History

Ethiopia Calling 11: het mirakel van Aksum

Om half vijf loopt de wekker af. Heel even overweeg ik om toch maar te blijven liggen maar dat zou dom zijn. Hoe vaak kan ik dat meemaken, een processie rond de enige echte Ark des Verbonds, in het gezelschap van een paar honderd Ethiopiërs?

Part 10

Ik heb Temesgen trouwens al 150 birr betaald om mij te vergezellen. Veel geld? De jongen komt helemaal van de andere kant van het stadje, een kleine drie kwartier te voet, en neemt me mee naar een ceremonie waar een blanke Europeaan hoogst zelden getuige van kan zijn. Ik voel me nu al bevoorrecht.

De eerste priester leest voor, de tweede houdt een heilig boek open, gehuld in fijne zijde doorweven met gouddraad. De derde priester, gekleed in prachtig rood en purperen fluweel, draagt de tabot boven zijn hoofd. De priesters met het boek en de ark worden allegorisch beschermd door zwaarfluwelen, met edelstenen ingezette parasols, nog een kenmerkend ingrediënt van de religieuze riten. Een paar mannen spelen muziek, drums, tsenatsel (sistrum), een paar mannen zingen voor, iemand deelt kaarsen uit (een wiek met wat was rond), een andere stuift geurwater op de aanwezigen. En zo zet de stoet zich in beweging, tegen de wijzers van de klok, rond de grote kerk, door de twee hoofdstraten van Aksum, een paar duizend mensen samen op stap, allemaal in het wit gekleed, biddend en zingend. In de zijstraten buigen vrouwen zich helemaal naar de grond, uit eerbied voor de ark en de priesters.

Ik ben er nog nooit geweest maar zou dit misschien te vergelijken zijn met de kaarsjesprocessies in Lourdes? Alleen doen de Ethiopiërs het wel al duizenden jaren en niet omdat een meisje hier ergens een verschijning van Maria heeft gezien. Het kan inbeelding zijn, een beetje wishful thinking misschien, maar ik voel me langzaam helemaal opgaan in het geheel. Misschien is het wel die verbondenheid die veel mensen zo aanspreekt in religie. Wat er ook gebeurt in het leven, deze mensen staan klaar om je te helpen en op te vangen, om voor je te zorgen als het moet. Samen begroeten we de dag, zingend, biddend, en wensen elkaar het beste toe. Duizenden vogels doen mee, want intussen is de zon opgekomen. We hebben een uur gestapt en de priesters lezen nog een half uur voor in het Ge’ez, een tekst uit de Mirakels van Moeder Maria, die voor de gelovigen vertaald wordt in het Tigre, de plaatselijke taal. En zo gaat het hier dus al tweeduizend jaar. In stilte bedank ik iedereen voor het gezelschap. ‘Farenji!’ roept een kind, ‘vreemdeling’, en ik krijg er alweer een stralende glimlach bij.

Teruggekeerd op de kamer lig ik nog wat stilletjes na te gloeien. Dit was waarlijk een uitzonderlijke ervaring. Ik voel me vervuld van warmte en dankbaarheid.

Wat ik niet meer voel, besef ik plots, is mijn rug. De pijn is weg. Ik buig me voorover, dieper dan ik de laatste maanden ooit gedaan heb. Ik kan mijn lichaam gewoon bewegen, draaien en wentelen in alle richtingen. Een mirakel! Niet in Lourdes maar in het zoveel heiligere Aksum. De Ark des Verbonds heeft me verlost van mijn kwaal.

Later die dag maken we een wandeling door het stadje. Zo sober en eenvoudig leven de Ethiopiërs in de provincie, merken we nu pas. Armoedig, zou je ook kunnen zeggen, maar dat zou geen recht doen aan de gemoedelijke drukte in de stad. Zowat iedereen werkt en leeft op straat, er zijn tal van winkeltjes en cafeetjes, een paar simpele hotelletjes ook, en bovenal kinderen, vele honderden kinderen en jongeren die het leven nemen zoals het komt, noodgedwongen natuurlijk maar ook vrolijk en ongedwongen. Wij zijn voor hen blijkbaar een bezienswaardigheid, wat erop wijst dat de meeste toeristen zelden verder kijken dan de muren van hun hotel.

Een man op een fiets spreekt ons aan. ‘Hello, my name is Hagos Yoannis.’ We hebben hem eerder al vriendelijk toegelachen op straat, en die reactie heeft Hagos gesterkt om zich aan ons voor te stellen. Hij vraagt of we vanavond naar zijn schooltje willen komen, het Sunshine Language Center, waar hij de kinderen voor een kleine vergoeding Engelse les geeft, buiten de reguliere schooluren. Hagos gloeit van geestdrift, we beseffen dat we deze mens een heel groot plezier zouden doen door op zijn verzoek in te gaan.

‘OK, we zullen er zijn,’ zeg ik. ‘Vanavond om zes uur.’ Hagos bedankt ons duizendmaal en wenst ons al het goede wat je een medemens maar kan wensen. In de naam van God natuurlijk, want Hagos is ook een heel devote en godvruchtige man.

We keren nog even terug naar de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal, zoals St. Mary in Vlaanderen zou heten. Die van Antwerpen is mooier, daar zouden zelfs de inwoners van Aksum het mee eens zijn, maar daar hebben ze geen Ark. Ik wil nog een paar foto’s nemen van de kapel, een laatste poging om dit historische bezoek (toch in mijn levensverhaal) tastbaar te maken. We laten ons opnieuw vergezellen door een gids, niet omdat we uitleg nog eens willen horen maar gewoon omdat hij die uitleg plots gewoon aan het geven is. Terwijl ook de priester met de kronen en kruisen weer zijn verhaal doet, komt er via een achterpoortje een oude man uit de kapel. ‘It’s the guard of the ark!’ fluistert onze gids vol ontzag en hij buigt diep. ‘You are very lucky you see him.’ Hij kijkt rond, er is verder niemand te bekennen. ‘He never comes out! You are very lucky,’ herhaalt hij.

De wachter en ik kijken elkaar aan. Ik ben te verrast om iets te zeggen maar meen wel een guitige oogopslag van herkenning te zien. Weer zo’n blanke die ons gelooft, die weet dat ik wel degelijk de Ark des Verbonds onder mijn hoede heb. Geen bijgedachten, geen dubbele bodems. Dit is hoe dan ook een heel zuivere man, misschien wel een heilige. Ik hervind mijn taal en zeg tegen de gids in het Engels dat hij de wachter in onze naam moet bedanken voor de goddelijke taak die hij ter harte neemt. De heilige reageert met een lach die me doordringt van rust en vreugde. Hier komt alles samen, mijn jarenlange belangstelling voor reggae, rastafari en Ethiopië, in deze gezegende lach. Mij is een blik op het beloofde land gegund, durf ik bijna denken. En dat ik in mijn hart toch wel echt een christenmens moet zijn, want hoe zou dit mij anders allemaal zo sterk kunnen beroeren?

(Wordt vervolgd)

Published on 17/11/2007 by Jah Shakespear

Comments

There are no comments.

You need to be registered and logged in to post comments.







Copyright © 2005 - 2009 Reggae.be. All rights reserved.