
Er zijn nog maar weinig concertzalen waar je mag roken. En dus ook mag blowen.
In de meest toonaangevende concertzaal van het land, de AB in Brussel, is al sinds vorig jaar een rookverbod van kracht. Er hangen overal borden en de zaalwachten vragen je vriendelijk om je sigaret te doven. Of buiten te gaan. Een hele aanpassing toch. Het begrip "rokerige sfeer" is plots niet meer van toepassing.
Ik heb in 2006 nog twee reggeaconcerten gezien in de AB en twee keer hing er een zwaar rookgordijn in de zaal. Niet met de stank van tabak natuurlijk maar zoet geurend als de beste ganja. De zaalwachten waren er wel maar bleven gewoon op hun vaste plaatsen staan, aan de uitgangen. Iemand had hen duidelijk orders gegeven om niét in te grijpen en de blowers hun gang te laten gaan.
Zou het reggaepubliek in de nieuwe, rookvrije tijd opnieuw een uitzonderingsstatus krijgen? Wij zijn ook nooit of zelden lastig gevallen toen wiet nog taboe was in België, toen de enige plaatsen waar ooit openlijk geblowd werd de zalen waren waar een reggaeconcert plaatsvond. Dat verwonderde mij altijd want op "gewone" rockconcerten was het vrijwel ondenkbaar dat je een spliff opstak. Ik was ooit op een show van UB40 in de Antwerpse zaal Hof ter Lo, met mijn Jamaicaanse radioheld Mikey Dread in het voorprogramma. Toen hij zijn plaatjes stond te draaien, wisten we eigenlijk al hoe laat het was. DJ's waren toen nog niet de helden die ze vandaag zijn, een DJ op een podium was voor de meeste mensen een echte aanfluiting. Mikey Dread werd die avond daadwerkelijk uitgefloten door het publiek, een amalgaam van fans en hitparadevolk. Amper reggaeliefhebbers, want die vonden UB40 maar niks. Geheel ten onrechte. De Engelse band speelde in die tijd, midden jaren '80, geweldige concerten, niet alleen de hits maar ook zware dub en rootsreggae. De muzikanten blowden de hele dag door, zo wisten we uit een grote Hasjtest in de Oor, zij het nooit op het podium, zoals sommige Jamaicanen al durfden.
Toen mijn neef een feestelijke joint bovenhaalde om het optreden van Mikey Dread te vieren, week de massa rond ons plots uit elkaar, alsof er gevaar dreigde. Johnny's & Marina's (zijn dat in Nederland geen Anita's?) fluisterden elkaar iets in het oor en keken dan met een verontwaardigde, lichtjes hysterische blik in onze richting. "Die gast gebruikt drugs," hoorde ik iemand fluisteren: "Wie weet wat die straks allemaal gaat uitsteken?" Ik zegde het al: geen typisch reggaepubliek die avond. Om de omstaanders te plezieren, heeft mijn neef zich toen een beetje onnozel gedragen, iets wat hem in het bloed zit, waarna natuurlijk gelijkhebberige reacties volgden: "Zie je wel? Een echte junkie!" België in de jaren '80: wat lijkt het alweer een eeuwigheid geleden.
Ook in 2006: Sly & Robbie & Sinéad (O'Connor) in het Koninklijk Circus te Brussel. Roken verboden. Dansen eigenlijk ook, want het gros van de toeschouwers wilde gewoon blijven zitten. Wij dus naar een verloren hoekje ergens hoog op de balkons waar we gewoon konden bewegen en een blotje draaien, ver van security en betweters. Maar je moet er in het Koninklijk Circus dus wel iets voor over hebben. Gelukkig worden er amper reggaeconcerten georganiseerd.
De Roma in Antwerpen: roken verboden in de zaal en nu ook in de bar. Om te vermijden dat rokers en blowers de concerten zouden aanschouwen vanuit de bar en er toch een vermenging zou ontstaan, waren er er vroeger zware gordijnen opgehangen en bleven de deuren van de zaal gesloten. Een beetje flauw toch, en het gevolg was dat er voor het concert in de bar massaal geblowd wordt (als er reggae geprogrammeerd stond natuurlijk). De echte die hards stonden in de deuropeningen en werden voortdurend in de gaten gehouden, opdat ze maar geen stap te ver zouden zetten. En na het concert spoedde iedereen zich natuurlijk naar de bar, wat dan weer sneu was voor de DJ. Toen ik in De Roma de party mocht opvrolijken na het concert van Groundation zag ik mijn vrienden en hun collega-blowers helemaal achterin de zaal staan, vlakbij de deuropeningen. Intussen mag er nergens in de Roma nog gerookt, laat staan geblowd worden, zelfs niet backstage.
In de Handelsbeurs (Ha') in Gent geldt sinds vorig jaar ook een absoluut rookverbod. Zuipen mag wel. Daar hebben de anderen zogezegd geen last van. Dan vergeten we volgens mij wel de ziektekosten die gewoontedrinkers op latere leeftijd of als chauffeur onvermijdelijk genereren, maar dat interesseert natuurlijk geen hond.
Backstage heb ik nog nergens iets gemerkt van een rookverbod. Als journalist heb ik het voorrecht om daar vrijelijk te bewegen en dat is voor een blower mooi meegenomen. Niemand is mij al ooit komen berispen terwijl ik met een artiest een spliff zat te bouwen of te blowen. Integendeel: sommige organisatoren zijn blij dat ik iets bij heb want daar vergeten ze zelf maar al te vaak aan te denken. Op de riders (de verlanglijstjes van de optredende artiesten) mogen de meest buitenissige wensen staan, van hele ladingen Jack Daniels en chocolade tot exclusieve badkamerproducten, maar een zakje wiet kan er niet af. En mag natuurlijk ook niet op die rider staan. Alleen organisatoren met een hart voor reggae brengen op eigen initiatief iets mee. Een beetje fruit en wat lekkere ganja: meer hebben de Jamaicanen en hun spirituele broeders uit andere landen niet nodig om zich goed te voelen.
Maar die backstage zal straks dus wellicht nog de enige plaats zijn waar gerookt/geblowd mag worden (tenzijn in de Roma). Als de nieuwe wet wordt toegepast, worden de bars en de foyers geheel rookvrij en rest de tevreden roker (nooit een onruststoker!) alleen nog de straat. Het zal me benieuwen of het reggaepubliek onder die voorwaarden nog zal komen opdagen. Blowen maakt deel uit van de groengeelrode cultuur. Een concert zonder ganja kunnen de meeste fans zich nauwelijks voorstellen, ook als ze zelf niet blowen. Terwijl dat in de Verenigde Staten bijvoorbeeld al jaren heel gewoon is. Zouden wij ook wennen aan die nieuwe nuchterheid in de concertzalen? Zullen de (reggae)concerten in de toekomst nog zo druk bezocht worden als je niet meer mag blowen? En zal die hele business dan nog rendabel blijven? Het gaat trouwens al lang niet meer alleen om de reggae. Hip-hop, drum & bass, ambient: er zijn tegenwoordig wel meer muziekculturen die zich laten inspireren door het heilige kruid, ook in de zalen. Maar ik denk dat die fans net iets gedweeër zullen reageren dan wij. Volgens de rasta's is ganja the healing of the nation, hét geneesmiddel voor alle fysieke en mentale kwalen, maar ook een onontbeerlijk ingrediënt van levende reggaemuziek. Daar is volgens mij geen campagne tegen opgewassen.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Oct 13, 2006