Reggae.be
Reggae Festival Summer 2005 (De eerste week)
Event ReportJul 08, 2005

Reggae Festival Summer 2005 (De eerste week)

By Jah Shakespear

Aster Aweke, Groundation, Collie Roots, Couleur Café: het festivalseizoen had niet mooier kunnen beginnen.

Niemand zingt als Aster Aweke. Ze wordt wel eens de Ethiopische Aretha Franklin genoemd maar die vergelijking slaat nergens op, ook al heeft de muziek een funky inslag en woont de zangeres al bijna 30 jaar in de Verenigde Staten. Het is een stem die golft en slingert van hoog naar laag, vrij en ongebonden, gerijpt in een land waar tot in de jaren '90 nauwelijks muziek uit de rest van de wereld te horen was. Ethiopië is als enig Afrikaans land nooit gekoloniseerd en de enige buitenlandse (Armeense) muzikanten maakten deel uit van de keizerlijke fanfare. Zij wilden in hun vrije uurtjes wel eens wat lichte jazz spelen in de Amazon Club in de hoofdstad Addis Ababa maar de ontmoeting met plaatselijke muzikanten leverde al gauw heel nieuwe, in onze oren vaak bizar klinkende ritmes en arrangementen op. In de Ethiopische muziek valt niet zozeer het gebruik van authentieke instrumenten op, zo kenmerkend voor de West-Afrikaanse klank, als wel die intrigerende, geheel onvoorspelbare patronen in zang, ritmiek en melodie.

Aster Aweke heeft het oude instrumentarium voor deze tournee zelfs gewoon thuisgelaten. In het Zuiderpershuis betrad ze op 24 juni het podium met een wel heel minimalistische bezetting van elektrische bas, drums en toetsen. We betwijfelen of het trio zonder haar langer dan twee minuten zou kunnen boeien maar eens je wordt meegesleept door de unieke uithalen en stembuigingen van Aweke ontkom je ook niet meer aan de muziek. Je hoort hoe ze vocaal inspeelt op de ritmes, om ze dan weer arrogant, zo lijkt het wel, te overstijgen. Wie doet mij nog wat? Ik zing soeverein mijn lied, als een vogel in de lente, ver verheven boven het aardse gewoel.

Niet dat Aster Aweke op het podium zo'n goddelijke verschijning zou zijn. De zangeres had zichtbaar last van de warmte en is door het jarenlange verblijf in de States blijkbaar ook de euskeutaâ vergeten, het typische snokken en schudden met de schouders. Liever beweegt ze zich tegenwoordig als een wat vadsige Tina Turner, op zijn Amerikaans dus. Als je mensen mooi wilde zien dansen, moest je in het publiek kijken, waarvan ruim de helft al na een paar nummers vooraan stond te zweten. Typisch Zuiderpershuis, de helft van het volk aandachtig toekijkend op stoeltjes, de rest als echte fans dansend voor podium, zij het in dit geval allemaal op verschillende wijze.

Voor de pauze leek het alsof Aster Aweke in deze omstandigheden (bloedheet, kleine bezetting) nooit zo intens en gedreven zou kunnen zingen als bij haar eerste passage in België begin jaren '90, toen ze met twee wondermooie en vooral goed verdeelde cd's wereldwijd respect en erkenning verwierf. Maar de rauwe schoonheid van 'Kabu' veegde de twijfels definitief van tafel. Dit sneed door merg en been. Dit riep beelden op van het wijde Ethiopische hooggebergte, opgerept en ongeschonden, waar een stem nog wonderen kan doen. Het is die grenzenloosheid, die durf om telkens nog een toon hoger of lager te gaan, om een melodie eindeloos te rekken en weer aan elkaar te breien, die van Aster Aweke zo'n uitzonderlijke zangeres maken. Door wat voor muziek ze zich ook laat begeleiden. Na Kabu volgde alweer een feestelijk, zeg maar wild nummer, terwijl Tchewata voorbij kabbelde als een glinsterende rivier. Toch niet slecht, voor drie muzikanten.

Topconcert van Groundation in De Roma

De volgende dag Groundation in De Roma. Superlatieven schieten tekort om dit superieure concert te beschrijven maar er mocht in de zaal niet geblowd worden en toch was dit een hallucinante, geestverruimende vertoning. Dat zegt al veel, en de reacties achteraf, van blowers en niet-blowers, waren unaniem: schitterend, het beste wat we ooit gezien hebben, de max. We verwijzen u graag naar eerdere bijdragen op deze site over Groundation, alleen was dit concert nog beter dan Eeklo.

's Namiddags een paar uur in Sint-Maria Aalter geweest, op Collie Roots. Een groep waarachtige roots people en dito dj's hadden er hun eigen rastaman camp opgezet, doordrongen van vibes die je in de stad niet meer vindt. Net als in Jamaica moet je daarvoor naar de country, naar de diepe binnenlanden van Oost- en West-Vlaanderen. Respect to Rastov & friends voor deze grounation. Jammer dat ik niet kon blijven om de groepen te zien, maar volgend jaar kom ik wat langer.

Couleur Café: de wereld is een stad geworden

Meer dan ooit reflecteert Couleur Café het leven in de wereldstad die Brussel is. Of Rio, of Kinsjasa, of Kingston. Publiek en artiesten vinden elkaar in hun kosmopolitische kijk op het ritme van de tijd, of beter: op de talloze broeierige ritmes die 's nachts weerklinken op straat en in de clubs. Reggae, funk, techno, congotronics, hiphop samba, Zap Mama, Afrikaanse rock: zo kleurrijk en verscheiden het publiek op Couleur Café, zo gevarieerd en opwindend is het muzikale aanbod.

