
Ter compensatie van de Bounty-topic en ook omdat ze nog niet op de site stonden: Jah Shakespear over homohaat in de reggae sinds 2002.
Sizzla weegt op zich nog te licht als hoofdact. De man heeft nog nooit zelf een song geschreven en is in hoge mate afhankelijk van zijn begeleidingsband. De grote tent was ook lang niet volgelopen voor het concert, maar toch kreeg Sizzla de massa op zijn hand. Het donderende stemgeluid van deze orthodoxe rastaman (zij het dat de tulband en het witte gewaad van enkele jaren geleden hebben plaatsgemaakt voor een modieuze jeansoutfit) is zo overheersend dat je uiteindelijk wel overstag móet gaan.
De typische ritmepatronen ("riddims") werden elke keer traditioneel ingezet als gestroomlijnde rootsreggae, om telkens weer te ontsporen in driftige dancehall. Ze wisselden elkaar in sneltempo af, wat uiteraard de vaart in de show hield. Maar is er ook iemand die naar de teksten geluisterd heeft? "Verbrand alle homo's" (batty boys), tot drie keer toe. Abortus moet verboden worden. En de vrouw moet haar plaats kennen. Zo reactionair kunnen rasta's zijn, zeker als ze patois spreken.
Jamaica is voor homo's een van de gevaarlijkste plaatsen ter wereld. Net nu tal van reggae- (dancehall)artiesten het commerciële succes genieten dat Bob Marley levend nooit heeft gekend, worden ze door de Europese en Amerikaanse media ter verantwoording geroepen voor de homofobe songs die ze in Jamaica maar al te graag laten horen. De Britse drukkingsgroep Outrage! roept op tot een boycot van artiesten, platenfirma's en concertorganisatoren.
Het moest er ooit van komen, de confrontatie tussen de homovriendelijke muziekculturen in Europa en Amerika en de militante homohaat van de Jamaicanen. Het is er trouwens al eens van gekomen, in 1992, toen toaster/rapper Shabba Ranks op de BBC een bijbel bovenhaalde om zijn gelijk aan te tonen. Het was de al even strijdbare homobeweging Outrage! die destijds een oproep lanceerde om Shabba Ranks te boycotten. De artiest stond na zijn wereldhit 'Mr. Loverman' op de drempel van een internationale doorbraak, maar daaraan kwam door het incident abrupt een einde. Alleen in Jamaica werd en wordt Shabba nog op handen gedragen.
In datzelfde jaar werd in Amerika ook Buju Banton onder vuur genomen, de belangrijkste troonpretendent van Shabba. In zijn hit 'Boom Bye-Bye' brulde hij dat alle batty boys (een verbastering van het woord bottom -- kont) maar beter konden opkrassen, want dat hij ze anders door het hoofd zou schieten. "Echte mannen kunnen geen vieze mannen uitstaan!", zo eindigt het refrein: "Ze moeten allemaal dood." Zowel de Gay and Lesbian Alliance Against Defamation (GLAAD) als de Gay Men of African Descent (GMAD) namen aanstoot aan de tekst. Buju Banton haalde voor de eerste en de laatste keer de voorpagina van de New York Times, verschillende radiostations werden bestookt met protesten. Exit Buju Banton.
In Jamaica kan het geringste vermoeden van homofilie een schandaal veroorzaken. Zelfs premier P.J. Patterson zag zich vorig jaar genoodzaakt om via de radio alle geruchten te ontkennen dat hij homofiel zou zijn: "Ik ben het nooit geweest, en ik zal ook nooit worden," aldus de eerste minister. Patterson reageerde daarmee op de tekst van de grootste Jamaicaanse hit van het jaar, 'Chi-Chi Man', van de populaire groep T.O.K., waarin gesuggereerd wordt dat een oligarchie van verdoken homo's het eiland regeert.
Chi-chi is slang voor "termiet". Net als de homo's, eten termieten wood (hout), bargoens voor een stijve penis. De song werd in de aanloop naar de verkiezingen in oktober gebruikt door de oppositie als officieel campagnelied.
Ook een dubbelzinnige woordspeling van Beenie Man gaf onlangs aanleiding tot heftige ruzies met de aanhangers van zijn grootste rivaal, Bounty Killer. Beenie had in een song gezegd dat Bounty on a horse reed, wat in het Jamaicaanse patois verdacht veel als arse klinkt. De gemoederen bedaarden pas nadat Beenie Man gezworen had dat hij wel degelijk een paard bedoelde, en zeker geen aars.
