodschappen. We zien een visuele mash-up van 60 jaar popcultuur, love, hate en andere kernwoorden, games, robots en psychedelische visioenen. Het hoofd van Lady Gaga breekt in duizend stukjes, tot groot jolijt van de massa. We horen beats en ritmes uit de 20 jaar dance die DJ Shadow mee vorm heeft gegeven. En we voelen de zwaarste bassen van het weekend, onderaardse trillingen die mensen van over het hele terrein aanlokken. De rattenvanger van California zelf verschijnt pas halverwege de show in beeld, wanneer een virtuele ruimtecapsule ingenieus wordt getransformeerd tot een echte dj-booth. Daar stelt DJ Shadow zijn nieuwe single voor, We gotta rock, een Deep Purple-achtige riff in een verkrampt dansritme gegoten. Even verzwakt de collectieve trance in de tent. Rock en dance in één? Dan wachten we liever op Arsenal, na het vuurwerk. Maar het werd uiteindelijk Tiken Jah Fakoly , de koning van de Afrikaanse reggae, met zijn krachtige songs en statements vriend aan huis bij Couleur Café, en in de Franstalige wereld ook een echt idool. Heerlijk om te zien hoe tienermeisjes zijn geëngageerde teksten letterlijk meezingen. Ook die van zijn laatste album, African Revolution, subtieler, ingetogener en vooral Afrikaanser dan zijn vroegere werk, misschien wel de beste plaat die Fakoly al gemaakt heeft, en ook live uitmuntend. Ook goed, heel goed zelfs: SOJA (Soldiers of Jah Army). Wellicht de enige reggaeband in de wereld die de gitaren luider laat klinken dan de bas, maar die rockkleur onderscheidt deze Amerikanen net van Groudation (muzikaal virtuozer maar in alle opzichten minder rock'n'roll) of Midnite (deeper roots maar zonder het charisma van een rockband). Live is SOJA al en jaar en dag een vaste waarde in de VS, en die ervaring spat van het podium. Ook de songs winnen op het podium nog aan kracht en kleur, met Open your eyes als onze favoriete classic roots tune, naast meer rock- en ragga-getinte nummers. Reggae highlight van het weekend (vond Jah Shakespear). Voor de rest hadden wij geen enkele boodschap aan de Waalse superster Puggy (al was het maar omdat hij System Of A Down meende te moeten coveren), was de Nederlandse Ziggi Recado vrijdagavond beter op dreef dan zijn reggaecollega Ziggy Marley en heeft in het hele weekend niemand meer indruk op ons gemaakt dan de Engelse Ghostpoet (Obaro Ejimiwe), een Gil-Scott Heron voor de 21ste eeuw, een rapper die bruggen legt tussen blues en elektronica, tussen U2 en George Clinton, tussen dichtkunst en popmuziek. Confronterend èn fascinerend, typisch multiculti.

In de 'kleinere' Univers tent beginnen Seun Anikulapo Kuti & Egypt 80 aan hun show met Zombie, een song van Seuns beroemde vader Fela. De zoon zingt, danst en tovert af en toe een solo uit zijn saxofoon. In zijn vaders vroegere begeleidingsband zingt ook zijn moeder. De prachtig geschminkte dames, de percussionisten en de vijf blazers doen ons het mindere weer even vergeten. Er breekt zelfs een zonnestraal door het wolkendek boven Brussel. 

Na een drietal nummers zien we ons alweer verplicht om te verhuizen naar de nog kleinere Fiesta tent voor Ziggi Recado. Verbazend veel volk voor een oerdegelijke liveshow met veel sterke nieuwe nummers. De 'oude' bekende hits zoals Gonna Leave You, World is in Trouble en All Obstacles zitten vooraan in de setlist van deze 'The Green Tour' (gesponsord door de Amsterdamse coffeeshop The Bulldog) en worden door een hoop fans luidkeels meegezongen. Het materiaal van het nieuwe album ('Ziggi Recado') doorstaat met glans de live test. We horen All My Life (oorspronkelijk met Etana, nu met de achtergrondzangeres), Get Out, dat live nu al een heuse hit blijkt te zijn en de temperatuur in de kleine tent flink doet stijgen, en Away From Home, waarvoor de Engelse rapper Roystone Williams op het podium wordt gehaald. Beide heren zorgen onder begeleiding van de uitstekende band voor een stomend slot met een stevige portie 'Amsterdamse dancehall' zoals Ziggi Recado het noemt. Mocht het nog niet duidelijk zijn: Ziggi heeft niet enkel een naamswijziging ondergaan maar is ook op muzikaal vlak enorm geëvolueerd.  Ga dat zien!

