
April 2002. Zelden een groep zien optreden in zo'n ondankbare omstandigheden als Internationals op het verzopen Manu Mundo festival. Om half één 's middags moesten ze er al aan beginnen. In de drassige wei voor het hoofdpodium stonden een tiental mensen te verkleumen, vrienden en familie van de muzikanten. Er viel een zachte motregen. En toch was al die ellende op slag vergeten toen The Internationals aan hun set begonnen. Percussionist Junior Mthombeni ontpopte zich meteen tot een hilarische MC, een kruising tussen Shaggy en de grote Jamaicaanse shouters uit de sixties, wat de in hoofdzaak instrumentale muziek van de groep een bijkomende feestelijke dimensie gaf. En een mooi alternatief vormde voor de kleurrijke effecten en productietechnieken die het debuut van Internationals tot zo'n bijzonder schijfje maken.
Sommigen zouden Internationals omschrijven als het zoveelste product van de zogenaamde incestueuze Antwerpse scene, maar je kan net zo goed stellen dat al dat muzikale talent terecht kan in de meest uiteenlopende groepen. Als je in dit land wil leven van de muziek, zonder subsidies en ook zonder al te veel toegevingen te hoeven doen, moét je trouwens wel in verschillende bands spelen. Zo ook enkele Internationals, die we eerder al tegenkwamen bij Wawadadakwa, El Tattoo del Tigre, The Skyblasters (uit Gent!) en Wizards of Ooze. Het waren ook Wim Tops en Peter Revalk van diezelfde Wizards die de mini-cd van The Internationals geproduceerd hebben. Met veel panache en inventiviteit, zo overtuigend organisch en authentiek Jamaicaans klinken de zes nummers.
Ook The Skatalites, de oervaders van het genre, durfden in de legendarische Studio One destijds heftig loos gaan met woeste kreten, special effects en andere spielereien. Terwijl de ritmesectie en de blazers onverstoorbaar door blijven gaan, want dat is en blijft de grote aantrekkingskracht van de ska in al zijn verschijningsvormen, van The Specials tot No Doubt en de talloze andere groepjes die zich sinds de jaren '60 aan de muziek gewaagd hebben. Zeker als ze, zoals The Internationals én The Skatalites, een heuse contrabassist in huis hebben.
"Ik kom uit het bluesmilieu," zegt Kristiaan 'Boss' Bosschaerts, "en ska is voor mij pure blues. Gewoon eindeloos hetzelfde akkoord aanhouden. Zalig." Bosschaerts toont zich terecht uitermate tevreden met de klank van de CD, en dus met de productie van Tops en Revalk. "De opname is met de computer gebeurd, maar wel grotendeels in één take, met één microfoon voor de vier blazers, als in het repetitiehok. Voor we de studio indoken, hebben we keihard gerepeteerd, en daardoor hebben we het hele album in één dag kunnen opnemen. De Wizards hebben dan met behulp van een speciale plug ook hun analoge apparatuur aangesloten, hier en daar wat effecten toegevoegd, het nieuwe millennium heeft zo z'n rechten, maar het moest wel een levende sound blijven, fris en knisperend."
Zoals de muziek van The Skatalites dus, toch toen ze jong waren en ter ere van de Jamaicaanse onafhankelijkheid een heel nieuw muziekgenre creëerden.
"Ik heb de oude, authentieke ska van The Skatalites pas midden jaren '90 ontdekt," zegt Denis Dellaert, gitarist en mede-oprichter van The Internationals. "En ik was vanaf het eerste moment helemaal verkocht. De Engelse punkska heeft mij nooit zo kunnen charmeren, maar die oorspronkelijke sound zette mij echt aan het dromen. Ook live vond ik The Skatalites toen heel goed, met name op de Antilliaanse Feesten. Sinds de twee oude saxofonisten gestorven zijn, is het wat minder, maar zij blijven onze grote voorbeelden."
Boss vult aan: "Ska is de basis, maar van hieruit willen we toch gaan experimenteren. Met goed uitgewerkte zangpartijen, met andere Caribische en Latijns-Amerikaanse ritmes, met polka's zelfs, of in de studio, met de machinerie van de Wizards. Op het podium willen we ook wat meer effecten gaan gebruiken. Onze mixer durft al eens een dubje steken, en meestal heb ik een kleine effectmachine bij voor de stem."
Het repertoire van The Internationals bestaat op dit moment voor zowat de helft uit covers. Van The Skatalites natuurlijk, maar ook van de Duitse orkestleider Bert Kaempfert (naar het voorbeeld van The Skatalites), van oude bluesboogaloo's, het thema van Bonanza, en van andere populaire, zonnige tunes uit de jaren '50 en '60. Maar het aandeel van de eigen nummers groeit gestaag. In het najaar moet de eerste full CD van The Internationals verschijnen, en volgens Dellaert heeft de groep nu al genoeg materiaal om twee CD's te vullen. Die nieuwe cd zal trouwens ook op vinyl verschijnen.
"Klinkt nog altijd beter, dieper, warmer, afgeronder," vindt Boss. "Ik kan het niet uitleggen, maar als ik het geluid van een plaat vergelijk met dan van een cd, ook van nieuwe groepen, verkies ik altijd de plaat. En dat heeft dus niets met ska of reggae te maken. Ik luister gewoon veel naar oude muziek, rock'n'roll, blues, en al die oude platen klinken beter. Een LP-hoes is ook veel toffer om vast te pakken. Zo'n CD-doosje doet mij teveel denken aan computers, en wij maken geen computermuziek."

Luistert naar reggae sinds 1977, schrijft er professioneel over sinds de vroege jaren 80 (in De Morgen, De Standaard, P-Magazine, Highlife en vele andere bladen) en richtte deze site op in 2002. Auteur van 'De Rasta Revelatie' (2008) en 'In Het Spoor Van De Keizer' (2016).
Apr 06, 2002