Twee mannen die in Jamaica betrapt worden in een compromitterende positie - handje vasthouden kan al volstaan - verdwijnen onvermijdelijk een nachtje in de gevangenis. Op bewezen homoseksualiteit staat een straf van tien jaar dwangarbeid. Terwijl gay bashing en zelfs moorden op homo's onbestraft blijven. Er zijn op het eiland al verschillende homo's gestenigd, en toen J-Flag, de Jamaicaanse homobeweging, een paar jaar geleden een protestmars organiseerde in het centrum van Kingston, werden de betogers aangevallen met machetes. De leden van J-Flag vertonen zich sindsdien alleen nog op straat in het gezelschap van lijfwachten. In 1997 werden zestien vermeende batty boys vermoord en een veertigtal verwond in de gevangenis van Kingston.
De Engelse krant The Guardian, die regelmatig over het thema bericht, noemt Jamaica één van de gevaarlijkste plaatsen in de wereld voor homo's en lesbo's. Hoewel de vrouwen nog net iets beter af zijn dan de mannen. It's a joke thing, zeggen de Jamaicaanse mannen over de vrouwenliefde, die ze wel eens zien beoefenen op de pornozenders die via de satelliet vanuit Amerika de huiskamers binnendringen.
In weerwil van de naar onze normen losse seksuele zeden die de meeste Jamaicanen er op na houden - zo los zelfs dat de paus het land in de jaren tachtig berispte - wordt in de nationale media nog altijd een heel puriteins wereldbeeld gepropageerd. Journalisten en presentatoren voelen zich haast dagelijks geroepen om het behoud te verdedigen van Victoriaanse normen en waarden, tegen de overweldigende stroom van geweld, criminaliteit en sekshonger in. Ze beroepen zich daarvoor als vanouds op de bijbel. Staat in de bijbel soms niet uitdrukkelijk geschreven dat mannen en vrouwen zich moeten vermenigvuldigen, en dat God relaties met personen van hetzelfde geslacht afkeurt? Sodomie is een zonde, en orale seks taboe, vanwege onrein.
Er zijn sociologen die de Jamaicaanse homohaat beschouwen als een metafoor van de mannelijke potentie. Door wat zij als het tegendeel van mannelijkheid beschouwen af te kraken, benadrukken ze hun eigen mannelijkheid.
Anderen wijzen dan weer op het extreem lage zelfbeeld dat de meeste Jamaicaanse mannen van zichzelf hebben, een frustratie die ze afreageren op de enige bevolkingsgroep die ze nog lager inschatten.
Homoseksualiteit kan alleen maar van blanke oorsprong zijn, denken de rasta's, zoals alles wat onzuiver en verderfelijk is. Vandaar dat een whitey (een blanke) met hetzelfde gemak een batty boy wordt genoemd.
De rastaman richt zijn woede in de eerste plaats op de onderdrukker (Babylon), en preekt zelden of nooit haat tegen andere bevolkingsgroepen. De helden van de dancehall daarentegen, de actuele popmuziek van Jamaica, laten geen kans onbenut om whitey's en batty boys de huid vol te schelden. Dat gebeurt onveranderlijk in het nagenoeg onverstaanbare patois van het eiland, zodat buiten Jamaica alleen de schaarse fans weten waar de rappers en zangers het over hebben.
In Amerika concentreert het protest van de homobeweging zich op de duetten die Janet Jackson en de groep No Doubt onlangs hebben opgenomen met respectievelijk Beenie Man en Bounty Killer. Beenie werkte eerder al samen met onder anderen Wyclef Jean en Lil' Kim, en won twee jaar geleden een Grammy voor het beste reggaealbum. Ook Bounty is inmiddels een vertrouwd gezicht in de Amerikaanse hip-hop, ook niet meteen de meest homovriendelijke stroming in de popmuziek.
Tijdens de uitreiking van de Mobo Awards (Music of black origin) begin oktober werd een protestactie van OutRage! vroegtijdig afgeblazen: de politie kon amper verhinderen dat de demonstranten gelyncht werden. De actie was gericht tegen de nominatie van Elephant Man, T.O.K. en Capleton, stuk voor stuk notoire homohaters, als Best Reggae Act. Het was uiteindelijk Sean Paul die met de prijzen ging lopen, een jonge zanger die furore maakt in de VS en zich tot dusver niet heeft laten betrappen op homofobe uitspraken of songteksten.