Na het optreden van Ziggi Recado wat rondgeslenterd en gezien dat Couleur Café nog altijd een zeer diverse publiek weet aan te trekken, al lag de gemiddelde leeftijd opvallend lager dan de vorige jaren. Mooi is dat het festival er ondanks de toenemende drukte in slaagt om de terreinen schoon te houden. De vele sorteereilanden en gratis (maar toch propere!) toiletten zijn daar vast niet vreemd aan. Een mooi voorbeeld voor de andere festivals.

De voorlaatste act op het hoofdpodium (vrijdag) is vriend aan huis Patrice, die de laatste jaren meer dan eender welke andere artiest op één van de podia van Couleur Café stond. Ook al hou je niet van zijn muziek, de man is een geboren entertainer. De mix van reggae, ska, hiphop, soul en funk in een popjasje slaat keer op keer aan en brengt de massa telkens weer ver tot ver achter de p.a. in vervoering. Wij onthouden vooral de indrukwekkende versie van Ten Men Down,  met in het midden van het nummer plots enkele seconden lang de diepe baslijn van Dead Prez' Hip Hop.  

Omdat het zo moeilijk was te weerstaan aan onze nostalgische gevoelens besloten we om deze eerste dag van Couleur Café af te sluiten met het optreden van Method Man & Redman.  We geraakten met veel moeite door de massa en strandden uiteindelijk op een drietal meter buiten de tent.  De spanning onder het publiek was voelbaar en bij de minste beweging op het podium weerklonk een enorm kabaal in en om de tent. Uiteindelijk, na veel te lang wachten, kwam een dj het podium opstrompelen, en vulde 20 minuten met slecht gemixte intro's van hiphopklassiekers. Veel mensen buiten haakten al af en het enthousiasme onder de overblijvers daalde zienderogen. De micro's moesten nog gecheckt worden! Nog lieten we ons geduld op de proef stellen, tot de twee hoofdfiguren het podium betraden. Na drie nummers was het geluid nog steeds erbarmelijk en haakten ook wij definitief af.  

En zo kwamen we alsnog bij Ziggy Marley terecht, en die bleek wel in vorm te zijn. De oudste Marley brachthits van The Melody Makers, uit zijn soloalbums ('Dragonfly', 'Love is My Religion', en zijn laatste album 'Wild and Free'), en uiteraard de obligatoire Bob Marley covers. Bovendien herkenden we niemand minder dan Carlton "Santa" Davis (The Roots Radics, Peter Tosh, etc.) achter de drums. Op die manier kregen covers als Stir it Up, Lively Up Yourself en Is this Love toch iets extra's. Het refrein van Ziggy's eigen Make Some Music zou door Bob zelf geschreven kunnen zijn, zij het wel in een eigentijdse zang-, zeg maar rapstijl. Wij onthouden Personal Revolution, Let Jah Wil be Done, Reggae in My Head en Got to be True to Myself. Mooie afsluiter van de eerste dag.

