
In de "gully" van Brussel (Molenbeek) stonden afgelopen donderdag twee top dancehallnamen op het podium. Ward 21 gaf een energieke "45-set, Beenie Man deed het daarna nog net iets beter live. Twee verschillende optredens met hetzelfde resultaat: een zaal die uit z'n dak ging.
Het was nog maar 20u30 toen buiten werd geroepen dat Ward 21 ging beginnen. De VK zat halfvol, maar daar hebben we tijdens de concerten niet veel van gemerkt. Op het podium stond een dubbele set-up; de draaitafels voor Ward en de instrumenten voor Beenie.
The Ward Family bespringt het podium en gooit er meteen één van hun hits tegenaan: 'Garisson'. Mean Dog Henry, de oudste van de groep, zorgt voor de "hogere" stukken in de dancehalltunes. Suku is de favoriet van het publiek en vooral van de ladies. Hij heeft één van de laagste stemmen die we kennen. Kunley McCarthy heeft geen dreads meer, wel een afro-kapsel met een plastic kam vooraan. Ook hij gaat extreem laag met zijn stem, maar Kunley kan net zo goed super snel toasten en beatboxen.
De mannen amuseren zich duidelijk op het podium, ze staan er met een big smile. Tussen de hits door is er veel interactie met het publiek: "Where di Beljam gangstas at?!"
De VK is snel overtuigd. De tunes worden lang gespeeld, niet zoals op party's. De combination met Wayne Marshall werkt voor de vrouwen nog beter, in de eerste drie rijen zien we bijna geen mannen meer staan. Wanneer het begin van de versnelde Sleng-Teng riddim door de boxen klinkt, barst het feestje definitief los, vibes!
Ward 21 maakt ook nog even promo voor hun nieuwe album, 'Genesis'. Als we op het concert van vanavond mogen afgaan, is het weer een voltreffer, 'Shake Up' sloeg in elk geval in als een bom. De mannen blijven zich amuseren, dancing on stage. Sommige dancehallriddims zijn echt hardcore, het lijkt wel een rockconcert. Iedereen in de halfvolle VK zit op dezelfde golflengte. 'Blood Stain' is één van hun populairste nummers en dat zien we, pull up twice! Tijdens 'Smoke The Weed' kruipt Kunley McCarthy zelf achter de knoppen en bewijst daarmee dat hij veel beter is dan de blanke DJ die voordien draaide. Ward 21 speelt ongeveer een uur en gooit er nog twee bonustracks achteraan, waaronder 'President' inna beatbox style. We betrappen The Ward Family (en later ook Beenie) op enkele anti-battyboy-lyrics, maar zijn blij dat de concerten daarvoor niet zijn afgelast.
Tijdens de pauze moeten we allemaal even kalmeren op de rootsie beats die de DJ door de zaal stuurt. Een beetje een rare keuze tussen twee dancehallacts, maar misschien wel nodig met al die energie. Wanneer de draaitafels weg zijn, zien we pas de volledige set-up voor Beenie Man, the king of dancehall. Twee toetsenisten, drum & bass en een gitarist. Al vanaf het eerste nummer blijkt het om een fantastische Jamaicaanse band te gaan. We hebben al verschillende keren gezien dat het moeilijk is om dancehall live zo strak te laten klinken, maar daar hebben deze mannen geen problemen mee.
Beenie heeft twee gasten bij als warm-up. Wanneer de Gaza Emperor in een wit pak het podium opkomt, lijkt de VK te ontploffen. 'Come Again' slaat in als een bom. En de voltreffers blijven komen. Non-stop party! Beenie Man kan anderhalf uur vullen met goeie tunes en de VK ligt aan zijn voeten. Hij amuseert zich kostelijk, constant met een glimlach. Het is ondertussen heet in de VK, bloedheet.
"If you never fuck a batty put your hands up inna the air!" Alle handen de lucht in, want dit is een megahit. Het tempo wordt bij elk nummer hoger, de nummers worden harder en harder. Beenie danst alsof zijn leven er vanaf hangt. Tijdens het optreden horen we ook veel covers. Eerst 'Ring The Alarm' van Tenor Saw, een bom. Dan een zalige versie van 'Murderer' (Buju Banton). De covers vormen de perfecte overgang naar Beenie's tribute to Michael Jackson, het enige moment waarop hij het publiek toespreekt. We zingen allemaal samen 'Heal The World', handjes in de lucht. Het respect voor de King of Pop is groot, ook binnen de dancehall. Om zijn ode te vervolledigen, brengt Beenie ook 'No One' van Alicia Keys, een aangepaste versie weliswaar: "Mikey, everything is gonna be allright." Beenie rondt de medley af met Bob Marley, King of dancehall sings king of reggae for the king of pop.
Beenie brengt nog een paar covers (onder andere 'Murder She Wrote') en eigen nummers op dezelfde riddims. Wanneer hij 'Call Me' inzet, kan hij niet anders dan een pull up te doen. De zaal ontploft voor de zoveelste keer. 'Hmm Hmm' (rare titel) is het hoogtepunt en Beenie blijft doorgaan, het wordt een roes van snelle, harde, opgepompte dancehalltunes waaronder 'Back It Up' en 'Dutty Wine'. Om af te sluiten kiest Beenie weer voor een cover, 'Redemption Song'. Hij zingt het nummer vol passie en geeft een korte speech over de verschillende religies, iedereen is gelijk. Wanneer hij bij Rastafari uitkomt is er Unity in de zaal. Beenie, een onuitputtelijke bron van energie, komt nog terug voor twee uptempo bonustracks,
Twee straffe dancehallshows op één avond, wat wil je nog meer? Ward 21 en Beenie Man hebben nogmaals bewezen dat ze top zijn. Nooit geweten dat dancehall zowel "45 als live zo goed kon klinken. Puuullll uuuuppp!