In België is dancehall een bloeiende subcultuur, populairder wellicht dan die van de rasta's en de rootsreggae ooit is geweest. Verschillende door Outrage! geviseerde artiesten stonden vorig jaar op de podia van de Brusselse zaal VK (Bounty Killer, Ward 21), en van de festivals Dour (Capleton) en zelfs Couleur Café (Sizzla). De fans verstaan amper wat de heren te vertellen hebben, maar je vraagt je af hoe het publiek zou reageren als dezelfde teksten in het Frans, het Nederlands of gewoon in het Oxford-Engels zouden gerapt worden.
Ook de talrijke Belgische dancehall-djs bedienen zich bij voorkeur van het Jamaicaanse patois, en sommigen willen hun grote voorbeelden wel eens hersenloos nakakelen, inclusief het gebazel over batty boys.
Ook Raggamuffin Whiteman, de beste toaster van het moment, durft al eens uithalen naar de homocultuur: "Ik heb niets tegen homo's," zegt hij: "maar ik vind dat er wat te veel reclame voor gemaakt wordt. Als je in sommige kringen geen homo bent, word je als het ware raar bekeken. Daar zeg ik af en toe iets over. Ter verdediging van de Jamaicanen zou ik toch willen zeggen dat die mensen zo opgevoed zijn. In de wet staat zelfs dat homofilie een misdaad is, en ook de kerk slaat homo's in de ban. Dat is dus echte brainstorming. De Jamaicanen weten gewoon niet beter. De fans in België beseffen dat maar al te goed en knijpen op de concerten even hun oren dicht als het weer eens over batty boys gaat."
Het grootste reggaefestival van Frankrijk moest dit jaar afgelast worden omdat Sizzla en andere topartiesten in het genre niet expliciet afstand wilden nemen van hun homofobe teksten. Op Reggae Geel staat straks T.O.K., de groep die een vijftal jaar geleden de aanzet gaf tot de homofobe hetze met de hit "Chi-Chi Man".
Capleton
Capleton is de enige Jamaicaanse artiest die op verzoek van het Amerikaanse LGBT (Lesbian Gay Bisexual & Transgender Community Center) een verklaring wilde ondertekenen waarin hij zich distantieert van zijn homofobe teksten: "In naam van zijne keizerlijke hoogheid Haile Selassie verklaar ik dat mijn muziek niet aanzet tot geweld tegenover welk individu dan ook, welke levensstijl hij ook aanhangt, in Jamaica of elders. Het is betreurenswaardig dat sommige van mijn teksten, die ik op geen enkele manier meer zal vertolken, ervaren werden als persoonlijke aanvallen of verkeerd begrepen werden."
Rigo Verwimp
Rigo Verwimp is de organisator van Reggae Geel, deze zomer zowat het enige festival waar eigentijdse dancehall (digitale reggae) te horen is: "Ik ben nog nooit persoonlijk aangesproken op dit thema, ook niet door een homo-organisatie. Ik volg het ook maar via de pers. Voor de rest ben ik nooit een grote fan geweest van Sizzla, of Capleton, laat staan van die hele boboshanti-beweging (rastafundamentalisten, red.). In essentie zijn die gasten nog een stuk hypocrieter dan de niet-religieuze dancehallsterren, omdat ze voortdurend vrede en liefde prediken. Ja, bij ons staat dit jaar T.O.K. op het podium, maar ik vind het nog dubieuzer om zo'n artiest een verklaring te laten ondertekenen. Ofwel engageer je een zanger en laat je hem zijn gang gaan, ofwel zoek je iemand anders. Voor alle duidelijkheid: ik ben zelf tegen iedere vorm van homohaat, maar we moeten toch enig begrip kunnen opbrengen voor de situatie. Geef die mensen eerst gerechtigheid en een waardig leven, en ga dan een dialoog aan over ethische thema's. Zolang die primaire levensbehoeften niet vervuld zijn, heeft een opgestoken vingertje volgens mij alleen maar het tegengestelde effect. Wat ook weer niet betekent dat ik het eens ben met de Jamaicanen. Ik overweeg zelfs sterk om geen acts meer te programmeren die zich aan homofobie bezondigen en dat geldt ook voor de Belgische sound systems. Ik heb zo stilaan mijn buik vol van die opruiende en beledigende taal, en vooral van de onwil om er afstand van te nemen."