Multiculti kunst

Zaterdag eerst de tentoonstelling in het Cool Art Café bezocht en daar toch even de ogen uitgekeken. Een Christus aan het kruis met borsten en een vagina. Een meedogenloze Maagd Maria. Een homo-erotische interpretatie van de bijbelse heiligenlevens. Zo confronterend kan de multiculturele maatschappij zijn die Couleur Café nog altijd onvermoeibaar bevordert. Het thema van de expositie leverde bevreemdende en verontrustende kunst op, volgens velen wellicht zelfs heiligschennend en onnodig. Maar dat is nu net de essentie van die broeierige smeltkroes: dat "de anderen" evenveel recht hebben om "ons" te beledigen of te bespotten als wij hen. "Zij" durven dus ook heilige huisjes slopen; we komen stilaan op gelijke voet. Dat gevoel van verbondenheid is op de rest van het festivalterrein altijd al een vanzelfsprekend gegeven geweest. Culinair (dit jaar op bezoek geweest in Indië en Jamaica), in de souk (centraal gelegen, binnen gehoorsafstand van verschillende podia), of in de danstent, waar honderden mensen zich de hele dag door nieuwe pasjes en bewegingen laten aanleren. En zo word je voortdurend verleid en afgeleid. Ben je op weg naar een volgend concert, passeer je toch weer een rare fanfare of de schommelende Raggaravane. Ook de sponsors hebben hun eigen bandjes en dj's meegebracht. Zelfs het wat vage Youth On The Move, een initiatief van de EU, pakte uit met een vrolijk latin orkestje dat grote groepen voorbijgangers wist te charmeren terwijl op een groot scherm allerhande stichtelijke boodschappen voorbij flitsten. Share your talent.

Even verderop, in de grote Univers-tent, bestookt ook DJ Shadow het publiek met beelden en boodschappen. We zien een visuele mash-up van 60 jaar popcultuur, love, hate en andere kernwoorden, games, robots en psychedelische visioenen. Het hoofd van Lady Gaga breekt in duizend stukjes, tot groot jolijt van de massa. We horen beats en ritmes uit de 20 jaar dance die DJ Shadow mee vorm heeft gegeven. En we voelen de zwaarste bassen van het weekend, onderaardse trillingen die mensen van over het hele terrein aanlokken. De rattenvanger van California zelf verschijnt pas halverwege de show in beeld, wanneer een virtuele ruimtecapsule ingenieus wordt getransformeerd tot een echte dj-booth. Daar stelt DJ Shadow zijn nieuwe single voor, We gotta rock, een Deep Purple-achtige riff in een verkrampt dansritme gegoten. Even verzwakt de collectieve trance in de tent. Rock en dance in één? Dan wachten we liever op Arsenal, na het vuurwerk.

Maar het werd uiteindelijk Tiken Jah Fakoly, de koning van de Afrikaanse reggae, met zijn krachtige songs en statements vriend aan huis bij Couleur Café en in de Franstalige wereld ook een echt idool. Heerlijk om te zien hoe tienermeisjes zijn geëngageerde teksten letterlijk meezingen. Ook die van zijn laatste album, African Revolution, subtieler, ingetogener en vooral Afrikaanser dan zijn vroegere werk, misschien wel de beste plaat die Fakoly al gemaakt heeft, en ook live uitmuntend.

Ook goed, heel goed zelfs: SOJA (Soldiers of Jah Army). Wellicht de enige reggaeband in de wereld die de gitaren luider laat klinken dan de bas, maar die rockkleur onderscheidt deze Amerikanen net van Groudation (muzikaal virtuozer maar in alle opzichten minder rock'n'roll) of Midnite (deeper roots maar zonder het charisma van een rockband). Live is SOJA al jaar en dag een vaste waarde in de VS en die ervaring spat van het podium. Ook de songs winnen op het podium nog aan kracht en kleur, met Open Your Eyes als onze favoriete classic roots tune, naast meer rock- en ragga-getinte nummers. Reggae highlight van het weekend (vond Jah Shakespear). 

Voor de rest hadden wij geen enkele boodschap aan de Waalse superster Puggy (al was het maar omdat hij System Of A Down meende te moeten coveren) en heeft in het hele weekend niemand meer indruk op ons gemaakt dan de Engelse Ghostpoet (Obaro Ejimiwe), een Gil-Scott Heron voor de 21ste eeuw, een rapper die bruggen legt tussen blues en elektronica, tussen U2 en George Clinton, tussen dichtkunst en popmuziek. Confronterend èn fascinerend, typisch multiculti.

 

Couleur Café 2011: de hoogtepunten

About the Author

Jah Shakespear/Visionz

Genres

DancehallReggaeNew Roots

Published

Jun 25, 2011