
De camping van Feest in het Park werd zondagnacht helemaal weggespoeld, maar toen waren wij al lang vertrokken. Gekomen waren we voor Dubmatix, Steel Pulse en Alborosie.
Weinig festivals hebben zo'n eclectische affiche als Feest in het Park in Oudenaarde. Het programma reflecteert grofweg de persoonlijke smaak van organisator Wim Merchiers, en die houdt van dance, reggae, rock, dub, drum'n'bass… Enfin, van de betere muziek in zowat alle genres.
In de fantastische Igloo, een ronde danstent met verbluffende 360° videoprojecties, stonden wij al om 6 uur te wachten voor de set van Dubmatix (foto), een van onze favoriete producers, een Canadese studiotovenaar die nieuwe tunes, dubs en riddims maakt met het kruim van de Jamaicaanse zangers en deejays. Roots & culture voor de 21ste eeuw, tot dusver uitgebracht op 2 cd's en een remixalbum. Maar in het Park bakte Dubmatix er niks van. We waren getuige van de eerste dubshow ooit zonder bassen, omdat er iets scheelde aan de installatie. Niemand die er iets van zei of iets aan deed, en dat was jammer, heel jammer. Hoewel: minstens even storend en nog irritanter was het gedaas van Brother Culture. Het is mij een raadsel waarom deze man zo populair is in onze contreien en wordt opgevoerd als een volwaardige toaster. Zijn lyrics zijn die naam niet eens waardig, hij valt letterlijk uit de toon, en vergrijpt zich aan volstrekt ongepaste popcovers als Message in a bottle (The Police), True colors (Cindy Lauper) en (Jah vergeve het hem) de Sex Pistols. Ik neem me in elk geval voor geen enkele dance meer te bezoeken waar deze Brother Culture nog wordt aangekondigd.
Het is intussen 32 jaar geleden dat ik Steel Pulse voor het eerst live zag (tevens mijn allereerste reggaeconcert), in de toen nog lang niet gerestaureerde Roma in Borgerhout. De Engelse groep is sindsdien almaar meer opgeschoven naar de rock, mee onder invloed van de populariteit en het vele toeren in de States. De riddims zijn harder geworden, de gitaren mogen al eens janken. Maar Steel Pulse is om dezelfde reden ook een perfect geoliede machine geworden, die eender welk publiek kan entertainen. Rally Round, Chant a psalm, Life without Music, Raid I blues (met dank aan Morgan Heritage omdat het de tune heeft opgevist), het wel erg zware Taxi driver, het veel te korte Handsworth revolution in combinatie met Drug squad, Open Sesame: verrassen doen deze Britse rasta's al lang niet meer maar voor een solide show mag je nog altijd bij hen aankloppen.
Veel meer volk kwam een uurtje later opdagen voor Alborosie. Ook bij hem geen verrassende selectie (Operation Uppsala, Herbalist, Rastafari anthem, Precious/Promised land…) maar wel weer plenty of good vibes, en echo's van Black Uhuru, Tenor Saw, Horace Andy en Bob Marley. Zo goedgezind maakte Alborosie ons dat we op het einde toch weer One love stonden mee te zingen. En toen begon het te regenen.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Aug 16, 2010