
December 2002. Dub blijft mij verbazen. Ik had 25 jaar geleden al het gevoel dat dub, misschien meer nog dan reggae, de tand des tijds zou doorstaan, ja zelfs nog decennia lang muziek voor de toekomst zou blijven. Vandaag is dub veruit de spannendste en meest creatieve dochteronderneming van de reggae.
Downbeat wordt het tegenwoordig ook genoemd, chill out music, of zelfs lounge. En triphop, is dat dan geen dub? 'Smokers' Delight': de titel van de twee schitterende verzamelalbums op Mo' Wax zegt genoeg. Ambient is misschien alweer passé (iemand nog iets van The Orb gehoord?), maar what about drum & bass? Zo noemden wij dub toen toch ook al? "Strictly drum'n'bass gonna wind up your waist...", zong de MC toen Sly & Robbie destijds met Black Uhuru toerden.
Ook live krijgt dub stilaan inhoud. Een paar weken geleden zag ik in Amsterdam (De Melkweg) Thievery Corporation, twee Amerikaanse dj's die al een paar schitterende remix-CD's op hun naam hebben, vol dub- en reggae-samples, op ritmes die variëren van roots tot drum & bass. Op het podium verscheen het duo met twee percussionisten, een sitarspeler, drie zangeressen en twee toasters (niet de allerbeste, maar dat wisten we al van Thievery Corporation - ook in de studio komen niet altijd de meest begaafde Jamaicanen opdagen), een bezetting in elk geval die evenveel kleur en afwisseling verzekerde als in de studio. Het eerder wufte publiek had wellicht iets loungier verwacht, zo was het concert ook aangekondigd, als lounge, maar dit was natuurlijk gewoon dub, loodzwaar en overwegend reggae riddims. Zelden heb ik Stalag zo vet horen klinken. De zangeressen zweefden met hun stem etherisch over al die beats en drukte heen, als Julee Cruise in Twin Peaks. Misschien is dat wel het Amerikaanse accent dat Thievery Corporation legt, de bevreemdende vibes van Angelo Badalamenti, huiscomponist van David Lynch (de producer van Twin Peaks en enkele van de beste films aller tijden). Dat is in elk geval de sound die door mijn hoofd spookte toen ik de frèle zangeresjes bezig zag en (in de verte, als onweerstaanbare Sirenen) hoorde. Meer toch dan de Braziliaanse ritmes waar Thievery Corporation in interviews graag mee uitpakt, en die ook de selectie beheersten van de lounge-DJ achteraf.
Heerlijk concert dus, in de Melkweg, en dat geldt ook voor het nieuwe album van Thievery, 'The Richest Man In Babylon'. Iets minder dubby dan de vorige producties, in het prachtige fotoboekje (zwartwitfoto's van armen en onderdrukten uit de hele wereld) staan zelfs een paar teksten afgedrukt, maar nog altijd zwanger van de reggae, al was het maar in samples van de U Roy en de Rastafari Elders. Check it out, als u wil weten op welke muziek de mensen in de toekomst zullen dansen, en waarom dub nog altijd een grote toekomst wacht. Maar er is nog meer postmoderne, extravagante dub op de markt. Het derde deel van 'Selected Cuts' bijvoorbeeld, de nu al klassieke reeks van Blood & Fire, geniale compilaties van oude rootshits in een eigentijdse dance version, gecreëerd door de beste DJ's en remixers van het moment. Vier tracks van Big Youth op de wijze van Groove Corporation, Smith & Mighty, Small Axe en Disciples, acts waar ik op zich al iedere release van wil kopen. Horace Andy ('Do You Love My Music') à la Black Star Liner (niet alleen de scheepvaartmaatschappij die de zwarte Amerikanen terug naar Afrika zou brengen, maar ook de naam van een UK DJ), Jah Stitch door de oren van Pressure Drop, en Cornell Campbell in de stijl van Walkner. Möstl uit Wenen. Prince Alla ging door het mengpaneel van Don Letts en Dreadzone, en de Blood & Fire Megamix is een werkstuk van Fila Brazilia. Nobele onbekenden misschien voor wie alleen naar roots en/of dancehall luistert, maar dit zijn stuk voor stuk geluidstovenaars, en wat mij betreft de beste DJ's ter wereld. Ieder nummer spat uit de speakers, in al zijn kracht en rijkdom, fantastische cocktails van oud en nieuw. Had ik Gregory Isaacs al vernoemd ('Get Ready', met een virtuoze nieuwe saxsolo)? En Keith Hudson (voor de 1000ste keer Sata, en toch weer een surprise)? Laat maar komen, volume 4!
De toekomst ligt helemaal aan je voeten met het nieuwe album van Gorillaz. 'Spacemonkeys versus Gorillaz - Laika Come Home'. "Brand New Dub Re-Working Of The Gorillaz Album featuring Terry Hall, U Brown, Earl 16 and 2D" meldt de sticker en daar hebben we eigenlijk maar weinig aan te voegen. Dit zou inderdaad wel eens de meest spaced out dub van dit decennium kunnen zijn, de originele songs nog nauwelijks maar toch net genoeg herkenbaar. En ja, op 'Lil' Dub Chefin'' zingt het voormalige opperhoofd van The Specials mee, Terry Hall. U Brown doet de rub-a-dub, Earl 16 is altijd te vinden voor een experiment en 2D, tja, die ken ik eigenlijk niet, maar hij (?) schuift wel op alle nummers mee aan tafel. Opmerkelijk is ook de bijdrage van Tina Weymouth (ex-Talking Heads), en het sporadische gebruik van blazers, castagnetten, clavinet (met een v), melodica, stilofoon (?), fluit en strijkers. U kunt zich niet voorstellen hoe blij dit soort nieuwe dubs mij maakt. Mijn eerste tien reggaeplaten waren dub-LP's en ik had me een tiental jaar geleden eerlijk gezegd al verzoend met het einde. In Jamaica zou wel nooit meer goede dub gemaakt worden, dacht ik toen. Maar dus wel daarbuiten, en nog veel beter ook. Dub is en blijft de soundtrack van de future.

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Dec 02, 2002