Raphaelita Irving
De Jamaicaanse Raphaelita Irving woont al jaren in België, presenteert dit jaar voor het eerst Reggae Geel en geeft er ook dansles: "Chi-chi man is een oud woord voor homo, maar T.O.K. heeft het weer populair gemaakt. Ach, T.O.K. heeft eigenlijk maar één nummer gemaakt over de batty boys, en ze roepen volgens mij niet op tot geweld. Het zal voor de meeste Jamaicaanse artiesten in elk geval heel moeilijk zijn om niet langer te zingen over homoseksualiteit. Wij krijgen met de paplepel ingegoten dat homofilie slecht en onnatuurlijk is. Jamaica is een oerchristelijk land waar je vroeger niet eens mocht praten over homo's. Het was een taboeonderwerp. Het woord dat toen gebruikt werd, was trouwens sodomie, afgeleid van de bijbelse zondige steden Sodoma en Gommora. Ik vind dat je nog altijd moet kunnen zéggen dat je tegen homoseksualiteit bent. We leven in een democratisch land waar vrijheid van meningsuiting bestaat, en het gaat hier duidelijk om een bepaalde mening. Als we artiesten gaan veroordelen omdat ze uitkomen voor hun mening, doen we afbreuk aan de democratische waarden. Maar ik besef ook dat het aanzetten tot haat en geweld niet door de beugel kan. Kill the batty boy, Burn the batty boy: dat soort teksten moeten ze gewoon achterwege laten, ook al zouden ze daar een pak Jamaicaanse fans mee verliezen, want zo gaat dat bij ons. Om de fans op de hand te krijgen, moét je bijna iets zeggen over homo's voor je met de show begint."
Carlo Di Antonio
Carlo Di Antonio organiseert Dour Festival, waar het concert van de sterzanger Sizzla moest geannuleerd worden omdat de hele Europese tour niet doorging: "Met de platen van Sizzla heb ik op zich geen probleem, daar hoor je eigenlijk geen homofobe teksten. Maar blijkbaar voegt hij daar op het podium een en ander aan toe. Misschien is het dan inderdaad een goeie oplossing om de artiest vooraf een verklaring te laten tekenen dat hij de rechten van de mens en dergelijke zal respecteren. Niet dat we dat aan alle artiesten moeten vragen, maar als er twijfels zijn, kan zo'n engagement toch bepaalde problemen voorkomen. Het gaat dan volgens mij met name over Sizzla, Capleton en Anthony B, hoewel die laatste dit jaar op Dour niks verkeerds heeft gezegd, toch niet voor zover ik weet. We moeten ons daar in elk geval over bezinnen, want ik wil niet dat Dour het festival wordt waar de Jamaicaanse acts eender wat kunnen zeggen. Maar ook de Jamaicanen zelf moeten maar eens goed nadenken, want op deze manier snijden ze zich natuurlijk in eigen vlees."
Paul Van Goubergen
Paul Van Goubergen is de man achter Pink wave, het homoprogramma op de Antwerpse Radio Centraal: "Er zijn maar heel weinig homo's die naar reggae luisteren, laat staan naar dancehallmuziek. Het RAF (Roze Actiefront) zou die zaak vroeger ongetwijfeld onder de aandacht gebracht hebben, zoals Outrage de zaken in Engeland aanklaagt, maar het RAF bestaat niet meer. Vandaag associëren de nog resterende militante homo's zich liever met een festival voor verdraagzaamheid dan op te komen tegen uitingen van homohaat. Die zich dan nog hoofdzakelijk voordoen op het internet. De zangers een verklaring laten tekenen? Dat is ook weer zo dubbel. In Jamaica zullen ze hun homofobe nummers nooit afzweren, want dan verliezen ze al hun fans. Ik weet ook wel dat de homohaat ginder nog diepgeworteld is, maar is dat geen reden te meer om die mensen te informeren, om ermee te praten en hen op andere ideeën te brengen? Een mens evolueert toch in het leven? Wij zijn toch ook geëvolueerd als maatschappij? Wat me verontrust, is dat sommige jonge Vlaamse gasten die dancehallzangers nakakelen. Wij vinden dat ook, zeggen ze dan. Wát vinden ze ook? Dat homo's op de brandstapel moeten? Me dunkt dat je de christelijke opvoeding hier niet als excuus kunt gebruiken om tegen homo's te zijn. Mensen in elkaar rammen omdat ze een andere seksuele geaardheid hebben, is niét cool. Oproepen om mensen te vermoorden tout court is niet cool. Dat doe je gewoon niet."

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Mar 27, 2008