
Couleur Café had zaterdag geen Beenie Man nodig (en eigenlijk ook geen Snoop Dog) om een voortreffelijk programma te presenteren. Het was hollen van de ene muzikale openbaring naar het andere fantastische concert.
De oude rastaman Winston McAnuff kwam al vroeg op de avond vertellen waar reggae en rastafari echt voor staan: liefde, vrede en harmonie. In die geest heeft de Jamaicaanse rootsmuziek ook in het westen vele miljoenen harten veroverd. Met zulke teksten dragen de reggaezangers en ook het gros van de rappers nu al bijna een halve eeuw boodschappen uit van eenheid en verdraagzaamheid. Jammer dat die zo zelden gehoord worden, en de muziek de laatste jaren haast uitsluitend de media haalt als het over homofobe teksten gaat.
Even klassiek (in de goede zin van het woord) als de rootsreggae van Winston McAnuff klonk de afrobeat van Femi Kuti. De Nigeriaanse zanger toont zich sinds de jaren '90 al een waardige opvolger van zijn vader Fela, de uitvinder van het genre. Hij verzoende destijds Amerikaanse funk(jazz) met Afrikaanse zang, ritmes en percussie. Zo flamboyant als Fela is Femi nooit geweest maar hij staat wel op het podium met dezelfde bezieling, met evenveel instinctieve kracht, inspiratie en muzikale virtuositeit. De close-ups op de beide reuzenschermen toonden haarscherp de zweetdruppels die van zijn gezicht spatten. Bij het zingen, rauw en funky, terwijl hij soleerde op saxofoon of toetsen, of gewoon toen hij driftig liep te dansen, onderweg over het podium. Even langs de vijf schetterende blazers, de percussionist een open doekje geven, een gebaar naar de drie wellustige danseressen in wat we voor het gemak maar een Afrikaanse retro-outfit zullen noemen. Je weet tegenwoordig nooit welke minderheidsgroep je op stang jaagt.
Femi Kuti richt zijn tekstuele pijlen in de eerste plaats op het gezag en de heersende structuren. 'You better ask yourself why the richest continent has the poorest people': hij bleef het maar herhalen, op een stomend ritme, tot alle toeschouwers van zijn woorden waren doordrongen. Kuti formuleerde even pertinente vragen over aids, milieuvervuiling en andere maatschappelijke problemen, allemaal op de tonen van die grillige afrobeat, de classic rock van de Afrikaanse muziek.
Ook Nneka heeft Nigeriaanse roots. Vorig jaar al te zien in de kleine Fiesta-tent, nu zelf klein en tenger op het grote Titan-podium, omkaderd door het mooiste decor van het festivalseizoen. Nneka stapt met haar muziek in de voetsporen van Lauryn Hill, zoals wel meer zangeressen dat de voorbije jaren gedaan hebben. Ayo (net als Nneka van Duits-Nigeriaanse afkomst), Asa en bij ons Selah Sue. Levensechte, soms zeer maatschappijkritische teksten en een sound die bruggen bouwt tussen Motown, Bob Marley en hiphop. Hoewel de band van Nneka ook 'Seven nation army' een nieuwe invulling gaf, als was het een song uit een heel ander muzikaal universum. Met de zangeres die het publiek aanspoorde om de bekende maar hier verbasterde baslijn toch maar mee te zingen. De bassist speelde trouwens een dominante rol in het concert, ook als eigentijdse scatter. Het was een kleine (vierkoppige) band die Nneka begeleidde maar die creëerde wel een grootse sound, die een plaats op het Titan-podium meer dan rechtvaardigde.
Veel minder volk in de Univers-tent voor Staff Benda Bilili, een Congolese groep straatmuzikanten met paraplegie (verlamming). Het ligt soms gevoelig om mensen met een handicap te beoordelen op hun muzikale merites, zeker als ze op een podium staan, maar die bedenking hebben we ons tijdens het concert geen enkele keer gemaakt. In een rolstoel, kreupel of op krukken, geamputeerde ledematen of niet, dit gezelschap maakt gewoon de meest organische en opwindende muziek van het moment, een soort gemuteerde soukousdisco, even primitief als futuristisch, dat laatste vooral door de inbreng van een zelfgemaakte elektrische luit. De jankende akkoorden deden de ritmische orkaan nog hoger opwaaien, tot de beat bijna ondansbaar werd en het publiek zich alleen nog maar kon laten meevoeren in een wilde trance. Waarbij de zoete samenzang uit het begin van de nummers telkens weer overging in woest geschreeuw en gehuil. Als deze muziek de sfeer reflecteert in de cités van Kinshasa, wordt het straks een memorabel onafhankelijkheidsfeest.