Zelfs dance kan nu in Thurn & Taxis, en het hoeft niet eens meer Buscemi te zijn. Het clubtentje van drie jaar geleden is vervangen door een immense hal, Electro World, waar 's avonds blitse modeshows, breakdance, stunts en andere stadse spektakels plaatsvinden, en rond middernacht een after party begint, vrijdag met het hyperkinetische duo Barman-Bolland (Magnus) op de dj-toren, zaterdag met Jah Shaka, ook al lieten beide acts zich onmiskenbaar de loef afsteken door respectievelijk D'Stephanie en Black Magic Plastic. Minder streken, meer goeie muziek. Ik heb begrepen dat er wat problemen waren met de rider van Jah Shaka, die sowieso al niet wou plaatsnemen op de dj-toren. Gewoon een tafel met een deken en enkele foto's van HIM, twee platendraaiers en een mengpaneeltje (dat hij niet gebruikt): meer heeft de man niet nodig en veel valt er dan ook niet te beleven. Shaka begon met dezelfde selectie als vorig jaar in Oudenaarde (Bob Marley, de ska-versie van 'One Love', zelf wat zingen) en na 'Jah works', mijn all time favoriete Gladiatorsnummer, zijn we naar huis gegaan. Elektroworld was toen al grotendeels leeggestroomd. In Geel zal het beter zijn, op de sound system van King Shiloh.

De roep van Live8 deed zich ook op Couleur Café gevoelen. Hoewel solidariteit en rechtvaardigheid hier natuurlijk al veel langer hoog op de agenda staat. Naast de commerciële souks was er dit jaar voor het eerst ook een ngo-dorp en de opbrengst van een groot deel van de restaurants gaat rechtstreeks naar uiteenlopende goede doelen. En er wordt wat afgegeten in die twee GoedEtenstraten die het festival nu al heeft. Tot diep in de nacht staan, zitten en lopen mensen te schransen. Wij zijn er vrijdagavond pas rond één uur aan toe gekomen. Minstens drie schitterende concerten gezien en dan vergeet je de honger. Er waren de Belgische toppers maar voor de meest verrassende en hartverwarmende show tekende het Malinese duo Amadou et Mariam. Het blinde koppel zingt simpele liefdesliedjes, 'Je pense à  toi', maar doet dat op ontwapenend authentieke wijze en laat zich live begeleiden door een heuse rockgroep. Zie je de twee in hun videoclip nog onder een boom zitten in een godvergeten Afrikaans dorpje, op het podium ontpopt vooral Amadou zich tot een bevlogen gitarist, helemaal ingepalmd door het idioom van de westerse rockmuzikant. Een heel verschil in elk geval met de nog redelijk etnische eerste platen die het duo in het verleden gemaakt heeft, maar ook met het recente 'Un dimanche à Bamako', een productie van Manu Chao en winnaar van de Franse Victoire de la Musique (categorie Reggae/Ragga/World), een onderscheiding die ook Arno te beurt is gevallen. Op Couleur Café kregen we een onversneden potje Afrikaanse rock geserveerd zoals we nog maar zelden gehoord hebben.

Ook een verrassing van formaat: het concert van een herboren Alpha Blondy, de Ivoriaanse superster, koning van de Afrikaanse reggae. Perfecte klank, perfecte groep, perfecte set, perfecte onde drop. En een perfecte timing van de statements over Afrika. En een perfecte timing van de statements over Afrika. "Wij, Afrikanen, moeten eindelijk durven erkennen dat de ellende op ons continent te wijten is aan onze eigen leiders. Egoïsten zijn het, egocentristen  en hypocrieten. Laten we hen zo vlug mogelijk verdrijven."

Alpha's land- en genregenoot Tiken Jah Fakoly deed daar de volgende dag nog een schepje bovenop. Zijn werk is één grote aanklacht tegen de leugens en de hebzucht van de meeste Afrikaanse leiders, en hij vond in Brussel een dankbaar gehoor, ook al zat een groot deel van het publiek op dat moment nog te kijken naar de echte Live8 op televisie. Hoe dan ook een opmerkelijk gegeven: terwijl de blanke popsterren hun oproep richten aan de G8, wijzen hun Afrikaanse collega's met de vinger naar de leiders van de arme landen.

Het meest indringende concert onttrok zich aan al die verwijzingen en verplichtingen. Het Congolse Konono Nr.1 zette zaterdagnacht na het alweer fantastische, zelfs kunstzinnige vuurwerk, een ritme in dat geleidelijk bezit nam van lichaam en geest, primitieve trance opgebouwd uit trommels, percussie en het lichtjes hallucinante getokkel op drie likembé's (duimpiano's, eigenlijk niet meer dan wat flexibele ijzeren staafjes op een plankje). Verstoord versterkte oermuziek die de oermens in ons ook daadwerkelijk losmaakte. De rest laten graag over aan uw fantasie. 

Reggae Festival Summer 2005 (De eerste week)

About the Author

Jah Shakespear
Meer

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).

Genres

DubRootsDancehallRaggaReggaeNew Roots

Published

Jul 08, 2005