Er waren nog twee groepen die ons zaterdag omver bliezen, naast het alweer magistrale vuurwerk, dat de massa ieder jaar nog meer overdondert. Zo moeten de mensen in de prehistorie zich ooit collectief vergaapt hebben aan het eerste vuur. Werkelijk iedereen was gedurende een paar minuten volledig in de ban van de spektakel, en tijdens de finale barstte ook een geweldig gejuich los, als in een voetbalstadion. Het ultieme groepsgevoel, inderdaad.
Maar we hadden het over muziek. Los Amigos Invisibles: salsa en merengue op speed? Acid latin? Hoe je dit genre ook noemt, twee nummers volstonden om ons te overtuigen van de kwaliteiten van dit Venezolaanse orkest, de duivelskinderen van de Buena Vista Social Club. En dan was er in de schaduw van Snoop Dog, voor een handvol toeschouwers in de Fiesta-tent, ook nog Speed Caravan, 'oriental rock' zoals Mehdi Haddab zijn muziek zelf noemt. De man hanteert de oud, een Arabisch snaarinstrument, zoals Jimmy Page zijn gitaar. Het concert had dus een hoog Led Zeppelin-gehalte, met lange, zware riffs en solo's, in dit geval opgesmukt met Arabische zang, percussie en samples. Een zeer bijzondere ervaring.
Jammer dat al die mensen zich toch hadden laten verleiden om naar Snoop Dog te gaan. 'Ik ben geen fan maar ik wilde hem wel zien,' antwoordden verschillende toeschouwers na afloop desgevraagd. Of hoe ook de bezoekers van Couleur Café af en toe een beetje starstruck kunnen zijn.
Heel even dachten we dat Jah Mason (Andre Johnson) ook zou oproepen om de batty men te verbranden, de flikkers zeg maar. Zo had hij het nummer 'Bun (burn) dem for a purpose' ooit wel eens gezongen. 'Bun Babylon, bun wicked man, bun oppressors, bun the heathens (heidenen)' en wat schreeuwen die orthodoxe rasta's allemaal. En dat is Jah Mason, aanhanger van de fundamentalistische boboshanti-beweging, streng in de bijbelse leer en dus ook fel gekant tegen homoseksualiteit. Maar net zomin als de verguisde Beenie Man, die hij in extremis moest vervangen, ventileert Jah Mason zijn homohaat tegenwoordig nog op westerse podia. De dancehallsterren hebben hun lesje geleerd, en laten die laten die ene bevolkingsgroep nu gewoon weg uit de opsomming van mensen die aan de galg moeten. Zo doet Beenie Man het ook. Alleen zou hij in Brussel wel een betere show gebracht hebben.
Jah Mason was rechtstreeks overgekomen uit Jamaica en bedankte nadrukkelijk de organisatie, met name in de intro van zijn hit 'High grade', een ode aan de wiet. 'Toen ik hier vanavond op de luchthaven arriveerde, heb ik eerst gebeld met de promotor om te vragen of ze een zak high grade hadden klaarstaan. Daarna heb ik pas mijn paspoort laten stempelen.' Hopelijk zijn daar geen subsidies voor gebruikt.
Maar dan ook niet voor Snoop Dog, de man die zijn homies leerde vloeken, pornofilms maken en bling-bling adoreren. Een superieure rapper, dat zeker, maar op een paar honderd hardcore fans na geen hond (!) die een woord van zijn teksten begreep. Alleen als er moest geneukt en gescholden worden, mocht het publiek even meedoen. 'Fuck that shit!' 'I wanna fuck you!' 'Say yeah motherfucker!', en dat ene hitzinnetje: 'Drop it like it's hot': de massa scandeerde de puberale zinnetjes gewillig mee, op eenvoudig verzoek met de handjes in de lucht. Het publiek van Couleur Café leek plots een stuk slaafser en verdwaasder dan dat we het gewoonlijk inschatten.
Wat is toch de aantrekkingskracht van zo'n zwarte, hedonistische macho? Snoop Dog had zaterdag rond middernacht het hele terrein leeg gezogen, in de andere tenten stond nog amper een handvol mensen. De motherfucker liet zijn fans bovendien eerst nog een half uur wachten. 'Hij staat in de file,' zei de presentator. Op dat uur? Alle andere concerten waren tot dan toe precies op tijd begonnen. Respect: nog een waarde die Couleur Café hoog in het vaandel draagt.
Snoop Dog was vroeger ook geen homovriend. Maar hij is geëvolueerd, met onze excuses voor het paternalistische taalgebruik. Of hij is er op zijn minst in geslaagd om zijn imago bij te schaven. Van deze rapper gaat dan ook geen enkel gevaar meer uit, geen enkele vorm van verzet of rebellie. Snoop Dog is een superster geworden, ondanks het vloeken, de porno en de bling-bling. Hoe lief, dat hij op het einde van zijn show een gehandicapte medemens op het podium haalde. Dat verdient alleszins een subsidie.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Jun 27, 2010